nieuws

Kindervakantiekampen in Rotterdam

Rotterdam kent van oudsher al kindervakantiekampen. Tegenwoordig is er Jeugdvakantieland in Ahoy, maar al in 1912 was er het Rotterdamsche Vacantie-kinderfeest en in 1925 de Rotterdamsche Vakantieschool.
Aan het begin van de vorige eeuw hadden kinderen uit arbeidersmilieus het zwaar. Ze groeiden op in stegen en nauwe straten, in trieste hofjes en buurtjes zonder enige speelruimte. Het waren vooral de socialisten en onderwijzers die vonden dat aan die toestanden iets gedaan moest worden, al was het maar tijdelijk.

In 1912 werd het Rotterdamsche Vacantie-kinderfeest (VKF), opgericht door de Rotterdamse afdeling van de Bond van Nederlandse onderwijzers. Het was de bedoeling dat de kinderen dan een dag konden genieten van een dag zomerweelde in Hoek van Holland of Oostvoorne. De socialistische journalist Marie Brusse noemde het Vakantiekinderfeest het St. Nicolaasfeest van de zomer.

De aanmeldingen stroomden binnen. In 1912 ging het om 2.300 kinderen, in 1927 om 9.000. Ook kinderen met een handicap konden mee en voor Joodse kinderen was er, vanwege hun rituelen, een aparte dag. Wegens beperkte financiën moest er worden geloot. De begeleiders, onderwijzend personeel, werden niet betaald.

Vakantiehuis

In 1929 kocht het VKF een huis in Ulvenhout, zodat de kinderen drie dagen weg konden. Ook hiervoor moest worden geloot. Tot 1937 had het VKF aan bijna 150.000 kinderen een eendaagse en aan 20.000 kinderen een driedaagse vakantie bezorgd.
Bij gelegenheid van het 25-jarig jubileum werd in Ulvenhout een nieuw huis gebouwd, bijeengebracht door de Rotterdamse burgerij. Het werd in 1938 geopend.
Ook na de oorlog ging het VKF door met het organiseren van vakanties. Vanaf de jaren zeventig kreeg de arbeider beschikking over meer vrije tijd en ruimere financiële middelen. Hij kon zelf met zijn kinderen op vakantie. Vakantiekampen voor arme arbeiderskinderen werden overbodig. Het huis van de VKF in Ulvenhout werd in 1986 verkocht.

Rotterdamsche Vakantieschool

In 1925 werd de Rotterdamsche Vakantieschool (RVS) opgericht, eveneens voor Rotterdamse kinderen uit de minder bedeelde milieus, zodat die in de zomer enkele weken naar Hoek van Holland konden.
Omdat Rotterdam geen enkel terrein had dat geschikt was als speelterrein werd uitgeweken naar Hoek van Holland. De gemeente Rotterdam stelde daar een terrein gratis beschikbaar. Kinderen vanaf 6 jaar konden deelnemen. De ouders moesten bijdragen met 40 cent per week, een enorm bedrag. Er schreven zich 5.500 kinderen in terwijl er 1.025 meekonden. Daarvan waren 875 ouders die de volle prijs niet konden betalen. Van hen mochten er 500 kinderen mee. De ouders betaalden het bedrag verspreid over het hele jaar, want de meesten konden het geld niet in één keer voldoen, zeker niet als er meerdere kinderen uit één gezin deelnamen. Ze gingen dagelijks op en neer van Rotterdam naar Hoek van Holland. Vanaf 1929 waren er ook groepen kinderen welkom. Die bleven van maandag tot vrijdag. Via het Rode Kruis kreeg men gratis ledikanten, bedden, lakens enz. In 1925 begon men met zo’n 1.000 kinderen, in 1931 waren het er al 4.500. In 1936 mochten 606 kinderen van werklozen gratis naar Hoek van Holland.
Aan het woord is Wilma van Giersbergen van het Stadsarchief.