Dat het asbest een belangrijke kostenfactor zou worden, bleek al uit het onderzoek dat Search en TNO in het voorjaar van 2005 hadden gedaan. "We hebben Woonbron inderdaad afgeraden om het schip te kopen", aldus Bakker van het Havenbedrijf, dat het schip verkocht. De enige optie was om het schip volledig van het asbest te ontdoen. Maar als dat zou gebeuren, gingen de karakteristieke kenmerken van het schip verloren."
'Koop is weloverwogen gedaan'
Desondanks stapte woningcorporatie Woonbron, toen nog met partner Eurobalance, in het schip. Volgens Onno van den Brink, directeur van de Rederij de Rotterdam BV, heeft Woonbron die keuze weloverwogen keuze gemaakt. ,,Het mag dan zijn afgeraden, Woonbron had en heeft een eigen verantwoordelijkheid.
Enthousiasme
Alle plussen en minnen zijn bij elkaar opgeteld. Ook het asbest is daarbij ter sprake gekomen. Op die basis is besloten om het schip te kopen.'' Van den Brink vindt die keuze nog steeds te verdedigen. "Je ziet het enthousiasme bij de mensen die onlangs op de Rotterdam zijn geweest. Zij vinden het fantastisch dat het schip in de oude luister is hersteld en dat het een erfgoed wordt niet alleen voor de stad Rotterdam, maar voor heel Nederland".
De Rotterdam werd destijds voor 1,8 miljoen euro aangekocht. Anderhalf jaar later haakte Eurobalance alsnog af. De investeringsmaatschappij oordeelde dat de kosten van het project te hoog zouden worden.
5 miljoen euro
Het Havenbedrijf was in 2003 mede-eigenaar van het schip geworden – via de Rotterdam BV - door het verstrekken van de lening van 5 miljoen euro voor de aankoop van de Rotterdam. Na het faillissement van RDM en de Rotterdam BV in december 2004, zat het Havenbedrijf met het schip in haar maag.







