nieuws

De laatste klompenmaker van Zuid-Holland

Het ambacht klompenmaken, dus echt met de hand, dreigt uit te sterven. Klompen worden bijna alleen nog in fabrieken gemaakt. Zuid-Holland heeft zelfs nog maar één echte klompenmaker: Kees Biesbroek uit Hendrik-Ido-Ambacht.
Kees is al lang met pensioen, maar heeft zijn klompenmakerij verhuisd naar kinderboerderij De Kooi in IJsselmonde. Daar maakt hij nog twee dagen in de week met de hand klompen uit wilgenhout.
In zijn leven maakte Biesbroek meer dan 220.000 paar klompen. “In de klompenmakerij moest ik de tel echt bijhouden. Daar ben ik nu bij De Kooi wel mee gestopt hoor!”

Geen opvolger

Hij leerde het vak van zijn vader, die weer van zijn vader leerde en zo zit het klompenmaken al honderden jaren in de familie. Maar een opvolger is er niet. “Er zijn geen jongens meer in de familie. En iemand opleiden, dat wordt hem ook niet.”, vertelt de klompenmaker. “Ik zou het ook graag anders zien. Want mijn kennis gaat nu dus verloren.”

Klompenopleiding

Het beroep van klompenmaker moet wel gered worden, vindt een aantal organisaties. Ze gaan daarom samenwerken met de Klompenopleiding in Twente. Al denkt Kees niet dat het zal helpen. “Een klomp helemaal leren maken kost zo’n tien jaar. Veel jongeren geven het voor die tijd op. Het kost ook teveel geld.”
Zelf zweert Kees ook bij het dragen van klompen. “Ik heb nooit koude voeten, nooit blaren en nooit eelt.” En Biesbroek voegt er lachend aan toe: “Wie zich jong op hout begeeft, weet zeker dat hij langer leeft.”