Deze boswachters redden iedere dag jonge reekalfjes van dodelijke maaimachines... met een drone

Boswachters hebben dit seizoen al zeker twintig reekalfjes gered van de scherpe messen van maaiers op Voorne-Putten en Goeree-Overflakkee. Sinds kort gaat een drone de lucht in om de jonge dieren op te sporen in het hoge gras van de weilanden. Dat blijkt een succes. "Vandaag hebben we ook weer een stuk of zes dieren uit het weiland zien gaan voor er gemaaid gaat worden", zegt boswachter Jan de Roon van Natuurmonumenten.

Het hoge gras in de weilanden is een lekkere rustplek voor de jonge dieren, maar niet helemaal zonder risico. Zeker de reekalfjes, die door hun moeder worden verstopt in het hoge gras tegen gevaar, zijn de eerste weken na hun geboorte niet zelf in staat om weg te vluchten als er een agrariër met een maaier aankomt. De boswachters vinden dan ook regelmatig dieren die zijn gedood door de scherpe messen van de maaimachines.

Kalfreetjes worden van maaimachine met drone gered | Foto: Floortje van Gameren

Om dat te voorkomen, zet een groep vrijwilligers sinds kort een drone in om de velden van boeren te inspecteren voor er gemaaid gaat worden. "Vanuit de lucht zijn ze met een geoefend oog goed op te sporen", zei gecertificeerd dronepiloot en boswachter Jan de Roon tegen Rijnmond. Dankzij de warmtecamera waarmee de drone is uitgerust, lichten de reekalfjes op het scherm op. Een team van vrijwilligers trekt vervolgens onder leiding van de boswachter het veld in en legt de dieren op een veilige plek.

De aanpak blijkt te werken, want deze ochtend zijn met behulp van de drone zes reetjes gelokaliseerd. "Die waren al oud genoeg om zelf weg te rennen", vertelt de Westvoornse burgemeester Peter de Jong. Hij is dinsdagochtend mee op pad door de weilanden. "Deze mensen doen geweldig werk. Het is belangrijk om hen een hart onder de riem te steken", zegt hij over de vrijwilligers en de boswachters. "Het is bovendien prachtig, want je ziet heel veel op zo'n vroege ochtend."

Het inspecteren gebeurt bewust in alle vroegte, omdat de omgeving dan nog koud is van de nacht en de dieren dus warm uitlichten op de camera van de drone. Hoe warmer het wordt, hoe minder zin een inspectie heeft. "Het geeft in ieder geval een goed gevoel als je weet dat er geen wild meer in het veld zit als er gemaaid gaat worden", zegt boswachter Jan. "We zijn inmiddels aardig bekend in de buurt, dus boeren vragen ons ook om te komen inspecteren als ze gaan maaien."

Dit seizoen is al zo'n twintig keer een kalfje opgespoord met een drone, uit een weiland verplaatst en op die manier gered van de dood. "Dat zijn dus twintig reekalfjes die heel wat langer leven dan slechts een paar weken", zegt de boswachter tevreden. "We komen nu gelukkig al heel wat meer mobiele reekalfjes tegen, die zelf weg kunnen rennen als de maaiers eraan komen. Dat was een paar weken geleden wel anders. Maar we gaan door zolang het nodig is."

Meer over dit onderwerp:
OOSTVOORNE NIEUWS NATUUR
Deel dit artikel: