Faillissement dreigt voor Alblasserdams bedrijf door 750 ton onverkoopbaar kalfsbloed

Marloes van den Hil uit Alblasserdam zit met de handen in het haar. Faillissement dreigt voor haar bedrijf nu een grote lading van 750 ton kalfsbloed onverkoopbaar blijkt. Door de certificaten op de zending kan het bloed niet gebruikt worden voor dierlijke consumptie, maar alleen door de farmaceutische industrie. Maar aan hen kan ze de vracht niet verkopen. Marloes is bang dat ze de lading moet vernietigen, en dat kan haar bedrijf de kop kosten.

Marloes is de eigenaar van expediteursbedrijf Hilyon uit Alblasserdam. Ze werkt veel in de haven van Rotterdam, waar ze als expediteur de keuring en invoer van dierlijke producten voor de Europese markt begeleidt. De enorme lading kalfsbloed is afkomstig uit Australië en was bestemd voor een bedrijf in Zwitserland. Het staat nu al een tijd ingevroren in een vrieshuis in de Rotterdamse haven.

De vracht is niet eens het eigendom van het bedrijf van Marloes: ze verkoopt het omdat haar klant failliet is gegaan. Ze kreeg de zogeheten retentie- en executierechten via de rechter. Omdat ze wel de afspraken met het vrieshuis had gemaakt, mocht ze van de rechter de lading verkopen om de kosten te dekken.

Niet geschikt voor dierlijke consumptie

Maar een nieuwe koper is eigenlijk niet te vinden, want met de huidige certificaten zou alleen de farmaceutische industrie het bloed kunnen kopen. "Die gebruiken dat dan voor zalfjes en medicijnen, maar op dit moment wil niemand de lading."

Een oplossing zou volgens Marloes zijn om het product 'op te waarderen' naar een product wat geschikt is voor dierlijke consumptie. Volgens haar zou de Nederlandse Voedsel- en Warenauthoriteit (NVWA) het product dan opnieuw moeten certificeren, goedkeuren dus, voor een ander doel. Daarmee zou ze de mogelijkheid krijgen het bloed te verkopen aan bedrijven die dit bijvoorbeeld gebruiken als voer voor vissen.

Nieuw certificaat is niet zomaar mogelijk

Volgens de NVWA kan dat niet zomaar. Op de website van het agentschap wordt aangegeven dat het importeren van dierlijk bloed mag, maar alleen onder bepaalde voorwaarden: zo moet het product onder meer zijn verpakt in nieuwe of gesteriliseerde zakken. "Als een lading wordt geïmporteerd, doen we twee controles: een documentcontrole, en een fysieke controle", legt een woordvoerder van de NVWA uit. "Er wordt dan gekeken of het product voldoet aan de eisen die gesteld worden aan importeren in de Europese Unie. "

"We kijken ook of het product hoort bij het certificaat. Is het op de juiste manier vervoerd? Zitten de juiste stickers erop?" Bij het product waar Hilyon mee zit zijn bijvoorbeeld stickers aangebracht met de tekst: 'niet voor dierlijke consumptie'. "Omdat het product in Australië is bestemd voor een bepaald doel - als 'technisch product' - kan het niet zomaar voor een ander doel gecertificeerd worden. Na importeren kan dat niet meer zomaar veranderd worden", aldus de NVWA.

Vernietiging kost veel geld

Marloes weet dat het moeilijk wordt om haar lading opnieuw te certificeren, maar is ze ondertussen de wanhoop nabij: "Het zou fijn zijn als we een oplossing kunnen vinden. Regels zijn regels, dat begrijp ik best. Maar ik moet wel voldoen aan mijn verplichtingen naar het vrieshuis. Ik hoop dat zij me nog tegemoet kunnen komen. En wat misschien nog erger is: de vernietiging zelf zou me de kop kunnen kosten als bedrijf".

Die vernietiging gebeurt in Nederland door Rendac, de organisatie die in opdracht van de overheid dode dieren en dierlijk materiaal verzamelt en vernietigt. De kosten van die vernietiging kunnen oplopen tot 90.000 euro, een bedrag wat het bedrijf van Marloes niet zomaar kan ophoesten. De eerste pallets zijn al door Rendac opgehaald.

Marloes probeert ondertussen nog een koper te vinden, onder het huidige certificaat als technisch product. Ze is nog bezig met een bedrijf in China. "Maar als dat niet doorgaat, moet ik de hele partij echt vernietigen."

Deel dit artikel: