nieuws

Miljoenendans rondom faillissement Ruwaard van Putten-ziekenhuis

Ruwaard van Putten Ziekenhuis
Ruwaard van Putten Ziekenhuis
Het faillissement van het Ruwaard van Putten-ziekenhuis in Spijkenisse is ook ruim drie jaar nadien nog niet afgerond. Integendeel, er lopen nog veel procedures. Dat blijkt uit het achtste verslag van de curatoren.
Maar liefst 380 crediteuren menen nog geld te goed te hebben. Het gaat om een totaalbedrag van 75,3 miljoen euro. Daarvan zijn het Waarborgfonds voor de zorgsector (29,1 miljoen) en de ING-bank (7,6) de belangrijkste schuldeisers.
De specialisten staan ook nog in de rij van de crediteuren. Zij menen voor 10 miljoen goodwill te zijn kwijtgeraakt door de ondergang van het ziekenhuis. De Rotterdamse rechtbank buigt zich binnenkort over die kwestie.
Ook hebben de curatoren nog een geschil met zorgverzekeraar CZ. In tegenstelling tot de andere zorgverzekeraars, die inmiddels 2,4 miljoen euro neertelden, komt CZ volgens de curatoren terug op eerder gemaakte afspraken.

Pand

Er is voor het pand van het huidige Spijkenisse Medisch Centrum nog steeds geen nieuwe eigenaar. De gesprekken met de gemeente Nissewaard, die de grond bezit, waren in een vergevorderd stadium, maar zijn nog niet afgerond.

Oorzaak

Het blijft ook nog onduidelijk wie er verantwoordelijk is voor het faillissement dat in juni 2013 werd uitgesproken. De curatoren hebben hun feitenrelaas nagenoeg klaar, maar hebben dit nog niet wereldkundig gemaakt. Wel zijn ze aan een nader financieel onderzoek begonnen.
Cardiologie
Het ziekenhuis ging failliet omdat er te weinig geld werd verdiend. Dat kwam vooral omdat de afdeling cardiologie in november 2012 door de Inspectie voor de Gezondheidszorg werd gesloten. Daardoor liep het Ruwaard zeker 15 procent van de inkomsten mis.
De schorsing van de cardiologen was terecht, maar het duurde veel te lang voordat deze werd opgeheven. Dat hebben diverse rechtsorganen zoals de Raad van State gesteld. Het hoogste medisch tuchtcollege vond de vergrijpen ook onvoldoende om de drie cardiologen uit hun beroep te zetten.