ZIEKTE

Bart bevecht zijn auto-immuunziekte met een dagelijkse ijskoude dip in de Kralingse plas

Bart Bakker duikt iedere ochtend in de Kralingse Plas
Bart Bakker duikt iedere ochtend in de Kralingse Plas © Bart Bakker
Bart Bakker (58) uit Rotterdam gaat elke ochtend bij zonsopgang de Kralingse plas in. Of het nu regent, ijzelt, mist, het maakt niet uit. Zijn plan is dit vijfhonderd dagen vol te houden, tot aan zijn zestigste verjaardag. Waarom doet hij dit?
Maandag 06:00 uur in de ochtend, CS Rotterdam. In zijn legerjack komt Bart aangewandeld. Een gezond ogende kerel van 1,90 meter. Ik heb beloofd mee het water in te gaan. Langs de kant blijven staan is te flauw.
Wandelend richting de plas vertelt de voormalig horecaondernemer en zakenman dat hij tien jaar geleden de diagnose MS kreeg. Het eerste signaal was zijn rechterbeen dat niet meer wilde buigen. Sindsdien doet hij er alles aan om zijn ziekte een halt toe te roepen. Hij is gezond gaan eten: nauwelijks nog gluten, zuivel en suiker. Bart wandelt, danst en bokst. En tegenwoordig doet hij dus aan dagelijks dippen, zoals het nemen van koudwaterbaden wordt genoemd.
MS is een auto-immuunziekte waarbij de hersenen de signalen aan de spieren niet meer goed doorgeven, waardoor uitval en verlamming kan ontstaan. De ziekte is niet dodelijk, maar vaak wel invaliderend. Velen eindigen in een rolstoel.
Bij de Kralingse Plas wurmen we ons langs de hekken van het Kralingse Bos Festival om bij het strandje te komen. Zijn kleren hangt Bart over de railing van het terras van het Boathouse. In zijn zwembroek loopt hij langzaam het water in en gaat dan zitten op de bodem. Hoofd en schouders blijven boven water. "Als het hart maar onder water is", zegt Bart.
Joly en Bart bij de Kralingse Plas
Joly en Bart bij de Kralingse Plas © Rijnmond
Moeilijk vindt hij het niet meer. Het water is 12 graden. Het is al een stuk warmer dan de 5 graden in december, toen hij begon met zijn 500-dagen missie. Vooral lange uitademingen maken het eenvoudiger om de kou te verdragen, legt hij uit. Hij ademt vier tellen in, houdt dat zeven tellen vast en ademt in acht tellen uit.

Blij, sterk, energiek

Om er maar snel vanaf te zijn, ren ik ook het water in. Het is eventjes koud, maar als ik eenmaal helemaal in het water ben, valt het mee. Door de lange uitademingen voel ik me rustig worden. Na vier minuten gaan we eruit. Eenmaal afgedroogd en aangekleed, voel ik me euforisch. Het is aangetoond dat koudwaterdippen het immuunsysteem versterkt. Als bonus maakt het lichaam dopamine en adrenaline aan; je voelt je blij, sterk en energiek. Inderdaad. Zo voel ik me.
De methode is door ‘Iceman’ Wim Hof geïntroduceerd en is enorm populair geworden sinds de coronacrisis. In Rotterdam zijn alleen al drie verschillende groepen waarvan een paar honderd mensen lid zijn. Dagelijks zijn er mensen te vinden die een duik of een dip nemen in het koude water.
Bart dipt niet altijd alleen
Bart dipt niet altijd alleen © Bart Bakker
Na de koudwaterdip zitten we met een thermoskan thee aan een picknicktafel naast de parkeerplaats. Ondanks trui en warme joggingbroek voel ik de kou bijna in mijn botten. Bart heeft daar bijna geen last meer van. “Je lichaam went eraan, legt hij uit. “Door de blootstelling aan koud water maak je bruin vet aan. In tegenstelling tot het witte vet, zitten in het bruine vet mitochondria’s. Dát zijn de energiecentrales van iedere cel. Die zorgen dat het luie vet (wit) wordt omgezet in bruin vet. Krijg je de beschikbaarheid over meer energie, meer focus, vooral op de zaken waarop je je focus wilt richten.”
Bart slikt geen medicijnen tegen zijn ziekte. Toch lukt het hem om de ziekte staande te houden. De scan die onlangs van zijn hersenen werd gemaakt, verschilt niets van de scan die tien jaar geleden bij zijn diagnose werd gemaakt, vertelt hij. “Dezelfde hoeveelheid witte puntjes, die wijzen op littekenweefsel en ontstekingen. Niet meer dan toen.”

Rennend Rijndam uit

Toch ging het een jaar geleden mis. Van de ene op de andere dag kon hij ineens niet meer staan en al helemaal niet meer lopen. Hij kwam op de afdeling neurologie van het Erasmus MC terecht. “Het eerste wat ze deden, was een infuus aanbrengen”, vertelt hij. “Ze wilden me prednison geven. Ik wil geen prednison, zei ik. Iedereen met MS krijgt prednison, was het antwoord.” Bart bleef weigeren.
Na twee weken werd hij ontslagen uit het Erasmus. Daarna volgde een lange revalidatie bij Rijndam. “Ik wil hier rennend weer uit”, zei hij tegen het verpleegkundig personeel. Hij weigerde de ziekenhuisvoeding en zorgde voor zijn eigen eten. Na een paar weken liep hij inderdaad zelfstandig Rijndam uit. Weliswaar niet rennend, maar zonder krukken.
Bart in het medisch centrum VU
Bart in het medisch centrum VU © Bart Bakker
Mindset is belangrijk volgens Bart. “Als je denkt dat je iets kan, dan lukt het ook.” Is hij dan nooit bang, bijvoorbeeld om in een rolstoel terecht te komen? “Ja, soms heb ik last van mijn demonen, maar dat duurt nooit lang. Door de ziekte ben ik gaan voelen wat ik werkelijk voel. Ik draafde altijd maar door, door keihard te werken, door marathons te lopen. Ik putte mezelf uit, at slecht en negeerde mijn gevoelens.” Hij ziet de ziekte als een kameraad, als een danspartner die hem altijd uitnodigt om te voelen.

Iedereen heeft trauma’s

Voelen is de sleutel volgens Bart. Hij komt uit een gezin waar voelen niet gangbaar was. Zijn stiefvader had op kostschool gezeten en had losse handjes. Gevoelens werden weggelachen. Zijn biologische vader verloor hij door een auto-ongeluk toen hij vier jaar was. Een traumatische ervaring die zijn leven heeft gekleurd. Maar een slachtoffer wil hij niet zijn.
“We hebben allemaal trauma’s in ons leven meegemaakt, ken je het verhaal van de vrouw die haar kind was verloren en bij Boeddha aanklopte? Ze smeekte Boeddha om haar kind terug te mogen krijgen. Ik geef je kind terug als je hier de deuren langsgaat en met de mensen praat. Eenmaal terug leerde ze: alle mensen hebben iets ergs meegemaakt, alle mensen hebben trauma’s.
Bart: “Tuurlijk, het is jammer dat ik sommige dingen minder goed kan, maar ik ben blij met alles wat ik wél kan. Zoals iedere ochtend genieten van het koude water…met regelmatig een prachtige zonsopkomst….”