NIEUWS

Van wie is Jules Deelder?

Jules Deelder thuis in de Rochussenstraat
Jules Deelder thuis in de Rochussenstraat © Roland Vonk
Mag je zomaar een gedicht van Jules Deelder op je winkelruit zetten? Of in je krant? Mag je zomaar gedichten van Deelder voordragen in het theater of op de radio? In hoeverre mag je eruit citeren in een boek? Mag je zomaar liedjes maken met teksten van Jules? En daar cd’tjes van verkopen? Kortom: van wie is Jules Deelder eigenlijk?
Dit soort vragen werd laatst in kleine kring actueel door een akkefietje achter de schermen van Radio Rijnmond. Ik zou in het zondagochtendprogramma Archief Rijnmond wat gedichten van Jules Deelder laten horen die Martin Mens uit Barendrecht in zijn huisstudiootje heeft opgenomen, ondersteund door composities van bevriend muzikant Marcel Chretien.
Ik ken Martin al heel lang. Hij werkt bij een geluidsverhuurbedrijf. Heeft uit dien hoofde Deelder ook weleens ‘versterkt’. Verder speelt hij in de Rotterdamse hardrockband Highway Chile. En hij mag graag thuis gedichten en verhalen opnemen tegen de achtergrond van wat wel soundscapes worden genoemd. Daar maakt hij cd’tjes van die hij voor een klein prijsje in zeer kleine aantallen slijt.
Nadat Martin zich eerder onder de noemer Poetry On Music had gewaagd aan werk van Marten Toonder, Robert Burns, Shakespeare, Yeats, Edgar Allen Poe en nog een hele sliert bekende en minder bekende poëten, rees in corona-tijd het idee om iets te gaan doen met werk van de in 2019 overleden Jules Deelder.
Poetry on Music van Martin Mens en Marcel Chretien
Poetry on Music van Martin Mens en Marcel Chretien © Roland Vonk
Via Facebook zocht Martin contact met de dochter van Jules, Ari Deelder. Hij wilde weten of ze instemde met het idee. En hij had nog wat vragen aan haar over specifieke gedichten. Er kwam geen reactie. Toen heeft Martin contact opgenomen met Buma/Stemra. Daar kreeg hij te horen dat er ‘geen afspraken zijn gemaakt met de erven Deelder’.
Wat was wijsheid? Martin ging maar gewoon aan de slag, en hij meldde zijn opnames aan bij Buma/Stemra. Niet dat er nou echt geld ging worden verdiend. Maar hij wilde het netjes doen. Al die teksten waren tenslotte niet van hemzelf maar van Deelder.
Martin zette een aanprijzing van die cd Music On Poetry 3 Jules Deelder op zijn site en benaderde mij om de cd als het ware op de radio ten doop te houden. Ik ging langs, nam een gesprek op met Martin en Marcel, monteerde dat, schreef er een inleidinkje bij en vertelde Martin dat ik de boel die zondag ging gebruiken op de radio. Aan de vooravond van die uitzending, zaterdagavond om half tien, kreeg ik een berichtje van beeldend kunstenaar Anne Marie Fok, de weduwe van Jules. Of het klopte dat ene Martin Mens de volgende dag bij mij een ‘première’ had met werk van Jules?
Martin Mens had op Facebook reclame gemaakt voor de uitzending van de volgende dag, en die aankondiging had Anne Marie onder ogen gekregen. Anne Marie en Ari waren er niet blij mee. Ze wisten van niks, er was geen overleg geweest, laat staan dat ze hier toestemming voor hadden gegeven en ze sommeerden Martin om te stoppen met de verkoop van die cd en al het materiaal van internet te verwijderen. Zelf besloot ik om het item van de volgende dag maar te cancelen. Om zo’n item nou uit te zenden tegen de uitdrukkelijke wil van de nabestaanden in is ook weer zo wat. Ik wilde het verder goede contact met Anne Marie daar ook niet mee opzadelen.
Ik had wel een logistiek probleempje op te lossen. Te elfder ure moest ik snel iets anders verzinnen voor het programma van de volgende ochtend. Gelukkig heb ik altijd voldoende achter de hand.
Intussen was ik me natuurlijk wel gaan afvragen hoe het juridisch eigenlijk zit. Wat mag je doen met teksten - of liedjes - van iemand anders? Voor welk gebruik moet je toestemming vragen? Wanneer mag je er zelf aan gaan sleutelen?
Vragen die - uiteraard - veel verder gaan dan alleen de gedichten van Deelder. Ik draai op de radio bijvoorbeeld zo vaak covers van bekende liedjes - onbewerkte covers, maar ook weleens bewerkingen annex vertalingen, al dan niet door mijzelf opgenomen. Moet een artiest daar allemaal toestemming voor hebben van de rechthebbenden? Dat lijkt mij bijna niet te doen. En je kunt je ook afvragen waar het helemaal om gaat. Wat is het belang?
Toch moet je zulke toestemming in principe wel hebben, blijkt als je kijkt naar het auteursrecht.

Schutting

Als jij een tekst maakt, mag een ander die - tot 70 jaar na jouw overlijden - niet zomaar gebruiken om verder te verspreiden. Daar is toestemming voor nodig, en aan die toestemming kan een vergoeding vastzitten. Dat geldt voor drukwerk, maar net zo goed voor verspreiding via internet. Als jij op je Facebookpagina een gedicht van Deelder citeert, overtreed je welbeschouwd al de auteurswet. Hetzelfde geldt voor wie een tekst van Jules op een schutting schildert, zoals laatst in Rotterdam gebeurde. Of wanneer je als cafébaas teksten van Deelder op je terrasafscheiding plakt, wat ik ook ben tegengekomen.
Dat het gebeurt als eerbetoon of als ode, maakt daarbij niet uit. Net zo min of iemand er ‘rijk’ van wordt. Het gaat erom dat je toestemming hebt van de rechthebbenden. Die het helemaal niet om geld te doen hoeft te zijn.
Maar je mag iemand toch wel citeren? Ja dat mag, maar: in beperkte mate. Je moet de bron vermelden, het citaat moet een functie hebben in een groter geheel en je mag er niks aan veranderen.
En hoe zit het met liedjes? Mag je zomaar een bestaand liedje coveren, bij een optreden, in een filmpje op internet, of op een geluidsdrager? De juridische werkelijkheid is dat je ook daarvoor toestemming van de maker(s) moet hebben. Dat is in de praktijk natuurlijk heel omslachtig, daarom zijn er auteursrechtenorganisaties als Buma/Stemra die dit regelen namens alle rechthebbenden die bij hen zijn aangesloten. Als je iets van iemand anders uitvoert of opneemt, meld je dat aan bij Buma/Stemra, je betaalt die organisatie en die zorgt ervoor dat de makers hun deel krijgen.
Kunnen makers/rechthebbenden van een liedje een artiest verbieden om hun werk te zingen? Ja, dat kan. Over die mogelijkheid is bijvoorbeeld geschreven rond het liedje Mag ik dan bij jou van Claudia de Breij. Claudia heeft dat lied zelf geschreven. Op zeker moment coverde Jeroen van den Boom het. Claudia had dat kunnen tegenhouden. Alleen: waarom zou je dat doen? Als iemand anders jouw liedje zingt kun je dat opvatten als een blijk van waardering, én: je ontvangt er via Buma/Stemra geld voor.
Mag je een liedje van een ander zomaar bewerken? Daar wordt het lastiger. Als je bijvoorbeeld een helemaal nieuwe tekst op een bestaande melodie wilt maken, als je een tekst wilt bewerken, of als je die wilt vertalen, moet je niet bij Buma/Stemra zijn maar bij de oorspronkelijke maker(s). In de praktijk zal dat al gauw gaan via de uitgeverij van de maker(s). En áls het je lukt om toestemming te krijgen, betekent dat nog niet dat jouw bewerking je rechten oplevert. Daarvoor heb je autorisatie nodig. En die krijg je in het algemeen alleen maar als de oorspronkelijke rechthebbende er voordeel in ziet.
Het bekendste nummer van The Amazing Stroopwafels bijvoorbeeld, Oude Maasweg, is een bewerking van Manhattan Island Serenade van de Amerikaanse muzikant Leon Russell. Nadat de Stroopwafels hun bewerking hadden gemaakt, heeft Wim Kerkhof van de Stroopwafels aangeklopt bij de uitgeverij van Russell en … bot gevangen. ‘Tegen autorisatie zeggen ze altijd nee als het gaat om een bekend nummer en je er achteraf om vraagt. Als je je verzoek vóóraf indient en het niet om een bekend nummer gaat, lukt het wél. Dan krijg je 18 procent.’ Voor het Stroopwafelslied Water - een bewerking van Here in Frisco van Merle Haggard - is die autorisatie er gekomen, maar van Oude Maasweg gaan - hoe mooi de Nederlandse tekst ervan ook is - alle auteursrechtbetalingen naar Amerika.
Album Oude Maasweg van de Amazing Stroopwafels
Album Oude Maasweg van de Amazing Stroopwafels © Coverart
Halverwege de jaren negentig had ik een wekelijks programma op - toen nog - Stads TV Rotterdam. Dat programma heette Gisteren, naar een idioot liedje dat ik ooit had opgenomen. Een idiote vertaling van de Beatles-klassieker Yesterday, door Mike Boddé en Thomas van Luyn. ‘Gisteren, vond ik weer een bak met pis-t’erin, en een haringsla met vis-’t erin. Dus niet vandaag, maar gisteren.’ En dat gevolgd door gesmoord gelach. Hebben Mike & Thomas ooit toestemming voor hun bewerking gevraagd aan de oorspronkelijke makers? Dat zal toch niet?
Of ik er zelf ooit bij heb stilgestaan dat zoiets eigenlijk wel moest, weet ik niet meer. Maar zo ja, dan zal ik ervan zijn uitgegaan dat Paul McCartney toch niet tot de trouwe kijkers van Stads TV Rotterdam gerekend kon worden. Met andere woorden: daar kraaide geen haan naar.
En wat nou als iemand anders jouw auteursrecht schendt? Wat doe je dan?
Dan kun je om te beginnen iemand vriendelijk vragen daarmee op te houden. En als dat niks oplevert kun je proberen om langs juridische weg je recht te doen gelden. Maar in de praktijk zullen rechthebbenden eerst kijken of zoiets wel de moeite waard is. Wat kost het je aan geld, tijd en ergernis, en wat levert het helemaal op? En ook: wat voor gevolgen op persoonlijk vlak heeft het als je iemand voor de rechter sleept, of een advocatenbrief laat bezorgen?

YouTube

In de ruim dertig jaar dat ik programma’s maak voor Radio Rijnmond ben ik een paar keer tegen auteursrechtenkwesties aangelopen. En dat had veel vaker kunnen zijn want ik ga eerlijk gezegd vrij losjes om met de rechten die anderen strikt genomen hebben. Op de radio gebruik ik vaak fragmenten uit podcasts en tv-programma’s, en dingen van YouTube. Bij podcasts - zoals die van Echt Gebeurd - vraag ik uitdrukkelijk per bijdrage om toestemming, maar uit die andere bronnen put ik vrijelijk zonder dat ik daar expliciet permissie voor vraag. Ik denk dan: als ze de betreffende opname hebben aangemeld bij Buma/Stemra slaat de herkennings-software die over het geluid van Radio Rijnmond heen gaat wel aan en krijgt de rechthebbende betaald. Verder: het is maar radio. Het financiële belang is klein, heel klein. Iets van het ene op een ander tv-kanaal herhalen is een andere zaak. Bovendien: het meeste haal ik uit media die, net als Radio Rijnmond, tot de publieke omroep behoren. Dus ergens is het een gevalletje vestzak-broekzak. En, de eerlijkheid gebiedt het te zeggen, ik denk ook vaak: ze horen het toch niet. De kans dat iemand ‘zijn’ opname bij mij terughoort en er stampij over maakt lijkt me klein.
Toch is me laatst wel iets in die richting overkomen.
Ik had in Het Opkamertje een stuk gebruikt uit de tv-registratie van een geweldig theaterprogramma van schrijver, taalkundige en cabaretier Wim Daniëls. Maanden later belandde een mail van zijn theaterbureau op mijn bordje. Via via was het Wim gebleken dat Rijnmond wat van hem had uitgezonden, zonder dat hij daar toestemming voor had gegeven en zonder dat daar een financiële vergoeding voor was betaald. Wat gingen we hieraan doen?
Enigszins beschaamd heb ik bekend dat ik inderdaad zonder toestemming iets uit dat theaterprogramma heb uitgezonden. Wat niet helemaal netjes is. Maar: het ging alleen om geluid. Het ging om radio. Als het programma op cd was verschenen, had ik dat stukje van zo’n cd gedraaid.
En daarmee was de kous af. Ze verkeerden aanvankelijk in de veronderstelling dat Rijnmond zomaar een stuk van de show van Wim op tv had gebracht. Dat zou toch echt anders hebben aangevoeld.

Michael Jackson

Geregeld maak ik ook zelf opnames in het theater en bij concerten, en een paar keer heeft de angst van theatermakers en muzikanten voor auteursrechtenclaims ertoe geleid dat ik ergens niet welkom was met mijn apparatuur. Zo wilde ik laatst graag het programma opnemen dat het Cello Octet Amsterdam heeft opgetuigd met cello-arrangementen van het Beatles-album Sgt. Pepper’s Lonely Hearts’ Club Band. Maar: de groep vreesde gedoe als zulke opnames op de radio kwamen. Want zulk gebruik hadden ze juridisch niet dichtgetimmerd.
Iets vergelijkbaars heb ik een paar jaar geleden meegemaakt met het RO Theater dat een voorstelling speelde vol Nederlandstalige liedjes op muziek van Michael Jackson. Voor de voorstelling De Gelaarsde Poes waren allemaal nieuwe teksten gemaakt op nummers van The King of Pop. Maar opnames daarvan op de radio laten horen? Bij het RO gingen alle alarmbellen rinkelen. Niet doen.
Later is er wel een tv-registratie geweest. Toen waren de rechten blijkbaar toch geregeld.

Weg

Met auteursrechten ben ik bij de radio maar één keer echt het schip ingegaan. En dat was helemaal in het begin van mijn tijd als programmamaker bij Radio Rijnmond. Begin jaren negentig, zo’n dertig jaar geleden. Ik maakte toen het media- en human interest-programma Vonkey Business, een half uur op de zaterdagochtend. In dat programma wemelde het van de geluidsflarden uit talkshows van de nationale tv-zenders, van citaten uit nieuwsprogramma’s, en van liedjes en gekkigheid uit verstrooiende programma’s van andere radiostations. Ja, en ik besteedde ook weleens aandacht aan een maandelijks satirisch bedoeld programma dat ik met een clubje mensen - allemaal vrijwilligers - maakte in Tejatro Popular, het kleine zusje van Nighttown. Dat programma heette ZieNN, en in een van de afleveringen sprak de - wat marginale - Rotterdamse schrijver Sjaak Weg een column uit. Een column tégen Jules Deelder, als ik me goed herinner.
Die afleveringen van ZieNN nam ik steeds op, zo ook die met Sjaak, en voor de radio gebruikte ik zijn column. Daar was hij onaangenaam door getroffen. Blijkbaar had ik onvoldoende duidelijk gemaakt dat ik die shows opnam en dat ik daaruit putte voor de radio. Sjaak wilde voor zijn radiocolumn betaald hebben en hij liet daartoe een advocaat een brief opstellen aan de directeur/hoofdredacteur van Radio Rijnmond, Nico Haasbroek. Die zag natuurlijk ook wel dat Rijnmond in dezen juridisch gezien niet sterk stond en hij zorgde ervoor dat de gevraagde 500 gulden werd overgemaakt.
Sjaak had zijn recht doen gelden en ik had een les geleerd in zorgvuldigheid. Altijd duidelijk maken dat je iets opneemt om het eventueel ook uit te zenden. En checken of dat oké is. De meeste artiesten zijn daar heel makkelijk in, sommigen willen het wel eerst even horen, verder nooit problemen mee gehad voor zover ik me herinner.
Is Sjaak veel opgeschoten met het gehonoreerd zien van zijn eis?
Ik betwijfel het. Hij heeft weliswaar 500 gulden ontvangen. Maar zo’n actie is natuurlijk geen stimulans om zo iemand nog eens te vragen voor het een of ander. Dat heb ik ook niet gedaan. En in hoeverre hij verder actief is gebleven heeft zich helemaal aan mijn zicht onttrokken.
Een andere columnist van ZieNN had geen bezwaar tegen uitzending van zijn bijdrages op de radio: Jan Oudenaarden. Zijn columns sloegen ook zó aan dat hij de vaste columnist werd van het theaterprogramma. Onbezoldigd sprak hij in het theater, en zonder verdere vergoeding klonk hij daarna steeds op de radio. Door die bijdragen werd hij min of meer ‘ontdekt’, en ging hij aan de slag als betaalde wekelijkse columnist op Rijnmond. Wat ie iets van twintig jaar is gebleven.
Ik wil niet zeggen dat Sjaak Weg dat ook had bereikt als ie wat toeschietelijker was geweest. Ik wil Sjaak hier ook helemaal geen trap na geven. Wat ik wel wil zeggen: juridisch je gelijk halen kan een prijs hebben. Soms blijkt er sprake van een keuze tussen gelijk en geluk.
Poetry on Music
Poetry on Music © Roland Vonk

Schouders ophalen

En nu terug naar het geval van de Deelder-voordrachten-op-muziek van Martin Mens. Mocht hij die teksten met muziek erbij opnemen voor eigen gebruik? Ja. Mocht hij ze zonder toestemming via streamingdiensten verspreiden? Nee. Mocht hij er - hoe beperkt ook - zonder toestemming cd’tjes van branden en verkopen? Ook weer: nee. Hij mocht zulke cd’s juridisch gezien niet eens weggéven zonder toestemming van de rechthebbenden - de erven Deelder. Want weggeven is ook een vorm van verspreiden.
En dat ene onbeantwoorde berichtje dat Martin via Messenger aan Ari Deelder had gestuurd, kun je moeilijk opvatten als een serieuze poging om in contact te komen en toestemming te krijgen. Hij had - ik speel hier maar even voor rechter - beter zijn best moeten doen.
De erven Deelder staan kortom in hun recht. Het is aan hén om te bepalen hoe er wordt omgesprongen met het werk van Jules. En ik snap best dat zij een zekere controle willen houden over de artistieke nalatenschap van hun echtgenoot en vader. Je wilt natuurlijk niet dat er dingen met het werk van Deelder gebeuren die helemaal niet in zijn geest zijn.
Juridisch ligt de zaak duidelijk. Maar hoe zou ik zelf in dit concrete geval hebben gereageerd?
Dat vind ik lastig te zeggen. Mijn natuurlijke reactie is: mijn schouders ophalen. Als iemand iets van míj wil gebruiken voor het een of ander zeg ik bijna altijd: ga je gang. Het maakt mij allemaal niet zo veel uit. Ik hoef er niks voor te hebben ook. Rijnmond betaalt mijn salaris al. Ik denk ook: als iemand het echt te bont maakt kan ik altijd nog aan de bel trekken. En een goedbedoelende hobbyïst als Martin Mens zou ik helemaal gewoon z’n gang laten gaan. Laat ‘m lekker fröbelen. Met de opbrengst van die vier cd’s à 7,5 euro die hij naar eigen zeggen tot op heden heeft verkocht zou ik hem ook veel geluk wensen.
Maar ja, stel je nou voor dat iemand aan de haal gaat met teksten van mijn overleden vader? Mijn vader heeft allerlei verhalen opgeschreven waar ik zelf nog wat mee wil doen. Wat als iemand anders daar - zonder mijn medeweten - mee aan de haal gaat?
Ik twijfel. Ik zou er niet zo snel een ‘zaak’ van maken, ik zou het niet zo snel in het juridische trekken, maar ik zou toch minimaal mijn verbazing ventileren, en in gesprek gaan.
Ja, en wat nou als zoiets om de haverklap gebeurde? Als ik steeds weer zou zien dat iemand ongevraagd met dat materiaal aan de haal gaat? Tja, dan zou ik misschien wel afhoudend en wantrouwig worden.