LHBTQI

Hoe is het om jong en LHBTQIA+ te zijn? 'Ik leef nu echt als mezelf'

Van links naar rechts: Leo, Tessa en Leonardo.
Van links naar rechts: Leo, Tessa en Leonardo. © Privé/Rijnmond
Zaterdag is Roze Zaterdag na 21 jaar weer terug in Rotterdam. Het is het begin van een Pride-week vol festiviteiten, lezingen en protesten. Hoe is het om jong te zijn en LHBTQIA+ te zijn in deze regio? En hoe bevalt Rotterdam als thuisstad voor jonge LHBTQIA+’ers? Rijnmond sprak Leo Prins, Tessa de Roon en Leonardo Ayala.

‘In het dagelijks leven voel je spanning. Dat valt op Pride ineens weg’

Leo Prins ontdekte dat normen ook anders konden liggen zoals hij altijd dacht, toen hij op zijn eerste pridefeestje was.
Leo Prins ontdekte dat normen ook anders konden liggen zoals hij altijd dacht, toen hij op zijn eerste pridefeestje was. © Privé
Naam: Leo Prins (he/him)
Leeftijd: 17
LHBTQIA+: Trans man
Woonplaats: Rotterdam
“Bij mijn eerste bootfeestje van de Pride was ik nog met mijn ouders en kon ik van boven op de dansvloer kijken. Ik zag mannen met mannen zoenen, vrouwen met vrouwen, dragqueens, er werd gevogued [dansstijl, red.], er kroop iemand met een hondenmasker rond. Toen dacht ik echt: wauw, alles kan anders. Het hoeft niet zo te zijn zoals ik dacht dat het altijd moest. Die norm is rekbaar.”
“Het begon bij mij zelf tijdens een relatie die ik had met een meisje. Ik identificeerde me toen ook nog als meisje. Als we seks hadden merkte ik dat zij het heel fijn vond als ik dingen bij haar deed, maar als zij andersom precies hetzelfde bij mij deed, vond ik dat totáál niet fijn. Toen ging voor mij het balletje rollen en begon ik me meer te verdiepen in het onderwerp.”
“Eerst las ik meer op mijn telefoon, vooral over seksuele identiteit. En toen kwam ik ook in aanraking met genderidentiteit. Want dat zijn twee verschillende dingen die niets met haar te maken hebben, kwam ik achter. Het ene gaat om waar je op valt, en het ander met welk gender je je identificeert. Je kunt bijvoorbeeld ook trans man zijn en op mannen vallen.”

Skatemerken

“Na mijn diploma-uitreiking van de middelbare ben ik volledig door het leven gegaan als Leo. Ik ging naar de theaterschool daar stelde ik me gewoon voor met die naam, en als jongen. Dat was voor mij heel chill, omdat ik niets hoefde uit te leggen. Dus echt uit de kast gekomen ben ik niet. Mijn moeder vond het eerst lastig: ze verloor haar dochter. Zo voelde het. Nu accepteert ze het.”
“Sindsdien leef ik als mezelf. Zo voelt het echt, al heeft het soms ook complicaties. Ik word nog heel vaak gemisgenderd, dat is heel naar. Ook door mensen die mij niet kenden toen ik me als meisje identificeerde. Als je het niet zeker weet, is het beter om gewoon te vragen. Dat laat ook interesse zien. En als iedereen zich met voornaamwoorden voorstelt, helpt het ook.”
“Ik struggle ook met genderdysforie, doordat ik zo lang moet wachten in het ziekenhuis tot ik geholpen word. Ik hou heel veel van kleding, en probeer lekker wijde kleding te dragen. Veel skatemerken, zoals Obey en Carhartt, of Dickies.”
“Ik heb zin in Pride de komende dagen. In het dagelijks leven voel je altijd een soort spanning. Spanning omdat je bang bent om niet geaccepteerd te worden, spanning of mensen je misgenderen. Dat valt op zo’n plek ineens weg. Je voelt je helemaal geaccepteerd. Dat is zo’n bijzonder gevoel.”

‘Rotterdam heeft niet zoveel uitgaansmogelijkheden voor LHBTI+ers’

Leonardo (midden) vond zijn coming out best een struggle.
Leonardo (midden) vond zijn coming out best een struggle. © Privé
Naam: Leonardo Ayala (he/him)
Leeftijd: 22
LHBTQIA+: Homo
Woonplaats: Rotterdam (geboren in Hillegersberg)
“Uit de kast komen was voor mij best wel een struggle. Ik was dertien en vertelde het aan sommige mensen uit mijn familie. Hun reactie was niet zo positief als verwacht. Ze waren vooral bang hoe de buitenwereld op mij zou reageren. Dat zorgde voor een intern gevecht bij mij. Ik kroop ondertussen weer terug de kast in. Dat was moeilijk, tot ik uiteindelijk een tweede keer uit de kast kwam. Toen was ik veel banger voor de consequenties.”
“Die tweede keer was de drempel hoog. Ik durfde het niet toe te geven, tot ik er uit werd getrokken. Ik ben wel blij dat het gebeurd is. Ik voelde dat ik eindelijk eerlijk tegen mezelf kon zijn en mezelf steeds beter kon begrijpen. Ik zat toen al in het tweede jaar van de universiteit.”
“Inmiddels ben ik heel goed met mijn ouders. We hebben zes jaar de tijd gehad om het weer goed te hebben. Op een gegeven moment beseften ze dat ze eigenlijk altijd van me zouden houden. Ze gingen luisteren en begrip tonen. Daar heb ik geluk mee gehad, en ik weet dat het een geluk is dat niet iedereen wordt gegund. Dus ik ben daar dankbaar voor. Het kwam bij mijn ouders ook uit onkennis, ze wisten weinig. En wat ze wisten, was van tv.”

Roze Kameraden en uitgaan

“Het is super belangrijk dat Roze Zaterdag in Rotterdam is, met zo’n groot programma eromheen. Om aandacht te vragen voor alles wat er nog moet gebeuren op LHBT-gebied en alle discriminatie. Kijk bijvoorbeeld naar de documentaire de Roze Supporters, over de Roze Kameraden. De discriminatie die zij hebben ervaren. Het is heel belangrijk dat we daar iets aan gaan doen.”
“Rotterdam als stad bevalt goed, maar er zijn altijd nog wel wat verbeteringspunten. Er zijn bijvoorbeeld minder bars, minder mogelijkheden in het uitgaansleven, dan bijvoorbeeld Amsterdam. Dat met name. Een tip voor de lezer is de Ferry. Daar stond ik deze week twee keer. Ze hebben een dragqueen-karaoke op donderdag die onder studenten erg aanslaat.”

‘In Rotterdam voel ik de ruimte om mezelf te zijn’

Tessa de Roon heeft niet een echt uit-de-kast-moment gehad.
Tessa de Roon heeft niet een echt uit-de-kast-moment gehad. © Privé
Naam: Tessa de Roon (she/her)
Leeftijd: 22
LHBTQIA+: Non binair
Woonplaats: Rotterdam (geboren in Barendrecht)
“Vroeger zag ik er best vrouwelijk uit. Als ik in de spiegel keek, voelde ik diep ongemak. Ik herken me niet in de typische man- of vrouwrollen en voelde altijd iets jongensachtigs. Toen ik me androgyn ging kleden, was dat gevoel van ongemak ineens weg. Het deed me beseffen helemaal niet zo goed wist wie ik was, wat ik wilde en waar ik bij hoorde. Echt man voelde ik me ook niet.”
“Dat, in combinatie met een vriendin, nu vriend, die uit de kast kwam als trans, maakte dat ik ging googelen. Op zoek naar het hokje waar ik in paste. Toen ik erover sprak zei iemand me: waarom wil je überhaupt een label als je je in het midden het prettigst voelt? Dat was een eyeopener. Ik kwam erachter dat dat ook een naam heeft: non-binair. Het is fijn om dat te weten. Dan weet je: oh, er zijn anderen die vergelijkbare dingen meemaken. Dan kun je naar hen kijken en weet je ook sneller wat bij jou past.”
“Een echt uit-de-kast-kom-moment had ik niet. Het is op een heel natuurlijke manier gegaan en ik heb altijd open gesprekken gehad met mijn vader, moeder en twee broers hierover. Mijn ouders reageerden gelijk: wie je ook bent, het is uiteindelijk allemaal oké. Dus in die zin heb ik geen stress gehad.”

Jochie van twaalf

“De laatste jaren zie ik steeds meer zichtbaarheid in de media voor alle letters van het regenboogalfabet. Ook online is alles steeds meer ingesteld op iedereen. Je kunt makkelijker verschillende dingen invullen bij geslacht en genderidentiteit. Dat is fijn: je voelt je gezien. Je voelt dat er ruimte voor je is.”
“In Rotterdam voel ik ook die ruimte om mezelf te zijn. Ik heb op meerdere scholen gestaan als voorlichter van het COC Rotterdam, en op Zuid merk ik wel dat de acceptatie gemiddeld minder is. Al verschilt dat natuurlijk per klas, per moment. Ik heb weleens gehoord van een jochie van twaalf die zei: als mijn zoon homo is, ga ik hem opsluiten met hoeren tot hij hetero is. Of: dan vermoord ik hem. Gelukkig zijn dat uitzonderingen.”