MUZIEK

Peter Blanker zingt nog één keertje in zijn eigen Rotterdam

Peter Blanker, met gebroken geweertje op zijn schipperspet. Thuis in Gorinchem, 2021.
Peter Blanker, met gebroken geweertje op zijn schipperspet. Thuis in Gorinchem, 2021. © Roland Vonk
Hij wil op het podium eindigen zoals ie ooit is begonnen: in zijn eentje, met zijn gitaar. De van oorsprong Rotterdamse liedjeszanger en schrijver Peter Blanker - volgende maand 83, en bij velen vooral bekend van zijn hit uit 1981 ‘’t Is moeilijk bescheiden te blijven’ - geeft op donderdag 19 mei zijn waarschijnlijk laatste echte optreden in Rotterdam, in Theater Walhalla op Katendrecht. En dat doet hij zoals hij in de jaren vijftig op straat begon: als een zingende, wat dichterlijk ingestelde verhalenverteller met alleen zijn eigen gitaarbegeleiding. Dichter bij de gitaar. Ook al benadrukt hij dat hij zichzelf geen echte ‘gitarist’ wil noemen. Dan had hij meer moeten oefenen.
Een mooi voornemen van Peter Blanker.
Een mooi voornemen van Peter Blanker. © Publiciteit Peter Blanker

Peeriscoop

Peter Blanker is op zijn oude dag een beetje terug van weggeweest nadat ie jaren met zijn vrouw Vicky op de Shetland Eilanden woonde. Peter en Vicky hadden al op allerlei plekken in Rotterdam, Gorinchem en de Betuwe gewoond toen ze in 2000 een huis kochten op de Shetlands. In 2003 verruilden ze Rotterdam-Delfshaven helemaal voor het avontuur in de boomloze, uitgestrekte leegte van het noordelijke landschap. En aangezien dat het eind leek van het leven van Peter als liedjesman in Nederland kwam er een serietje afscheidsconcerten, in Rotterdam. Het doek leek gevallen.
Op de Shetlands schreef Peter meerdere boeken, waaronder de zeer lezenswaardige autobiografie Eigen Weg. Hij richtte daar ook een shantykoor op. Nam ook nog weleens een nieuw liedje mee als hij Nederland weer eens aandeed, maar hij zat te ver weg om nog veel betekenis te kunnen hebben in het culturele leven van de lage landen.
Peter Blanker en zijn vrouw, fotografe Vicky van den Berge
Peter Blanker en zijn vrouw, fotografe Vicky van den Berge © Vicky van den Berge
Maar zie: in 2017 keerden Peter en Vicky terug. Ze betrokken een huis in Gorinchem samen met hun dochter Letitia en haar partner. Het contact met oude muziekvrienden werd aangehaald. En eind 2020 verscheen zowaar weer een cd van Peter, gemaakt samen met stadsgenoot en begenadigd muzikant Izak Boom, de cd Van Nu Af Aan. Een cd die zeer positief is ontvangen. Peter bleek ook nog goed bij stem. Dat maakte dat hij het wel aandurfde om een optreden toe te zeggen in Theater Peeriscoop in Gorinchem, waar Letitia werkt. Een optreden van een uur als onderdeel van een zondagse programmareeks van concertjes van steeds een uur. Dat gaat gebeuren op 29 mei.
Toen Harry-Jan Bus van Theater Walhalla daarvan hoorde, vroeg hij: als je dan tóch weer eens optreedt, waarom dan niet nog een keertje in je ‘eigen’ Rotterdam?
Hoes van de cd Van Nu Af Aan die Peter Blanker in 2018 maakte met Izak Boom.
Hoes van de cd Van Nu Af Aan die Peter Blanker in 2018 maakte met Izak Boom. © Coverart

Groene woestenij

Peter werd op 11 juni 1939 in Rotterdam geboren. Een klein jaar voor het bombardement. Aan dat bombardement heeft hij geen bewuste herinneringen, aan de wederopbouw des te meer. Peter is als het ware samen met de stad opgegroeid. Het is zoals hij zelf zingt in zijn lied Wat Ik Heb Met Rotterdam: “Van de Ouwe Binnenweg tot aan de Jonker Frans, zwierven we door die puinhoop rond. En bij de Sint Laurens had je altijd wel de kans, dat je daar een mooie schedel vond. In een groene woestenij, met soms nog een gebouw, speelden we 'n onbekommerd spel. Onbewust van wat daar allemaal weer komen zou, maar dat weten we nou dan wel. 'k Stond er altijd bij als de fundering werd gelegd, ik miste nooit een eerste paal. Wat je van een binnenstad toch niet zo dikwijls zegt: ik zag 'r bouwen... helemaal.”
Singletje van Peter Blanker uit 1981.
Singletje van Peter Blanker uit 1981. © Coverart
Wat Peter moest worden in het leven was niet op voorhand duidelijk, al raakte hij al op zesjarige leeftijd begeesterd door de muziek. “Mijn vader is in 1945 communist geworden. Dat is ie gebleven tot ongeveer 1948. Tussen mijn zesde en negende mocht ik met hem mee naar partijavonden in Odeon, en de Rivièrahal in Blijdorp. Daar spraken mensen als Henk Gortzak en Gerben Wagenaar de partijleden toe, en er was altijd een duo dat liedjes zong bij de gitaar, Uut en Ber Hulsing uit Zaandam. Hij speelde gitaar, samen zongen ze. Ik vond hen fantastisch. Om hen te horen wilde ik altijd mee naar die avonden. Zij zongen over de dingen waar mijn vader mij over vertelde. Dingen die belangrijk waren voor ons arbeiders. Zoiets wilde ik ook. Dat heeft me nooit meer losgelaten.”
EP'tje van Peter Blanker met anti-militaristische liedjes, 1964.
EP'tje van Peter Blanker met anti-militaristische liedjes, 1964. © Coverart
Peter gíng zelf ook zingen, en gitaarspelen. En daar geld mee verdienen. “Het begon al toen ik nog op school zat, op de mulo, toen ik een jaar of zeventien was. Jongeren gingen allemaal aardbeien plukken, daar verdienden ze dan honderd gulden mee en daar gingen ze van op vakantie. Ik kreeg een tientje van mijn ouders, ik vertrok ook en ik bleef langer weg dan de anderen. Want zodra ik in Laon was, in Noord-Frankrijk, legde ik op het plein daar mijn pet op straat en zong ik bij de gitaar de enige drie Franse liedjes die ik kende. Zo verdiende ik voor de eerste dagen mijn stokbroodjes, met een reep chocola erbij. Ik heb mijn eerste geld op straat verdiend. Met op straat zingen en spelen.”
Peter Blanker als straatzanger op de Lijnbaan, rond 1960.
Peter Blanker als straatzanger op de Lijnbaan, rond 1960. © Jo van Ooijen

Kweekschool

Je vakantie al zingend bekostigen is leuk, een heel bestaan opbouwen als ‘artiest’ is even wat anders. Vanuit zijn - uiteindelijk: socialistische - ouderlijk huis in Rotterdam-Delfshaven ging Peter naar de kweekschool. Naar wat later de pedagogische academie zou worden, de pabo. Hij zou leraar worden en de muziek ernaast doen. De school werd geen succes, en er volgden allerlei baantjes in de Rotterdamse haven.
Toen Peter drieëntwintig was, in 1964, werd hij als straatzanger als het ware ‘naar binnen geroepen’. Hij kon optreden in Rotterdamse cafés. Eerst in het Kaartenhuis, onder Cinerama aan de Westblaak, daarna in ’t Roefje, onder de Heineken Hoek tegenover het stadhuis. “In ’t Roefje heb ik meer dan een jaar lang in periodes van steeds twee of drie maanden gespeeld. Vanaf dat moment heb ik nooit meer in de haven gewerkt of als straatzanger mijn geld verdiend.”
Peter begeleidde zichzelf in die beginperiode op gitaar. Na verloop van tijd is ie ook met een pianist gaan werken, met Jan Willem ten Broeke uit Utrecht, die later begeleider werd van Gerard Cox. Zijn eigen gitaarspel zag Peter als ondersteunend, als dienend aan zijn zang. Hij is er nooit geweldig goed in geworden. “Misschien was het luiheid. Misschien ben ik ook verkeerd gestart. Ik ben begonnen met klassiek gitaarles. Ik moest eerst losse noten leren spelen. Toonladders. En ik had weleens gehoord: als je drie akkoorden kent, kun je al een liedje begeleiden. Dat wou ik. Maar dat mocht pas later. Ik denk dat ik uiteindelijk toch ook meer een man van de tekst ben. Later hebben ook andere mensen muziek bij mijn teksten geschreven. Ik voelde me daar zelf niet zo zeker in, in het componeren. Ik heb mezelf nooit muzikant genoemd.”
Een licht-'psychedelische' foto van Peter Blanker, 1965.
Een licht-'psychedelische' foto van Peter Blanker, 1965. © Collectie Peter Blanker

Taalstrijd

In de tweede helft van de jaren zestig trad Peter veel op in België. “Toch zeker zes, zeven keer in de maand was ik in België. Soms bleef ik er ook overnachten. Dat heeft een jaar of vier, vijf geduurd. Mede door de taalstrijd was daar veel werk.”
Nederlandse artiesten die in Vlaanderen in het Nederlands kwamen zingen werden gezien als een soort versterking in de culturele strijd van Vlamingen tegen Walen. Die Nederlandse artiesten werden ook goed betaald. Zo goed zelfs dat Peter zich een beetje bezwaard ging voelen. De honoraria waren weliswaar mooi meegenomen, maar zo veel geld voor iemand die helemaal niet zo bijzonder goed gitaar speelde? Daar kwam bij: op zeker moment kon hij op gitaar niet meer alles spelen wat hij wilde zingen.
In 1971 kwam de kentering toen Peter ging optreden met een groep, het Peter Blanker Consort. Een groep van echt goede muzikanten: Henk Sprenger op gitaar, Harry Emmery op bas, John Bukman op drums, Karin Bijl op dwarsfluit en Krijn van Driel achter de piano. Peter: “Zij zeiden tegen me: zet jij je gitaar nou maar weg. En soms zeiden ze ook: pak jij je gitaar er even bij, want dit kan je wél. Henk Sprenger ging mij ook een soort van lesgeven. Die ging mij moeilijke loopjes uitleggen.”
Peter Blanker met het (eerste) Peter Blanker Consort, op de hoes van een lp uit 1974.
Peter Blanker met het (eerste) Peter Blanker Consort, op de hoes van een lp uit 1974. © Coverart

A-typisch

Een hele carrière volgde, met optreden, met platen opnemen, met onderwijsprogramma’s maken voor tv, met lesgeven bij de SKVR en met die ene hit: ’t Is Moeilijk Bescheiden Te Blijven. Feitelijk een nogal a-typisch lied binnen het repertoire van Peter. Hij heeft altijd meer chanson-achtig werk gebracht. Producer Aad Klaris benaderde Peter destijds om dat nummer - een vertaling - op te nemen, en het leidde dan wel tot een groot succes, Peter kwam ermee in kringen waarin hij zich niet zo thuis voelde.
Bij zijn komende - min of meer - afscheidsconcertjes kan hij nauwelijks om het nummer heen. Maar hij zal er vast een draai aan geven. Waarbij hij kan kiezen uit meerdere eigen varianten. Bij herhaling heeft hij zijn hit verbasterd tot: “’t Is moeilijk een stijve te krijgen, wanneer je zo oud bent als ik.” En recent heeft hij weer een andere versie gemaakt: “’t Is moeilijk een meid te verleiden wanneer je dat nooit hebt gedaan. En wat je moet zien te vermijden is dat ie voortijdig gaat staan. Het lijkt wel een leuke verpozing, je hand nonchalant op haar dij. Maar bij een voortijdige lozing is de lol toch wel heel gauw voorbij.”
“Ach ja,” zegt Peter over zo’n tekst, “je zit weleens wat te droedelen.”
Peter Blanker, thuis in Gorinchem.
Peter Blanker, thuis in Gorinchem. © Vicky van den Berge

Historische romans

Voor zijn leeftijd is Peter er nog heel redelijk aan toe: “Ik voel me prima. Ik heb wel alles wat een bijna 83-jarige kan hebben. Ik voel m’n rug, ik loop niet meer zoals vroeger, en na een beetje inspanning moet ik even rusten. Als ik terugdenk aan alles wat ik aan dat huis op Shetland heb verbouwd … dat ga ik niet nog een keer doen. Maar ik ben nog steeds bezig. Ik heb weer een boek klaar, en ik heb een ander boek in de grondverf. Allebei historische romans.”
Een uur in Theater Walhalla liedjes zingen en verhalen vertellen moet ook geen probleem zijn. Peter vreest zelfs dat het in tijd grandioos gaat uitlopen. Hij vertelt nou eenmaal graag, en in zijn eentje op het podium heeft hij alle vrijheid.
En hoe zit het met de begeestering van Uut en Ber Hulsing die hem zo inspireerde? Peter: “Tja, ik heb natuurlijk lang gedacht dat ik met liedjes de wereld kon helpen verbeteren. Dat er een mogelijkheid was om met elkaar onder aanvoering van Bob Dylan, Donovan, Jean Ferrat en noem ze maar op de wereld een beetje beter te maken. Dat lukt dus niet. Dat is wel een teleurstelling. Maar ja, het moet maar. Ik kan ermee leven, inmiddels.”
De twee waarschijnlijk laatste concerten van Peter Blanker.
De twee waarschijnlijk laatste concerten van Peter Blanker. © Publiciteit Peter Blanker