INNOVATIE
Zo maakt Rotterdam AI begrijpelijk, eerlijk én toegankelijk voor elke inwoner
We krijgen in ons dagelijks leven op steeds meer terreinen te maken met AI, en dan gaat het niet alleen over chatbots als ChatGPT. Maar hoe zorg je ervoor dat kunstmatige intelligentie voor iedereen begrijpelijk, eerlijk en toegankelijk is? Het Sociaal AI Lab Rotterdam betrekt inwoners bij de ontwikkeling van AI-toepassingen.
Kunstmatige intelligentie is hot, en dat verklaart ongetwijfeld de drukke aula van De Hillevliet in Rotterdam-Zuid. Het Sociaal AI Lab Rotterdam gaat deze dinsdagmiddag officieel van start. Nadat een rood lint is doorgeknipt, staat ook de website online. Het Sociaal AI Lab is een samenwerking van de gemeente en de Hogeschool Rotterdam, Erasmus Universiteit (EUR) en het Techniek College Rotterdam.
Vinger in de pap
“De ontwikkeling van AI gaat ontzettend hard”, antwoordt gemeentelijk projectleider Nadia Khawalid op de vraag wat sociaal AI is. “Maar dat wordt heel vaak niet met de burger gedaan. Wij zetten de Rotterdammer centraal en willen hem meenemen in die ontwikkeling. We willen ook de vraag stellen: moeten we überhaupt wel AI inzetten? En zo ja: onder welke voorwaarden? De gewone Rotterdammer moet een vinger in de pap krijgen in plaats van die techgiganten die alles beslissen.”
'Eng of moeilijk'
Ongeveer een derde van de Rotterdammers, 200 duizend mensen, kan niet goed mee in de digitale wereld, zegt wethouder Faouzi Achbar (DENK) van digitale inclusie. Ze hebben thuis geen internet, of het ontbreekt aan een goede computer. Weer anderen hebben geen of onvoldoende digitale vaardigheden.
“Wij zeggen: op het moment dat wij iets aan het ontwikkelen zijn op het gebied van AI, zorg er dan voor dat je de mensen aan de voorkant meeneemt”, zegt Achbar. “Vaak wordt AI gezien als iets wat eng of moeilijk is of waar mensen buikpijn van krijgen, terwijl het juist op heel veel gebieden ons kan helpen en het leven kan vergemakkelijken.”
Wat is volgens hem de rol van het Sociaal AI Lab? “Dit moet een broedplaats zijn waarbij mensen, partijen en burgers samenkomen om te komen tot een mooie oplossing voor een maatschappelijk vraagstuk.”
Chatbot
Maar over welke concrete AI-toepassingen of vraagstukken hebben we het dan? Peter van Waart is coördinator Slimme en Sociale stad bij de Hogeschool Rotterdam. Hij geeft een voorbeeld waar het Sociaal Lab samen met een bewonersvereniging mee bezig is. Tien vrijwilligers helpen jaarlijks duizenden bewoners met allerlei problemen op het gebied van bijvoorbeeld financiën, wonen en werk.
“Die tien vrijwilligers worden geleid door een belangrijke vrijwilliger die ontzettend veel kennis heeft over al die regelingen”, zegt De Waart. “Als die een keer ziek is, weten die andere vrijwilligers niet goed waar ze die kennis kunnen vinden. Wij gaan ervoor zorgen dat die kennis in een AI wordt opgenomen, en dat die AI in de vorm van een chatbot te raadplegen is.”
Avatar Digiderius
Die chatbot kan ook de vorm krijgen van een mens, een avatar. Die stel je een vraag, waarop de avatar een antwoord geeft. Een voorbeeld is Digiderius, die niet toevallig lijkt op de beroemde Rotterdamse humanist Desiderius Erasmus. Onderzoeker Rebecca Moody van de EUR zette een groot tv-scherm met Digiderius neer bij de Centrale Bibliotheek. Bezoekers mochten hem alles vragen.
Moody: “Stel: je hebt een vraag aan de gemeente. Wil je geholpen worden door een echt mens of een digitaal mens? Vind je het tien keer niks? Vind je dat doodeng of juist heel prettig? Misschien wil je je problemen liever tegen iemand vertellen die niet echt is. Of misschien mis je net de empathie. Dat is wat we met Digiderius onderzocht hebben met het idee van: laten we nou eens kijken naar die echte burger van Rotterdam.”
Privacy
Wat waren de belangrijkste uitkomsten? “Opvallend: mensen maken zich niet zo druk om hun privacy. Maar heel wat mensen vonden Digiderius een beetje eng”, zegt Moody. “Je kunt tegen de gemeente zeggen: luister, als jullie dit echt willen doen, dan moet je er wel rekening mee houden dat mensen het alleen maar willen onder deze voorwaarden, en anders vinden ze het niet prettig.”