Vergeten Verhalen: de Geuzen uit Vlaardingen

De wandelvereniging Flardinga uit Vlaardingen staat aan de basis van de eerste verzetsgroep die Nederland in de Tweede Wereldoorlog kent: het Geuzenverzet. Al in mei 1940 wordt de groep opgericht. Veel van hen zullen de oorlog niet overleven.
Bestuursleden en leden van Flardinga gaan kort na het bombardement op Rotterdam in mei 1940 kijken of ze kunnen helpen. Ze kunnen nauwelijks bevatten wat ze zien en keren verslagen terug in Vlaardingen. De mannen kennen elkaar goed. Ze komen vaak bij elkaar in het huis van Ary Kop in de Tweede Maasboschstraat in de Oostwijk in Vlaardingen.

De jongste is Jan van wijk, hij is zeventien jaar. Ies Korpershoek en Sjaak van der Ende zijn begint twintig en Kees van Aken is een 65plusser. De mannen zijn kwaad op de Duitsers vanwege het bombardement en de overgave van Nederland die erop volgt.

Een paar weken later brengt medewandelaar en vriend Jan Kijne de groep in contact met Bernard IJzerdraat uit Schiedam. Bernard heeft niets met de wandelclub te maken, maar ook hij is woést. Die dag nog besluiten ze een verzetsgroep op te richten. Die noemen ze ‘De Geuzen’, naar de dappere watergeuzen die in de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) tegen de Spaanse overheersing hebben gevochten. Bernard IJzerdraat schrijft en verspreidt al vanaf 15 mei ‘Geuzenberichten’. Hierin roept hij op tot verzet tegen de Duitsers.

Eed
Het lidmaatschap van de Geuzen wordt serieus genomen door de leden. Ze leggen in de huiskamer van Ary Kop de Geuzeneed af: ‘Ik beloof in deze ernstige tijden een goed Nederlands Geus te zullen zijn en mij geheel en onvoorwaardelijk te zullen houden aan de Geuzenwet en de commandantsvoorschriften. Ik verklaar goed te vinden dat, zodra ik mijn belofte op enigerlei wijze schend, al mijn rechten en bezittingen overgaan op en ten bate van het Geuzenleger, of indien dit wordt opgeheven, op en ten bate van het
Nederlandse Staatsbestel’.

De groep wordt steeds groter. Mannen uit Vlaardingen, Delft, Schiedam, Maassluis en Rotterdam sluiten zich aan. Tijdens wandeltochten verzamelen ze informatie over Duits luchtafweergeschut, legerplaatsen en de plekken waar munitie wordt bewaard. De informatie willen ze doorgeven aan Engeland. Ook snijden leden van het Geuzenverzet Duitse telefoonkabels door. De 17-jarige Jan van Wijk lijkt onbevreesd. Hij neemt tijdens een bijeenkomst van Duitse soldaten in zaal Excelsior een Duits pistool mee.
"Overal vandaan verzamelen De Geuzen in het geheim wapens en springstoffen om mee te kunnen helpen als de Engelsen Nederland zouden komen bevrijden. Dat zal héél snel gebeuren, dénken ze…", vertelt stadsarchivaris van Vlaardingen Harm Jan Luth.

De leden van de verzetsgroep spreken uiteraard af hun acties geheim te houden, maar met het groeien van de groep, groeit ook het risico. Al in november 1940 gaat het mis. Een jonge Geus die die doordeweeks bij de scheepswerf Wilton Fijenoord in Schiedam werkt, gaat in het weekend naar huis in Arnhem. Hij vertelt daar trots aan zijn broer dat er in Vlaardingen wapens klaarliggen om de bevrijders te helpen. Zijn broer vertelt dat weer aan een vriend die hij vertrouwt, díe vriend wéér aan een ander en zo gaat het verder.

Verraad
De informatie komt uiteindelijk bij een NSB-er terecht en het lot van de Geuzen is bezegeld. De NSB-er geeft het door aan de Duitsers en in Vlaardingen wordt de één na de ander opgepakt. Als eerste wordt Jan Smit, een Geus die ook bij Wilton werkt, in de Prins Hendriklaan in Vlaardinger Ambacht van zijn bed gelicht. Jan slaat bij de verhoren door en noemt de naam van Van der Jagt, ook van Wilton-Fijenoord. Van der Jagt wordt ook opgepakt. Hij noemt weer de namen van Ary Kop en nog een aantal andere Geuzen. Ook zij worden gearresteerd. Ondertussen vernietigen de overgebleven Vlaardingse Geuzen zoveel mogelijk bewijsmateriaal.
Ze vergeten de Geuzen te waarschuwen die vanuit de andere steden hun verzetswerk doen. Uiteindelijk arresteren de Duitsers zo’n 230 Geuzen, onder wie ook Bernhard IJzerdraat die ondertussen voor zijn werk in Haarlem woont.

De mannen die opgepakt zijn, worden naar het "Oranjehotel' gebracht, de strafgevangenis in Scheveningen. Er volgt een proces op 19 februari 1941. "Het was een showproces", zegt Harm Jan Luth, "de bekentenissen zijn gedaan na mishandelingen en de Duitsers wilden een daad stellen". Tegen achttien Geuzen wordt de doodstraf geëist. Drie van hen zijn minderjarig en krijgen gratie.

Waalsdorpersvlakte
De Geuzen geloven niet dat het zo'n vaart zal lopen. Op 12 maart 1941 worden ze in de gevangenis bezocht door hun familie. De mannen vragen dan nog om de volgende keer de kinderen mee te nemen. Harm Jan Luth: "Ze hadden werkelijk geen idee dat de Duitsers echt die doodstraf zouden voltrekken. Het was te groot voor ze, te groot voor hun begrip".

Maar de volgende dag, op 13 maart 1941, worden ze uit hun cellen gehaald en op een rij gezet. Bernard IJzerdraat gaat voorop. Onder het zingen van het psalmvers ‘Dan ga ik op tot God’s altaren’ lopen de Geuzen naar klaarstaande vrachtauto’s. Om vijf uur ’s middags klinken er geweerschoten over de Waalsdorpervlakte. De Geuzen zijn gefusilleerd door Duitse soldaten.

13 Maart is de dag waarop al sinds 1987 de Geuzenpenning wordt uitgereikt in de Grote Kerk in Vlaardingen. De penning is voor een persoon of organisatie die zich inzet voor mensenrechten en tegen onderdrukking. In 2016 is de uitreiking op 14 maart, omdat de 13e op zondag valt. Op de Markt in Vlaardingen staat het Geuzenmonument. Het is in 1983 onthuld door koningin Beatrix. Ook zijn er in Vlaardingen straten genoemd naar leden van het Geuzenverzet.
Meer over dit onderwerp:
madm
Deel dit artikel:

Reageren