Medewerkers Vluchtelingenwerk trekken aan de bel over inzage dossiers

Bij Vluchtelingenwerk in Rotterdam kunnen medewerkers de privacygevoelige gegevens van alle 1300 Rotterdamse statushouders inzien. Tien anonieme medewerkers van de instelling maken zich nu zorgen over fraude en misbruik, meldt NRC.

De instelling begeleidt statushouders - vluchtelingen met een verblijfsstatus - bij zaken als administratie, school en werk. Maar op de Rotterdamse kantoren is de werkwijze iets anders: Rotterdam is een grote stad en daarom zijn er spreekuren voor de 1300 statushouders.

Omdat zij altijd kunnen binnenlopen, hebben de medewerkers toegang tot alle dossiers nodig, ook in het weekend en 's avonds.

"Dat is een bewuste keuze", zegt een woordvoerder van Vluchtelingenwerk. "We werken met een webapplicatie die medewerkers altijd toegang geeft tot alle dossiers. Medewerkers gaan soms namelijk ook thuis bij statushouders langs en dan moet je met je laptop alles kunnen inzien en regelen."

Zorgen

Nu uiten zo'n tien, al dan niet voormalige, medewerkers in de regio Rotterdam hun zorgen over de open toegang tot de informatie. Het systeem is weliswaar beveiligd: een wachtwoord is nodig en een speciale 'token' geeft een code door, maar die tokens mogen medewerkers ook mee naar huis nemen en dat baart ze zorgen.

Zo weet een medewerker uit eigen ervaring dat mensen in dossiers kijken van cliënten die ze niet begeleiden.

Volgens Vluchtelingenwerk zijn alle maatregelen genomen om misbruik te voorkomen: de organisatie registreert het gebruikersgedrag van medewerkers en houdt in de gaten of er opvallend meer dossiers geopend en gelezen wordt.

Ook voldoet het systeem aan alle veiligheidseisen en is bij de laatste update in februari rekening gehouden met toekomstige regelgeving.

"Uiteindelijk valt of staat ieder systeem bij de integriteit van de medewerkers die het gebruiken", zegt de woordvoerder. "Als medewerkers iets signaleren, kunnen ze dat het beste aankaarten bij hun leidinggevende."

Of de tien anonieme medewerkers hun zorgen eerst intern hebben gemeld, wist de woordvoerder niet.

Meer over dit onderwerp:
Nieuws
Deel dit artikel: