ARCHIEF RIJNMOND 11 april 2021 - Leny

Afgelopen week heb ik mijn moeder een beetje teruggekregen. Mét daarbij een klein probleem dat al speelde toen ze nog leefde.

Mijn moeder is vrij jong gestorven, in 1975, toen zij zelf nog maar 51 was, en ik vijftien. Ik ken haar vooral als iemand die er niet meer is. Maar zoals dat gaat: soms herken je een overledene in iemand anders. In mijn geval in de vrouw op een schilderij van Rotterdammer Kees van Dongen. Het schilderij Vinger aan de wang. Of in het Frans: Le doigt sur la joue.

Daarop zie je een vrouw met zo goed als zwart haar rond grote donkere ogen, gestoken in een rode jurk met gele en blauwe bloemen, met een elleboog leunend op tafel, en een vinger aan een wang.

Het is een beeld dat me ontroert.

In ons trapgat thuis hangt een vrij grote poster van dat schilderij. Gaandeweg heb ik daar kleinere reproducties omheen gehangen. Als een soort begin van een verzameling. En ik heb schilderende Facebookvrienden gevraagd om ook een versie te maken, als ze zin hadden. Dat heeft tot nu toe vier schilderijtjes, twee tekeningen en vier computerontwerpjes opgeleverd die ik ook allemaal heb opgehangen in het trapgat.

En ja, toen kon mijn vrouw, die overloopt van creativiteit, eigenlijk niet achterblijven. Afgelopen week heeft ze van papier maché een soort borstbeeld gemaakt naar dat schilderij van Kees van Dongen. Een heel fraai ding waar we na enig schuiven een mooie plek voor hebben gevonden. Op een plank die er al hing, in de lichtgloed van het dakraam.

‘Ja, Leny hangt daar goed,’ vatte mijn vrouw het al keurend nog even samen een dag na de plaatsing.

Mijn moeder heette Leny. Met een griekse y.

‘Of noemen we haar niet zo?’ voegde mijn vrouw er snel aan toe.

Tja, daar sneed ze wel een onderwerp aan.

Ik heb er vroeger mee geworsteld, met hoe ik mijn ouders moest aanspreken.

Toen ik klein was zei ik, zoals denk ik de meeste kinderen, papa en mama. Maar ja, dan word je ietsje ouder en dan voelt dat als te kinderlijk aan. Wat ga je dan zeggen? Pa en ma? Of pap en mam?

Dat heb ik nooit mijn bek uit kunnen krijgen. Ik heb sowieso moeite met het afkorten van namen of andere woorden.

Ik vrees dat ik vanaf mijn twaalfde of zo de aanspreekvorm van mijn ouders heb omzeild. Door maar helemaal geen aanspreekvorm te gebruiken.

Later heb ik nu en dan mijn vader wel met ‘Jo’ aangesproken, zoals hij door anderen ook werd genoemd, maar ook dat voelde ongemakkelijk aan.

Met de ouders van mijn eerste vrouw heb ik iets soortgelijks gehad. Ging ik hen aanspreken met ‘meneer Hazelebach’ en ‘mevrouw Hazelebach’? Of met ‘Ad’ en ‘Joke’? Dat ‘meneer en mevrouw’ heb ik in het begin geloof ik weleens gebezigd, maar het voelde te afstandelijk. En hun voornamen gebruiken deed dan weer te familiair aan.

Uiteindelijk ben ik mijn schoonmoeder, op wie ik zeer gesteld was en die nog familie was van Kees van Dongen ook, gaan aanspreken met de koosnaam ‘moedertje’.

‘Zeg moedertje …’

Of als ik opbelde: ‘Dag moedertje …’

Dat voelde goed. Daar zat zowel de genegenheid in die we voor elkaar voelden als iets van de losheid die we deelden.

Hoe ik dierbaren in mijn praatjes voor de radio opvoer is ook een dingetje. Over mijn eerste vrouw heb ik een tijd op de radio gesproken als over ‘de vrouw’. Zoals mensen in Brabant het geloof ik wel hebben over ‘moeder de vrouw’. Ik denk dat ik die aanduiding gebruikte om verhalen een beetje minder strikt particulier te maken. Om er iets van algemene geldigheid aan mee te geven.

Maar toen ik merkte dat sommige luisteraars die aanduiding ‘de vrouw’ een tikkie kleinerend vonden klinken, ben ik ervan afgestapt.

Ik zie columnisten er nog steeds weleens mee worstelen. Dan heeft een vrouwelijke columnist het over haar man als: Man. Of: Vriend. En over de kinderen als over: Kind 1 en Kind 2.

Aanduidingen die je als lezer op den duur ernstig gaan tegenstaan.

Ik noem mijn vrouw op de radio gewoon ‘mijn vrouw’.

Thuis is het een ander verhaal.

Daar noemen wij elkaar ‘opa’ en ‘oma’.

Ook al zijn we dat niet en zullen we het nooit worden ook.

Opa en oma.

En … Leny?

Mm, nog maar eens over nadenken.

SPEELLIJST

DE TUNE
1. Ik mis je - John Verkroost

2. Garda bossa - Marian Veldhuis

COOLSINGEL
3. Toch hou ik van je, Rotterdam - Gerard Cox
4. Swing, mr. Charly - The Ramblers & Topy Glerum
5. Coolsingel lied - Mike Boddé
6. Bomen op het plein - Cora Ville
7. Coolsingel ballade - Jaap van de Merwe
8. Coolsingel ballade - De Flamingo’s
9. We varen bootje op de Coolsingel - Leden Nieuw Rotterdams Toneel
10. We varen bootje op de Coolsingel - De Flamingo’s
11. De Rotterdamse metro - De Notenkrakers

12. Rotterdam - Ton van Duinhoven
13. Groovin’ heart - Windmill Bigband

Meer over dit onderwerp:
ARCHIEFRIJNMOND NIEUWS RADIO CULTUUR
Deel dit artikel: