Nabestaande MH17: we voelden altijd al dat er nog meer lag

De moeder van MH17-slachtoffer Bryce heeft er geen vertrouwen in dat de overheid genoeg doet om de overblijfselen van de slachtoffers terug naar Nederland te halen. "We hadden al zoiets van: het kan niet zo zijn dat er niks meer ligt", zegt Silene Frederiksz.
Onlangs werd bekend dat er opnieuw menselijke resten zijn gevonden van slachtoffers van de vliegramp. Journalist Michel Spekkers was naar Oost-Oekraïne afgereisd om te laten zien dat niet alles op de rampplek is opgeruimd. Hij vond allerlei spullen en een stuk bot.

'Rauw op je dak'
Silene Frederiksz verloor in juli 2014 haar zoon Bryce en zijn vriendin Daisy uit Rotterdam-Ommoord. Ze waren met vlucht MH17 onderweg naar Bali voor een vakantie toen hun vliegtuig uit de lucht werd geschoten door een Russische raket.

Hoewel het bot niet van Bryce of Daisy blijkt te zijn, kwam de vondst hard aan bij Frederiksz. "Je hoopt dat het geen menselijke resten zijn. Als dat het dan toch is, komt dat rauw op je dak. Maar het bevestigt ook het gevoel dat we al die tijd al hadden: dat er meer ligt."

Volgens Frederiksz hebben de autoriteiten drie keer voor een vrij korte periode gezocht naar overblijfselen van de slachtoffers. "Dat was dan even abrupt weer gestopt als dat het begonnen was. Ze hebben de zoektocht ook erg beperkt tot de burn site. Ze dachten daar buiten niks te vinden, maar ik heb begrepen dat dit toch van buiten het zoekgebied komt."

Deeltjes
Frederiksz en andere nabestaanden vinden dat er een nieuwe bergingsmissie moet komen op en rondom de rampplek. Veel families hebben maar kleine deeltjes teruggekregen van hun dierbaren. Twee slachtoffers zijn zelfs helemaal nog niet geïdentificeerd, onder wie Gary Slok uit Maassluis.

"Er mag daar gewoon niks meer liggen. Dat moet naar hier. En als dat zo makkelijk is om iets te vinden, iemand daar een dagje rondloopt en van alles vindt, dan moeten ze gewoon terug."
Meer over dit onderwerp:
Nieuws
Deel dit artikel: