nieuws

Vergeten Verhalen: het zeemansgraf van Arie Beijer

Arie Beijer uit Rotterdam is in 1939 één van de eerste slachtoffers van de dreigende oorlog in Nederland. Hij komt om op de Waddenzee als zijn schip op een mijn loopt.
Arie is geboren in 1918 en werkt als kok bij de Koninklijke Marine. Hij vaart op mijnenveger Hare Majesteit Willem van Ewijck.
Zijn foto en verhaal zijn kort geleden terecht gekomen bij Museum Rotterdam '40-'45. Een verhaal dat lange tijd onder het tapijt geschoven is vanwege spreekverbod.
Na de Duitse inval in Polen in 1939 verklaren Engeland en Frankrijk de oorlog aan Duitsland. Nederland zou neutraal blijven, het als in de jaren 1914 -1918.

Waddeneilanden

Voor de zekerheid neemt Nederland wel maatregelen. Eén ervan is het afsluiten van de zeegaten tussen de Waddeneilanden. Een belangrijke rol daarbij is weggelegd voor de HM Willem van Ewijck, het schip waarop de Rotterdamse Arie Beijer vaart.
Al snel blijkt dat het afsluiten van de zeegaten helemaal niet handig is: er zijn open verbindingen nodig voor de vissersschepen.
En dus krijgt de Willem van Ewijck de opdracht de mijnen weer te ruimen. Het is een samenwerking met een ander schip, de Willem van Gelder. Een ketting tussen beide schepen wordt over de bodem gesleept en mijnen die zo naar boven komen worden tot ontploffing gebracht met een kanon of mitrailleur.
Vloed
Op vrijdag 8 september 1939 is de Van Ewijck bezig met het 'corrigeren van het mijnenveld' tussen Vlieland en Terschelling. De 1e officier merkt dat de vloed is komen opzetten, waardoor het schip op de mijnen dreigt te lopen.
Hij heeft nog volle kracht gegeven, zo blijkt later uit onderzoek, maar het schip loopt toch op een mijn. De Hare Majesteit Willem van Ewijck breekt in tweeën en zinkt in een paar minuten.
Slachtoffers
Er zijn 51 opvarenden aan boord, slechts 21 van hen worden gered. Er worden vier doden geborgen en 26 mensen raakt vermist. Arie Beijer zit benedendeks en heeft geen schijn van kans. Hij is één van de 26 vermisten en krijgt dus een zeemansgraf.
Spreekverbod
De overlevenden en opvarenden van schepen in de buurt krijgen van de Nederlandse autoriteiten een spreekverbod. Een paar dagen na het ongeluk krijgt Arie's vader 's avonds laat in Rotterdam bezoek van één van de opvarenden.
Hij mag niets zeggen, maar doet het toch. Hij vertelt dat het schip op een eigen mijn is gevaren. Er is lang gespeculeerd of dit de waarheid is, vanwege de zwijgplicht. Uiteindelijk wordt het verhaal wel bevestigd. Het staat in het officiele standaardwerk van de marine: De Koninklijke Marine in de Tweede Wereldoorlog, deel 1.
De foto van Arie Beijer in zijn marinekleding en zijn verhaal zijn opgenomen in de collectie van
Museum Rotterdam '40- '45 NU.