FEYENOORD

Reconstructie: de opkomst en ondergang van Feyenoord City

Artist Impression Feyenoord City
Artist Impression Feyenoord City © Artist Impression OMA
Feyenoord heeft geen vertrouwen meer in de bouw van het nieuwe stadion Feyenoord City. Het plan is stukgelopen op de steeds hoger wordende bouwkosten. Het is de derde keer dat een bouwplan voor een nieuwe voetbaltempel voor Feyenoord sneuvelt. Hoe heeft het zover kunnen komen? Een reconstructie.
Het Rotterdamse college houdt nog hoop op een oplossing, maar Feyenoord ziet die oplossing niet meer. De bouw van het stadion kan niet voor het begrote bedrag en bovendien heeft BAM recent besloten als bedrijf niet in risicovolle projecten te stappen. Opnieuw vragen om uitstel, met alle kosten van dien, is geen optie meer. Ook omdat er een voorstel is aangenomen in de gemeenteraad dat er voor het einde van 2021 een definitief besluit genomen moet worden. Daarmee lijkt het erop dat het derde plan voor een nieuw Feyenoordstadion ter ziele is.
En dus kunnen duizenden pagina's aan plannenmakerij voor de bouw van het nieuwe voetbalstadion Feyenoord City na jaren onderhandelen, tevergeefs zoeken naar investeerders en pappen en nathouden van verontruste supporters in de prullenbak. Bouwbedrijf BAM wil niet garant staan voor de bouwkosten die door de hausse op de vastgoedmarkt en almaar stijgende grondstofprijzen steeds hoger worden. Dat betekent dat er een streep door het plan gaat.
De gemeenteraad heeft van meet af aan bezworen dat de bijdrage niet hoger mocht worden dan 40 miljoen euro. Dat in ruil voor een aandeel in het stadion. Samen met investeringen in grond en infrastructuur is de totale bijdrage maximaal 135 miljoen euro. Geen cent meer, besloot de Rotterdamse raad al eerder. Extra financiële hulp vanuit de gemeente is dus niet mogelijk, zeker niet om het gat te overbruggen dat er nu ligt. Nieuwe investeerders die het tekort kunnen aanvullen hebben zich niet gemeld en het is onwaarschijnlijk dat het andere betrokken bouwbedrijf, Besix, het financiële gat dat valt kan opvangen.

De aanloop

Hoewel de voetbalclub formeel de opdrachtgever is voor de bouw van het nieuwe stadion, is de gemeente Rotterdam de drijvende kracht erachter. Al sinds 2005, toen voormalig Feyenoord-directeur Eric Gudde nog de hoogste ambtenaar bij de sportafdeling bij de gemeente was, is de ambitie om een megapubliekstrekker in de vorm van een nieuwe voetbaltempel te bouwen. Ook al zou dat onmiskenbaar het einde van voetballen in de Kuip betekenen. Twee jaar later werd Gudde directeur van de voetbalclub en kon hij in die hoedanigheid zijn eerdere plannen gaan uitwerken.
Het eerste nieuwbouwplan dat in 2007 intern als winnaar uit de bus kwam was een stadion dat half in de Maas stond, op een steenworp afstand van de plek waar Feyenoord City moest komen. Het moest een icoon worden. Het plan was om het voetbalstadion in de luwte van Brienenoordeiland te bouwen. Het zou er veilig zijn voor scheepvaart en de stroming is er niet zo sterk als op andere plekken van de rivier. In de buurt zouden grote sportattracties komen, zoals een atletiekbaan. Het aan de oever van de Maas gelegen bedrijventerrein Klein België, dat nu een rommelig gebied is, zou opgeknapt worden waardoor het hele gebied er aantrekkelijker uit zou gaan zien. Het plan was doordacht maar het kostte te veel geld, zo bleek toen de gemeenteraad er vier jaar later in september 2011 over moest beslissen. De wereld was toen midden in een vastgoedcrisis beland. De gemeente Rotterdam moest bezuinigen en zag de bodem van de voorheen goed gevulde schatkist in zicht komen.
Omdat de gemeente toch een nieuw stadion wilde bouwen, werd een veel goedkoper, uitgekleed noodplan uit de kast getrokken. Het zou komen op grond die van de Sportclub Feyenoord was, op Varkenoord, tegenover de Kuip. Een goed uitgewerkt plan was het niet. Een van de weinige duidelijke elementen was de bouwsom die 360 miljoen euro zou moeten bedragen. De bouwer zou VolkerWessels zijn. Omdat Feyenoord financieel onvoldoende solide was, moest de gemeente voor bijna de helft van het te financieren bedrag garant staan.
Driekwart jaar voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2014 trokken D66 en Leefbaar Rotterdam de stekker uit dit plan. Ze hadden bezwaren tegen de garantstelling door de gemeente voor dit private project, dit vonden ze geen taak voor een gemeente. Ander kritiekpunt was dat er geen ontwerp voor het stadion was. De toenmalig fractieleider van Leefbaar Rotterdam, Ronald Schneider, vertelde het nieuws tijdens de talkshow Pauw en Witteman op 10 juli 2013. Dat sloeg in als een bom. Burgemeester Aboutaleb had die dag nog geprobeerd om de raadsleden van D66 op andere gedachten te brengen, tijdens een spoedonderhoud op zijn kamer. De D66'ers waren echter niet te vermurwen: ze zouden tegenstemmen en daarmee was HNS van de baan.

Ontwerp van Feyenoord City start onder de radar

Na de verkiezingen van 2014 stelde de club een driemanschap aan dat moest onderzoeken of de Kuip te renoveren was. Dat waren oud-wethouder Hans Vervat (PvdA), oud-Ahoy-directeur Jos van der Vegt en oud-wethouder Wim van Sluis (Leefbaar Rotterdam). De kosten zouden lager zijn dan een nieuw stadion bouwen. Het winnende renovatieplan kwam van bouwbedrijf BAM, maar dat klapte in maart 2015 op de kosten. Die werden steeds hoger doordat er steeds nieuwe eisen bij kwamen, zoals een uitschuifbaar dak zodat er ook concerten gehouden konden worden als het regent. Als het zo duur was om de Kuip te renoveren, was het argument, dan kan je net zo goed een nieuw stadion bouwen dat aan de eisen van de moderne tijd voldoet. Het belangrijkste argument van stadiondirecteur Jan van Merwijk, die al sinds 1995 in dienst is, was dat de Kuip aan het einde van zijn economische levensduur was. En het was dus tijd om een stadion te bouwen dat zijn weerga niet kent en dat voldoet aan de wensen van de hedendaagse consument: die wil niet in de regen op een rottig plastic stoeltje zitten. Die zoekt juist comfort en service in de vorm van makkelijk toegankelijke catering en moderne toiletten, was de gedachte.
Toen de renovatievarianten van tafel waren en de economische crisis voorbij, leek de weg eindelijk vrij voor de bouw van een nieuw stadion. De stad Rotterdam en de projectorganisatie van Feyenoord City gaven het gerenommeerde architectenbureau OMA van Rem Koolhaas in december 2015 de opdracht om een masterplan te ontwikkelen voor de Stadiondriehoek. Dat staat in de inleiding van het concept masterplan Feyenoord City, dat verspreid is tijdens de presentatie een jaar later, in november 2016. Het draaide niet alleen om nieuwe sportfaciliteiten, maar ook om de bouw van een nieuwe woonwijk in het hogere prijssegment.
Het nieuwe stadion zou in de bocht van de Maas komen en er voor de helft in komen te staan. Er moest dus een stukje rivier ingepolderd worden. Het spoor langs de Stadionweg zou overkluisd worden om de achterliggende woonwijken bij het nieuw ontwikkelde gebied te betrekken. Tussen de Kuip en het nieuwe stadion zou een boulevard komen, genaamd de Strip, met commerciële etablissementen zoals een bioscoop, sportwinkels en horeca. In de Kuip moesten appartementen komen en het binnenterrein zou publiek toegankelijk blijven. Er zou mogelijk een atletiekbaan komen op de plek waar het veld ligt.

Hoge extra kosten door dijk, waterleiding en grond

Het lijkt erop dat de opdrachtgevers voor Feyenoord City - Van Merwijk als directeur van het stadion en voormalig gemeenteambtenaar Gudde als directeur van de voetbalclub - geleerd hadden van fouten uit het verleden. Ontbrak het bij HNS aan een concreet bouwplan of zelfs maar een ontwerp voor het stadion, ditmaal lag er een boekwerk van 195 pagina's. Hierin bracht OMA het ontwerp van het 63.000 stoelen tellende station én het gehele Feyenoord City-gebied gedetailleerd in beeld. De gemeente zou voor een bedrag van 135 miljoen euro meedoen: 40 miljoen euro in ruil voor een aandeel, 60 miljoen euro in ruil voor grond die in erfpacht uitgegeven zou worden en nog eens 35 miljoen euro aan infrastructurele investeringen, zoals wegomleggingen en stoepjes. De bouwsom was oorspronkelijk 365 miljoen euro en gebaseerd op het bedrag dat HNS mocht kosten, maar werd uiteindelijk na correctie van inflatie opgehoogd tot 441 miljoen euro.
Probleem was echter dat deze bouwsom van meet af aan onvoldoende was om het plan te betalen, zo zou na de eerste openbare presentatie op 30 november 2016 blijken. En dat kwam niet eens door de al sinds medio 2014 stijgende prijzen op de bouwmarkt. Voor het stadion moet een dijk gebouwd worden om het stadion te beschermen tegen mogelijke botsingen van voorbijvarende schepen. Die kosten waren niet ingecalculeerd en de gemeente had ze ook niet begroot. Het stadion stond bovendien precies gepland op een waterleiding van Evides die omgelegd moest worden als het stadion er zou komen, kosten die ook niet waren begroot. En net als uit het stadionplan van 2007 bleek: ondernemers op het bedrijventerrein op de oever van de Maas langs de Stadionweg moeten uitgekocht worden, waaronder een lucratief pompstation van NRG. Bovendien zit de goedlopende bouwmarkt Gamma precies op de plek waar de middenstip van Feyenoord City moet komen. Ernaast zit het snelgroeiende laboratorium TLR, dat daar oorspronkelijk absoluut niet wegwilde. Het uitkopen kost vele miljoenen.

Storm van kritiek op plannen, maar ook complimenten

Vanaf de presentatie van de stadionplannen klinkt er lof en kritiek. Lof komt van Rotterdammers die willen dat Rotterdam-Zuid zich ontwikkelt. Zij hopen dat de nieuwbouw het hele gebied uit het slop zal trekken, zij willen dan ook een groot, luxe stadion. Kritiek komt vooral van de harde kern Feyenoordsupporters en van gemeenteraadsleden die niet geloven dat de voetbalclub en de NV de bouw van het plan kunnen betalen. Als ze de business case en het plan doorspitten, stuiten ze op het ene na het andere probleem: zo moet er volgens de plannen veel verdiend worden aan horeca, verhuur van zalen en andere commerciële exploitatie van het stadion waarvoor feitelijk geen enkele garantie is. Als de opbrengsten tegenvallen zouden ze ten koste kunnen gaan van het spelersbudget.
In tegenstelling tot de huidige situatie moet de voetbalclub in de toekomstige situatie de opbrengst van de kaartverkoop afstaan aan de organisatie van Feyenoord City. Ook betaalt de voetbalclub geen huur maar ontvangt deze uit de omzet van het stadion een basistoelage, daarvan moet de club de spelers betalen. Als er winst is, vloeit die voor een deel naar de club. Dat komt dan bovenop het basisbedrag. Doel is dat het spelersbudget daardoor veel hoger is dan het met de Kuip kan worden. Maar wat gebeurt er eigenlijk als er geen winst is? Angstbeelden doemen op met beangstigende titels zoals het 'the perfect storm'-scenario. Dat houdt in dat alles tegenvalt: de club verliest, het stadion verdient te weinig en de club gaat failliet. Wie trekt Feyenoord dan uit het slop?
Om de (niet toereikende) bouwsom te financieren sluiten de opdrachtgevers een lening af bij de Amerikaanse bank Goldman Sachs voor 230 miljoen euro. Een deel is al gebruikt voor de projectorganisatie die de plannen maakt. De Kuip is het onderpand. Ook dat doet supporters voor het ergste vrezen.
In de politiek zijn er vragen over het kleine aantal autoparkeerplaatsen. In het gepresenteerde plan moeten supporters op de fiets komen, of met het OV. Parkeren kan verder elders in de stad, zoals op parkeerplaatsen van bedrijven in de buurt die tijdens wedstrijden bijna toch altijd leeg zijn. Maar dan nog zijn er in het nieuwe plan veel minder parkeerplekken dan er nu zijn. Ook moet er een metrolijn voor Zuid bijkomen want de tram die nu rijdt biedt veel te weinig plek. Maar in geen enkele begroting van de gemeente is daar geld voor gereserveerd terwijl zo'n project miljarden kost.
Afgezien van deze zakelijke argumenten zijn supporters vooral emotioneel over de liefdeloze wijze waarop hun Kuip wordt afgedankt. Tijdens een debatavond op 30 maart 2017 over het stadion in Arminius barst een supporter in tranen uit omdat hij bang is voor verlies van de Kuip en de club waar hij lief en leed mee deelt.
Vijf maanden na de eerste publieke presentatie van de plannen op 30 november 2016, moet de gemeenteraad al stemmen over medewerking aan het masterplan Feyenoord City én het voornemen om 135 miljoen euro mee te investeren. Gezien de complexiteit en de omvang van het plan, dat onder de radar al sinds eind 2015 in voorbereiding is, lijkt het erop dat het er nu doorheen geramd moet worden. De coalitiepartijen VVD, D66, Leefbaar Rotterdam en een groot deel van de oppositie waaronder de PvdA stemmen tijdens de raadsvergadering van 11 mei 2017 met het plan in. Dat levert zo'n grote meerderheid op dat de tegenstemmen van twee leden van de coalitiefracties (Dries Mosch namens Leefbaar en Jos Verveen namens D66) niet meer uitmaken. De kogel is door de kerk.

Waar blijven de investeerders?

Een week na de euforie van het landskampioenschap van Feyenoord vertrekt Eric Gudde. De ex-gemeenteambtenaar is uitgespeeld in Rotterdam en vertrekt naar de KNVB. Zijn taak zit erop. TV-manager Jan de Jong volgt hem drie maanden later op. Het is aan hem hem en de projectorganisatie voor Feyenoord City onder leiding vanCarl Berg om geldschieters te vinden voor het bouwplan. Berg komt net als Gudde van de gemeente Rotterdam. Hij was sinds 2008 directeur bij de dienst Stadsontwikkeling die over grote bouwprojecten zoals het nieuwe stadion gaat, eerst op gebied van financiën, later op gebied van strategie en bijzondere projecten. Maar het lijkt er sterk op dat Berg geen gouden handjes heeft. Het schiet helemaal niet op met het vinden van investeerders en deadlines worden niet gehaald. Berg laat verschillende keren weten dat het bedrag bíjna rond is. Nooit wordt duidelijk wie de potentiële geldschieters dan zijn. Ook is niet controleerbaar welke partijen nu wat voor toezegging hebben gedaan.
Intussen stijgen de bouwkosten en de vastgoedmarkt in Nederland ontploft. Al in 2018 was er een duidelijke trend zichtbaar: huizen die in 2013 onder water stonden zijn daar al lang bovenuit aan het steken. Maar tijdens de aandeelhoudersvergadering van de Stadion NV in december 2018 zeggen financieel directeur Carl Berg en projectarchitect David Gianotten van OMA dat er rekening mee gehouden is en dat de bouwsom toereikend is voor de prijsontwikkeling van de komende twee jaar. Tot 2020 dus. Maar ook dan blijkt de bouwsom al te laag.
Teken aan de wand is dat de in 2020 overleden miljardair Cees de Bruin, die president-commissaris is van de Stadion NV, geen cent investeert. Terwijl hij bekend staat als een man met een zeer goed oog voor in de toekomst winstgevende beleggingsobjecten. Dat hij niet over de brug komt, irriteert sommige vermogende ondernemers in Rotterdam zo erg dat ze zeggen dat als hij zelf niet investeert, zij dat ook niet gaan doen.
Bij het akkoord waarmee de gemeenteraad in 2017 instemde was afgesproken dat de financiering rond moest zijn voor een volgende stap gezet zou worden, zoals het wijzigen van het bestemmingsplan van het gebied in de Stadiondriehoek. Hoewel de financiering drie jaar later nog steeds niet rond is stemt de gemeenteraad op 18 december 2020 tóch in met de bestemmingsplanwijziging. Het betekent dat het gebied bij de Stadionweg nu zo ingericht moet worden als is voorzien in het masterplan van OMA van eind 2016.

Stenen door de ruit

Fanatieke supporters die Feyenoord City verafschuwen, kunnen nauwelijks geloven dat de bestemmingswijziging wordt doorgezet. Een supporterscollectief onder de naam Stadion op Zuid stapt in het voorjaar van 2021 naar de Raad van State om beroep aan te tekenen. Er zijn twee hele dagen voor uitgetrokken omdat het dossier zo complex is. De zaak dient uiteindelijk op 22 en 23 november en moet dus nog starten. In de tussentijd is de sfeer onder een deel van de supporters van de harde kern verhard en start een reeks intimiderende acties tegen mensen die een rol spelen bij de totstandkoming van het stadion.
Tijdens hun eerste actie zijn de pijlen gericht op ondernemer Alexander van der Lely, die geld wil steken in Feyenoord City. Een groep supporters duikt op 14 mei 2021 op voor zijn bedrijf Lely in Maassluis. Ze hebben een spandoek bij zich met de tekst: 'Alexander van der Lely, wij vergeten nooit.'
Op 5 juni verkleedt een groep supporters zich in zwarte kleren. Ze duiken op voor de woningen van Mark Koevermans, die in 2019 Jan de Jong als directeur van Feyenoord opvolgde, en bij twee personeelsleden van de club. Ook stonden ze voor het huis van architect Ard Buijsen, die in 2015 en 2016 opdrachten uitvoerde voor OMA en te maken had met het stadionontwerp van Feyenoord City. Deze supporters, die met enkele tientallen waren, hadden bij deze tweede actie naar eigen zeggen 'een speurtocht' uitgezet.
Uit vrees voor meer problemen laste burgemeester Aboutaleb een gemeenteraadsvergadering drie dagen later, op 8 juni, af. Koevermans zou daar de stand van zaken omtrent Feyenoord City komen toelichten. Daarna zou de gemeenteraad de knoop willen doorhakken om wel of niet door te gaan met het stadionplan - ook al was de financiering nog steeds niet rond. Op 18 juni vond deze gemeenteraadsvergadering alsnog plaats. Vlak voor de bijeenkomst rekende de politie een man in voor het bedreigen van raadsleden. Koevermans zelf besloot om niet meer naar het stadhuis te komen.
Maar daarmee was Koevermans niet van de bedreigingen af. Op 19 september gooide de RJK, een jongerentak van de harde kern van Feyenoord supporters, een steen door de ruit van Koevermans' huis. Op de stoep stonden leuzen gespoten, op de voordeur lieten ze de tag 'RJK' achter. Ook bij een investeerder in Feyenoord City gingen ze thuis langs en kinkelden ze de ruiten in.

Koevermans stapt op

Dik een maand na het incident, op 27 oktober, geeft Koevermans er de brui aan. Hij stapt op omdat hij de bedreigingen en intimidaties zat is, volgens de officiële berichten. Dat begrijpt iedereen. Maar op de achtergrond klinken toch vragen over deze motivatie: Koevermans had een week eerder gezegd dat hij niet van plan was weg te gaan. Hoe kon dit ineens? Bekend is dat Koevermans' contract met Feyenoord op 1 december zou aflopen en dat hij aanspraak kon maken op een afkoopsom van 4,5 ton. Die zou hij gecasht hebben. Op de plek waar Koevermans zat, is nu een leemte.
Vraag is wie die gaat opvullen. Koevermans heeft altijd gezegd dat hij niet wilde dat de bouwsom voor het stadion van de oorspronkelijk geraamde 441 miljoen euro overschreden zou worden. Daar wilde hij niet op terugkomen, dat was duidelijk. Maar met de huidige tarieven op de bouwmarkt kan je dit stadion daar nu niet voor bouwen. Wie weet komt er dus een directeur die een hogere bouwsom wel zou accepteren.
Maar gezien het nieuws van zaterdag 6 november is het de vraag of dit nog nodig is. RTV Rijnmond meldde toen dat Feyenoord het vertrouwen in het project heeft opgezegd. Stadion Feijenoord en de gemeente houden hoop, maar nu bouwbedrijf BAM niet garant wil staan voor de bouw van het stadion als de bouwsom niet fors omhoog gaat, lijkt dat ijdele hoop te zijn. Diverse betrokkenen bij het stadionproject laten weten geen oplossing meer te zien, maar laten een gepland topoverleg nog wel doorgaan.
De bouw kan niet voor het begrote bedrag en bovendien heeft BAM recent besloten als bedrijf niet in risicovolle projecten te stappen. Het besluit van BAM betekent dat het plan niet door kan gaan. Opnieuw vragen om uitstel, met alle kosten van dien, is geen optie meer. De Kuip moet opgeknapt worden en de mensen die aan het nieuwe stadion werken moeten dan ook worden doorbetaald. Bovendien is er een amendement aangenomen in de gemeenteraad dat er voor het einde van 2021 een definitief besluit genomen moet worden en dat uitstel geen optie meer is. Daarmee lijkt het erop dat het derde plan voor een nieuw Feyenoordstadion ter ziele is.