ROTTERDAM

Terug van weggeweest: platte oesters gevonden in Rotterdamse haven

Platte oesters
Platte oesters © Murko Seafood
In het westelijke havengebied van Rotterdam is een grote populatie platte, of, 'gewone' oesters gevonden. Dat is bijzonder, omdat die oestersoort in de vorige eeuw nagenoeg verdween door overbevissing, milieuvervuiling en uitbraken van parasieten. Nu lijkt de oester terug van weggeweest, en dat is goed nieuws voor liefhebbers.
De ontdekking van de oesters komt voort uit een onderzoek van Havenbedrijf Rotterdam en het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit, uitgevoerd door Wageningen Marine Research, Bureau Waardenburg en Sas Consultancy. Of de oesters op meerdere plekken in de haven voorkomen, moet nog blijken. Voor nu zijn ze alleen gesignaleerd in het westelijke havengebied, zowel op de bodem als aan de kademuur. Het is ook niet duidelijk waar de oesters vandaan komen.
Het zijn er best veel: zeker acht per vierkante meter. Volgens OSPAR, het internationale samenwerkingsverdrag om het maritieme milieu in onder meer de Noordzee te beschermen, is de minimale hoeveelheid voor een gezonde oesterpopulatie vijf per vierkante meter.

Het zware leven van de platte oester

Hoewel de oester nooit volledig uit de Nederlandse wateren is verdwenen, was tot voor kort nog maar weinig over van de grote oesterriffen die hier tot het begin van de negentiende eeuw goed hebben gedijd. De weekdieren komen niet meer zoveel voor langs de Nederlandse kust, en worden vooral in de Zeeuwse Grevelingen gekweekt om te eten.
Volgens de aan Wageningen Marine Research gelieerde maritiem bioloog Linda Tonk is het havengebied bij de Maasvlakte goed geschikt voor de oester. "De platte oesterlarven zwemmen ongeveer twee tot vier weken rond voor ze zich definitief vestigen. Hiervoor hebben ze een harde ondergrond nodig en die hebben ze in de haven op de Maasvlakte gevonden op lege oesterschelpen die daar zijn uitgestrooid", legt ze uit.
De terugkeer van het weekdiertje is volgens Tonk te danken aan een combinatie van factoren. "Blijkbaar zaten er voldoende larven in het water en was de stroming gunstig."

Geen ideale locatie

Helemaal ideaal is de locatie niet. "Om de oesters zo lang mogelijk te behouden zodat er nieuwe riffen kunnen ontstaan, hebben ze een stabiele ondergrond nodig zodat ze niet weg spoelen, en ook is het ontbreken van bodemactiviteiten van belang." De haven, met alle drukte van dien, zal daarom niet snel een oase voor platte oesters worden.
"Verder hebben ze voldoende voedselaanbod nodig voor de groei, en harde ondergrond voor het uitbreiden van de populatie. Hiervoor zijn ook voldoende volwassen oesters nodig om in het larvenaanbod te voorzien, zodat het beginnende rif ook in stand gehouden kan worden."