Connie is je veilige haven in nachtclub Perron en een onvergetelijke toiletjuffrouw

Ze houdt van de waardering die ze krijgt van de bezoekers, het nachtleven en de voldoening na een geslaagde avond: “Het geeft mij het gevoel dat ik leef.” Connie Verschoor, 64 jaar geleden in Rotterdam op de wereld gekomen, er opgegroeid en op jonge leeftijd begonnen met werken. Eerst bij de slager, daarna in de horeca en al snel als toiletjuffrouw.

Het is een lieflijk aanzicht als je de toiletten bij het winkelcentrum in Spijkenisse binnenloopt: een vrouw met kort, donkerblond haar verwelkomt je met een open, hartelijke blik. Wil je nog naar de wc? Een kopje koffie dan? Het is geen plek die in het oog springt en kent ook steeds minder bezoekers, maar Connie zit er getrouw.

Als een jongen binnenkomt zonder vijftig cent te betalen, wijst ze hem op het gouden schaaltje. “Jongeman, we zitten hier de hele dag, houden de wc’s goed schoon, maar doen dat niet gratis.” Connie oogt als een vrouw die de moeilijkere perioden van het leven aankan en met zich meedraagt en tegelijkertijd vasthoudt aan haar eigen kracht daarin.

Wie is deze vrouw die voor velen bekend staat als dé beste, liefste en vriendelijkste toiletjuffrouw van het Rotterdamse cultuurpodium Perron?

Snijmeisje in slagerij

Connie groeide op in de Tarwewijk in Rotterdam-Zuid. Ze ging liever werken dan naar school, dus toen de kleine Connie 14 jaar was, begon ze al als snijmeisje in de ambachtelijke slagerij. “Dan stond ik de hele dag onsjes worst te snijden, karbonaadjes te hakken en salades te maken.” Ze deed het werk met veel plezier en groeide al snel uit tot een werkneemster met behoorlijk wat verantwoordelijkheden.

Zo was Connie chef erwtensoep: als het koud werd in de winter, maakte Connie 150 liter verse soep voor de hele week. Daarnaast verving ze de baas als hij op vakantie was en mocht zij van haar baas de nieuwe collega’s uitkiezen. Een daarvan is nu nog steeds een van haar beste vriendinnen.

Eerste baan als toiletjuffrouw

Na een korte periode in de horeca, vroegen ze Connie om te werken als invalster voor een toiletdame bij de Rotterdamse nachtclub Nighttown. Dat beviel zeer, dus toen discotheek ‘Cargo’ in Spijkenisse een vaste toiletdame zocht, bedacht Connie zich niet. Het werk voelde gelijk goed: het vele contact met de bezoekers, de muziek, de sfeer. Het was echt haar ding, vertelt ze. “Ik houd van de nacht. Je voelt dat er iets in de lucht hangt. Iedereen is blij en heeft zin om los te gaan.”

Ook gaf het werk als toiletjuffrouw haar de mogelijkheid om doordeweeks veel tijd door te brengen met haar dochter en haar honden. Connie is gek op honden.

Ruw en industrieel

Als Connie van een plek houdt, blijft ze er geruime tijd hangen; daarvan is discotheek ‘Cargo’ het voorbeeld. Ze hield van de plek die zich kenmerkte door een strakke, ruwe en industriële stijl. “We waren onze tijd ver vooruit. Dit zag je niet op veel andere plekken in Nederland”, zegt ze. Toen de discotheek na tien jaar van imago veranderde en vooral R&B muziek door de boxen klonk, verloor Connie haar plezier. “Dat is echt niet mijn ding.”

Vervolgens werkte de Rotterdamse in discotheek ‘Alcazar’ in Puttershoek, club Watt (voorheen Nighttown) in Rotterdam en daarna haar geliefde Perron. Vanaf de allereerste dag in april 2011 dat de nachtclub openging, was ze erbij. Ze maakte van alles mee: “Ik heb weleens mensen betrapt die seks hadden. Ik zag twee paar schoenen onder de deur en dacht die zijn wat aan het gebruiken. Dus ik ruk die deur open, maar zij waren dus met heel wat anders bezig. Dat vond ik wel gênant.”

Bijzondere momenten

Connie vertelt dat ze ontelbaar veel mooie en minder mooie momenten heeft meegemaakt, maar bepaalde gebeurtenissen je altijd bijblijven. “Ik herinner mij nog goed dat een meisje een zware epileptische aanval kreeg, dat maakte veel indruk.”

Een mooier moment was toen een jongen een tekening, die Connie had gemaakt, op zijn arm had getatoeëerd. “Iedere keer als die kwam plassen, tekende ik iets op zijn arm. Een week later kwam die breed lachend naar mij toe om de betreffende bloem te laten zien. Dus vroeg ik heel naïef: heb je het er niet afgewassen? Is die na het stappen naar de tattooshop gegaan om de tekening te laten tatoeëren. Hoe bijzonder is dat?”

Connie aan het werk in haar geliefde Perron. | Foto: Rijnmond

Zij die het leven vieren op muziek van David Vunk, Benny Rodriguez en Jeff Mills verhieven toiletjuffrouw Connie al snel tot een soort cultheld van de Rotterdamse nachtclub. Daarover later meer.

Sluiting nachtclubs

Connie vertelt op de dag van het interview dat ze een druk weekend voor de boeg heeft. Na een dag werken bij de toiletten in Spijkenisse, zit ze diezelfde avond op haar vertrouwde plek in Perron, waarna ze terugkeert naar huis om in de ochtend te werken bij een festival in Spijkenisse.

Het is kort na ons gesprek dat premier Mark Rutte en demissionair minister van Volksgezondheid Hugo de Jonge bekendmaakten (9 juli jl.) dat de nachtclubs een dag later voor de tweede keer de deuren moesten sluiten, minstens een maand. Eerder sloten de nachtclubs hun deuren van 13 maart 2020 tot en met 26 juni 2021.

De reden: door de besmettelijke deltavariant is het aantal infecties snel gestegen, met name onder de jonge doelgroep, waarbij vooral de horeca en nachtclubs populaire besmettingshaarden waren, blijkt uit cijfers van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM).

Vervelende periode

Het is een enorme domper voor Connie en de situatie die erop volgt, voelt wereldvreemd aan. Ze werkt al haar hele leven, vijftig jaar lang: “Nog nooit heb ik een dag stilgezeten en dan opeens, door een virus, kan ik niks meer. Dat frustreerde enorm. Ik voelde mij zo onmachtig.” Aan het begin dacht ze nog van de nood een deugd te maken en te gaan genieten van haar vrijheid. “Maar als je dan ook geen cent verdient, is dat genieten gauw over.”

Het was een vervelende periode voor Connie en haar man. Ze moesten flink bezuinigen en de spaarrekening aanspreken.

Ze vertelt dat ze heel even aanspraak kon maken op de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo), maar dat het partnerinkomen al snel ging meetellen. Connie kreeg niks, omdat ze een echtgenoot heeft met een inkomen boven de bijstandsnorm. “Je moet opeens maar zien dat je het redt met een inkomen minder. Best oneerlijk”, zegt ze daarover.

Harde werkster

Maar zoals het een Rotterdamse betaamt, verzinkt Connie niet in het slachtofferschap. Ze solliciteerde bij een uitzendbureau, werkte als beveiliger bij een drankspecialist en als gastvrouw in een supermarkt. Makkelijk was dat niet, want hele dagen staan, gaat een 64-jarige vrouw met vocht in haar benen niet in de koude kleren zitten. “Het was best pittig, maar er moest geld in het laatje komen”, zegt Connie.

Connie is altijd fan geweest van de stad Rotterdam, ze heeft er 40 jaar gewoond. Toch besloot ze op een gegeven moment te verkassen, naar Spijkenisse. De stad maakt haar blij: ze woont dicht bij haar dochter, schoonzoon en kleinzoon en kent er goed de weg. Ze woonde ook nog in Brabant, voor twee jaar, maar toen haar dochter verklapte graag zwanger te worden, zei ze tegen haar man: “Ik weet niet wat jij doet, maar al slaap ik in een doos onder de Spijkenissebrug, ik ga terug.” Haar man had, wist hij zelf ook, niet zoveel keus en ze gingen terug.

Warm en open

Wat maakt Connie nu de vrouw die zoveel mensen liefhebben? Perronliefhebbers omschrijven haar als de persoon die altijd voor je klaar staat, iemand die niet oordeelt en warm en open is. Op de muur in de nachtclub prijken verschillende teksten als “Lieve Connie, wat is het toch fijn om hier naar de wc te gaan!”, “Dankzij u heb ik me altijd veilig en thuis gevoeld” en “Je bent en blijft de beste.”

| Foto:

Bij die lieve woorden bleef het soms niet; zo bracht een jong meisje een keer een bos bloemen naar Connie. “Ik heb haar een keer heel stevig toegesproken, toen ik zag dat ze flink aan de drugs was. Anderhalf jaar later kwam ze naar me toe om mij te bedanken, omdat ik haar de ogen had geopend. Ja, dan ben ik heel blij dat dat meisje er wat mee heeft gedaan.”

Gek van Connie

Daarnaast heeft Connie ook bijzondere vriendschappen opgedaan, die verder gaan dan appen: “Ik heb een goede band opgebouwd met verschillende mensen die ik leerde kennen als Perronbezoeker. Laatst sprak ik nog met iemand af die zijn partner heeft verloren. Toen alle rompslomp voorbij was, zijn we een broodje gaan eten en koffie gaan drinken.”

Voor velen is het een genot om met Connie te chillen, te praten en te zijn. Om vragen aan haar te stellen. Om langs haar toilettafel te lopen die zich vult met een schaaltje snoep, deodorant, pleisters en zelfs een haarborstel. Om een geldstuk op het gouden schaaltje te kletteren, 50 cent of twee euro, afhankelijk of je één keer of de hele avond naar de wc wilt. Om even weg te zijn uit het feestgedruis. Maar vooral om gedag te zeggen tegen Connie: de vrouw die een veilige haven biedt voor iedereen die dat wil.

Deel dit artikel: