Vermoedelijk oudste voetballied van Rotterdam eindelijk opgenomen

Rotterdam heeft er meer dan honderd jaar op moeten wachten, maar nu is er dan een ordentelijke opname van vermoedelijk het oudste voetballied van de stad. Het lied dat dichter-zanger J.H. Speenhoff - Koos Speenhoff - in 1909 maakte bij het eerste westelijk kampioenschap van Sparta, dat toen al meer dan twintig jaar bestond.

Tijdens de lockdown heeft de Rotterdamse liedjesschrijver en -zanger Aad Klaris (bijna 82) het Spartalied van Speenhoff opgenomen als onderdeel van een hele cd vol liedjes van Koos Speenhoff, toepasselijk getiteld: Ode aan Speenhoff.

Klaris - ooit bekend als Lodewijck van Avezaath, en de man achter hits als Keetje Tippel, Vuile Huichelaar, ‘n Beetje geld voor een beetje liefde en ’t Is moeilijk bescheiden te blijven - is twee jaar geleden na een langdurig verblijf in Spanje en Leerdam teruggekeerd naar Rotterdam. De relatieve isolatie van de lockdown heeft hij gebruikt om een oude wens in vervulling te laten gaan: een hele plaat maken met werk van de door hem bewonderde Koos Speenhoff. "Bij mijn laatste verhuizing is veel verloren gegaan, maar de liedboekjes van Speenhoff heb ik gelukkig nog", zegt Klaris. "Daaruit heb ik de nummers gekozen die ik het beste vind."

Luister hieronder naar de opname van het lied van Koos Speenhoff.

Speenhoff heeft zijn Spartalied uit 1909 nooit zelf opgenomen. Het staat wel in het zesde van de tien liedboekjes van Speenhoff die de Rotterdamse uitgeverij Brusse begin vorige eeuw heeft uitgegeven. Daar heeft Klaris het uit. En de tekst ervan beschrijft allerlei gebeurtenissen en omstandigheden van de club van destijds. Zo vond Sparta destijds in HVV uit Den Haag een geduchte tegenstander. Sparta leek een beetje de eeuwige tweede.

Speenhoff begint zijn Spartalied dan ook met de regels:

Sparta keek al twintig jaren
Naar het kampioenschap uit
Dikwijls kregen ze al vechtend
Meer of minder op d’r snuit
Maar nu is de tijd gekomen
Om zich prachtig voor te doen
Want in plaats van eeuwig tweede
Zijn ze west’lijk kampioen

Aad Klaris bij een standbeeld van Speenhoff | Foto: coverart

Voetbal was nieuw

Sparta is opgericht in 1888 en geldt daarmee als een van de eerste voetbalverenigingen van Nederland. Nog niet zo lang daarvoor, zo rond 1880, was voetbal nog nagenoeg onbekend in Nederland. Sporten in verenigingsverband was sowieso nog geen gebruik. En lange tijd is het iets gebleven voor de bovenlaag van de samenleving.

De meeste sportverenigingen die in de jaren tachtig van de negentiende eeuw werden opgericht richten zich in eerste instantie op cricket, en pas in de tweede plaats op voetbal, allebei overgewaaid uit Engeland. De allervroegste vereniging in Nederland was de Haarlemse Football Club, HFC, opgericht in 1879.

In Rotterdam en omstreken waren er vóór de oprichting van Sparta al cricketverenigingen die zich uiteindelijk ook met voetbal zijn gaan bezighouden, zoals Excelsior (niet het huidige Excelsior), Concordia, Hercules, Olympia en Victoria. Bij Sparta kwam voetbal er een paar maanden na de oprichting bij. En anders dan die andere verenigingen bestaat Sparta nog steeds. Daardoor komt het dat Sparta zichzelf de oudste nog bestaande betaald voetbalclub van Nederland mag noemen.

Het Spartalied van Speenhoff | Foto: Roland Vonk

Kampioen

Sparta werd in 1909 westelijk kampioen door HFC met 5-0 te verslaan. Een mooie score, maar nog niks vergeleken bij de monsterzege die de club in 1892 boekte in een treffen met de Amersfoortsche Footballclub Quick, op de Leusder Hei. Die eindigde in 0-17. Mede hierdoor promoveerde Sparta in 1893 van de tweede naar de eerste klasse. En die uitslag galmde in 1909 nog na in het lied van Speenhoff:

In die twintig voetbaljaren
Is er heel wat weggetrapt
Zijn er vele mededingers
Afgedroogd en opgeknapt
Alle jaren ging het beter
Denk maar aan de Leusder Hei:
Hoe of Sparta zich daar weerde
Quick toen in de luren lei

Tegenwoordig is Sparta natuurlijk de Kasteelclub uit Spangen, maar de oorsprong ligt helemaal niet daar. Sparta is ontstaan in de wijk Feijenoord (!) en pas na allerlei omzwervingen is de club in 1916 terecht gekomen op Het Kasteel in Spangen. Maar: aanhang is er altijd geweest. Trouwe aanhang zelfs, en dat ondanks het feit dat Sparta als eerste club in deze regio een hek om het veld zette en entree hief. Het is inmiddels misschien moeilijk meer voor te stellen, maar voordat (de voorloper van) Feyenoord in 1908 werd opgericht had Sparta al een soort legioen.

Als ze uitgaan om te spelen
Zooals onlangs nog naar Dordt
Merk je hoe door stadgenooten
Sparta dan behandeld wordt
Heele treinen vol supporters
Vijftienhonderd stuks omtrent
’t Was zoowat een volksverhuizing
Dordt stond vrijwel overend

Voetbal komt uit Engeland en Sparta is ook altijd Engels georiënteerd geweest. Al in 1893 organiseerde de club als eerste in Nederland wedstrijden tegen een buitenlands team: de Harwich and Parkeston Football Club. Uit Engeland dus. Eerst kwamen de Engelsen hier op bezoek om de Spartanen een voetballesje te geven. Eindstand: 0-8. Op 31 maart 1893 vertrok een delegatie van Sparta met de boot naar Engeland voor de return, daarbij - volgens kranten van destijds - uitgezwaaid door ‘eene groote menschenmassa’. In Engeland bleef de schade beperkt tot 3-0. Maar belangrijker dan die oorwassing was het initiatief om tegen een buitenlandse club te spelen.

De Spartanen zijn de eersten
Die naar buiten zijn gegaan
Met het spelen in den vreemde
Vingen zij 't eerste aan
In die twintig zware jaren
Deden ze hun naam gestand
Binnenkort dan noemt zich Sparta:
Kampioen van Nederland

Speenhoff maakte deze tekst toen Sparta westelijk kampioen was geworden, kampioen van West-Nederland. Twee wedstrijden tegen Wilhelmina, de kampioen van Oost-Nederland, moesten bepalen wie zich kampioen van heel Nederland mocht noemen. Sparta won twee keer. Waarmee die ene regel van Speenhoff bewaarheid werd.

Dat eerste landskampioenschap van Sparta was ook aanleiding voor het schrijven van de Sparta Marsch door Jac Blazer, kapelmeester van het Casino-Variété van Samuel Soesman aan de Coolsingel. En die mars is nog altijd het clublied van Sparta. De tekst is in de loop der jaren wel aan verandering onderhevig geweest.

De aanvankelijke tekst verwijst naar het landskampioenschap bij de Nederlandse Voetbal Bond (NVB) van 1909 en de jarenlange strijd tegen HVV uit Den Haag met de woorden:

Wel een der schoonste namen
Op den lijst van den NVB
Is het Rotterdamsche Sparta
De eeuwig nummer twee
Nu eind'lijk dan gebroken
Met de oude manier van doen
Is zij na twintig jaren
Neerlandsch Kampioen

Het kampioenschap van 1909 was het begin van een reeks succesvolle jaren voor Sparta. In de periode 1911-1915 werd de club nog vier keer landskampioen. En bij het afdelingskampioenschap van Sparta in 1925 schreef Cor Emeis een belangrijk aanvulling op het Spartalied:

En nu, in vijfentwintig
Is, luid klink' ons Hoera!
Kampioen van hare afdeeling
S...P...A...R...T...A...!

In 1929 schreef Jan Wolf de definitieve tekst van het Spartalied:

Rood-Wit is onze glorie
Rood-Wit zit ons in ’t bloed
Bij neerlaag of victorie
In voor- of tegenspoed
Rood-Wit gaat nooit verloren
En jaren nog hierna
Zullen wij laten horen
S-P... A-R... T-A...!

Deez'vlag zij is ons heilig
Reeds tal van jaren lang
Bij Rood-Wit zijn wij veilig
Zijn wij voor niemand bang
Wij zweren bij die kleuren
En zingen hoe 't ook ga
Bij wat ook moog' gebeuren
S-P... A-R... T-A...!

Luister hieronder naar een opname van het Spartalied

Deze versie, althans de eerste helft met wisselende eigen coupletten, is door meerdere artiesten op de plaat gezet. Er zijn singletjes van Adri Troost, Johnny Hoes en Cor Witjes (Pierre van Duijl). En wat wel bijzonder is aan die tekst: er wordt hierin openlijk gesproken over de mogelijkheid van verliezen: "Rood-Wit zit ons in ’t bloed. Bij neerlaag of victorie. In voor- of tegenspoed."

Dat is vrij opmerkelijk voor een voetballied. Veel voetballiederen ademen het soort bravoure dat vrij kernachtig wordt uitgedrukt in een bekend Feyenoordlied van Cock van der Palm: "Wij gaan winnen, alleen met hoeveel is de vraag." Misschien zit in die Spartamars toch een echo van de jaren waarin Sparta de eeuwige tweede was achter het Haagse HVV.

Sparta Marsch van Jac Blazer | Foto: Roland Vonk

Toch: het aantal liedjes waarin Sparta wordt bezongen valt in het niet bij het aantal odes aan de club van Zuid, Feyenoord. En het beste Spartalied blijft toch de aloude Sparta Marsch van Jac Blazer. Het is niet voor niks dat die steeds in Het Kasteel klinkt voorafgaand aan elke wedstrijd.

Het lied dat Speenhoff net vóór de compositie van Jac Blazer maakte bij het westelijke kampioenschap van Sparta in 1909 is vooral een mooi extraatje. En dankzij Aad Klaris is het nu te horen ook. Eindelijk.

Laat het daveren langs de straten
Fuift tot morgen aan den dag
Drinkt nu schuimende champagne
Heisch de fiere Sparta-vlag!
Laat de Rotterdammers weten
Die nog niet aan voetbal doen
Wat voor feest of Sparta vierde
Leve Sparta, Kampioen!

Meer over dit onderwerp:
ROTTERDAM NIEUWS CULTUUR
Deel dit artikel: