nieuws

De dienstmeid en de zedigheid

ROTTERDAM - Geertje is een netjes en godsvrezend meisje dat opgroeit op het platteland. Zij trekt naar de grote stad, naar Rotterdam en gaat aan de slag als dienstmeid. Ze wordt gewaarschuwd voor de gevaren van de grote stad. Geertje laat zich verleiden door de heer des huizes en wordt uiteindelijk aan haar lot overgelaten. Teleurgesteld keert ze naar het platteland terug.
'Geertje' is een roman uit 1904 van van Johan de Meester. Een verhaal over een dienstbode. Dat beroep wordt begin vorige eeuw door veel nieuwe Rotterdammers uitgevoerd. Meisjes uit Zeeland en Brabant. Na 1918 komen ook veel Duitse en Oostenrijkse meiden naar Rotterdam.
Pater Mazurowski heeft zich beziggehouden met de opvang van Poolse en Duitssprekende katholieke emigranten en ontfermt zich over de zielenheil van de dienstbodes. Hij ziet erop toe dat de meisjes niet verdwalen of, erger nog, in verkeerde, zondige handen vallen.
De dienstbodes zijn vaak gekleed in blauwgrijze kleding met een witte schort. Het is zwaar werk. Het huishouden doen betekent in die tijd bijvoorbeeld de was doen met de hand, de stoep boenen en zorgen dat het vuur aan blijft.
Het zware werk wordt dus veelal gedaan door 'nieuwe Rotterdammers'. Dat is een beweging die in Rotterdam bij verschillende beroepsgroepen en met verschillende arbeidsmigranten door de jaren heen blijft zien.
Op de tentoonstelling 'Echte Rotterdammers, wie denken we wel dat we zijn' van Museum Rotterdam komen poppen in authentieke kleding terug in de optocht van Rotterdammers.
De tentoonstelling is vanaf 12 oktober te zien in LP2 in Rotterdam.