nieuws

Razzia Rotterdam herdacht met bijzondere verhalen

In het Feyenoordstadion is donderdagmiddag voor de tiende keer de razzia van Rotterdam herdacht. Burgemeester Aboutaleb sprak de aanwezigen toe met een bijzonder verhaal over een van de overlevenden.
Ook kreeg Aboutaleb een boek aangeboden van Jorien den Hoedt, dochter van een slachtoffer van de razzia. Het boek beschrijft de tocht en het leven van haar vader tijdens de tewerkstelling in Duitsland.
"Mijn vader was getraumatiseerd door de oorlog en sprak er veel over. Hij is begonnen zijn herinneringen op papier te zetten, maar moest hier door ziekte mee stoppen. Op zijn ziekbed heb ik beloofd dat ik het boek ga afmaken", aldus Den Hoedt. Haar vader heeft het eindresultaat niet meer kunnen zien.

Vluchtpoging

Op 10 en 11 november 1944 werden 52.000 Rotterdamse mannen tussen de 17 en 40 jaar weggevoerd. Aboutaleb beschreef in zijn toespraak de geslaagde vluchtpoging van een van hen:
''Leendert Daniël Vaandrager had een boerderij aan de Dordtsestraatweg. Net buiten de bebouwde kom van Rotterdam-Zuid. Toen op 10 november de soldaten het erf op kwamen en zijn vader niet vonden, staken ze met een hooivork in het hooi.''

''Ze joegen een kogel door de hooischuur en dreigden de boel in brand te steken. Ze vonden Leendert tussen de koeien en hij moest op zijn klompen direct mee.''

''Mijn moeder ging hem op de fiets achterna met een winterjas en schoenen. Op een gegeven moment zag ze hem lopen met een heleboel anderen op de Groene Hilledijk op weg naar het Feijenoordstadion.''

''Toen Leendert een dag later, op 11 november, in een trein vlak bij Zwolle zat, reed de trein net wat zachter. Op dat moment greep hij zijn kans en sprong hij uit de trein. Hij struikelde over de andere rails, bleef liggen met zijn beschadigde knie en hoorde de kogels om zijn oren fluiten. Een bewaker zei: “Nou, die vinden ze morgen wel.”''

''Toen het stil werd liep hij naar het plaatsje Heerde. Daar zag hij drie woningen die aan elkaar gebouwd waren. Omdat het spertijd was, moest hij onderdak vragen.''

''Hij nam de middelste woning bij de familie Sterkenburg en die vertelden hem dat hij enorm geluk had, want in het huisje aan de ene kant zaten Duitsers, aan de andere kant NSB’ers.''

''Na een week kon hij meerijden naar Gouda en hij heeft de rest gelopen, tot hij op 24 november weer terug was op zijn boerderij. Leendert vormde een uitzondering en hij had geluk. De meeste mannen kwamen in Duitsland terecht.''
Het radioprogramma Middag aan de Maas heeft meerdere keren aandacht besteed aan de Rotterdamse razzia. Een verhaal gaat over T.J. van der Velden die tewerkgesteld werd in het Duitse Brackwede.
Een ander verhaal gaat over de Joodse onderduiker Carry Ulreich. Zij maakt vanaf haar onderduikadres aan de Mathenesserweg de razzia mee, en schreef erover in haar dagboek.