GGD

Rotterdamse huisartsen gaan GGD helpen met geven van boosterprik aan niet-mobiele ouderen

Een prik wordt gezet.
Een prik wordt gezet. © Archief
Rotterdamse huisartsen gaan de GGD helpen met het vaccineren van niet-mobiele ouderen in de regio Rijnmond. Aangezien het storm loopt voor de boosterprik bij de GGD zou het nog lang kunnen duren voordat alle immobiele ouderen hun vaccinatie hebben gehad, terwijl ze een kwetsbare groep zijn. Huisartsen springen daarom bij om dit proces te versnellen.
Het geven van boosterprikken aan niet-mobiele ouderen is een arbeidsintensief proces. Die groep mensen kan moeilijk de deur uit - ze zijn vaak slecht ter been - waardoor de GGD genoodzaakt is om langs te gaan. Maar daar heeft de zorginstantie eigenlijk geen tijd voor: de GGD moet ook de landelijke (booster)vaccinatiecampagne regelen én gaat over de coronatests. En stuk voor stuk langsgaan bij personen kost waardevolle tijd. Vandaar dat Rotterdamse huisartsen nu bijspringen.
Eén van de artsen die gaat helpen is Martine Uil. "Er moet een arts of verpleegkundige langsgaan bij deze immobiele mensen," vertelt ze. "Die hulp is hard nodig in de zorg." Niet alle huisartsen in de regio willen of kunnen meedoen met het initiatief. Hun patiënten zullen worden geprikt door Rotterdamse huisartsen die zijn aangesloten bij zorggroep IZER, vertelt Uil. "Als we dit niet gedaan hadden, dan zou de GGD het pas in maart kunnen afronden."
De Rotterdamse huisartsen hebben een protocol opgesteld waardoor verpleegkundigen zelfstandig langs kunnen gaan bij ouderen, zonder dat er een arts mee hoeft. "Als je een prik krijgt dan gaat dat heel vaak gewoon goed. Maar er is een klein risico dat mensen nadien niet lekker worden, vandaar dat patiënten vijftien minuten wordt geobserveerd om te kijken of het goed gaat. Tot nu toe moet dat altijd in aanwezigheid van een dokter gebeuren, terwijl wij denken dat een verpleegkundige het ook goed kan."

Hulp van familie en bekenden

De huisartsen selecteren zelf welke patiënt als niet-mobiel wordt gecategoriseerd. Hoewel ze graag bijspringen, is en blijft het ook druk bij de huisartspraktijken. Uil zegt dat de voorkeur blijft uitgaan naar een betrokken zoon, dochter, buurman, buurvrouw of vrijwilliger die een niet-mobiele oudere meeneemt naar de GGD. "We hopen dat zo veel mogelijk mensen dat wel doen, om het behapbaar te houden," zegt Uil. Maar voor degenen die dit niet kunnen doen, kan de huisarts dus langskomen.
In totaal gaat het ongeveer over 1500 tot 3000 niet-mobiele ouderen in de regio Rijnmond die geboosterd gaan worden door huisartsen in plaats van de GGD. In Rotterdam gaat het om ongeveer vijf patiënten per huisartsenpraktijk. Eind januari hoopt Uil dat deze hele groep in Rijnmond hun boosterprik heeft gekregen.