Brokkenmaker kreeg opdracht van 'hogerhand'

De man die op 28 december een restaurant ramde op het Damplein in Dordrecht heeft een wel heel bijzondere verklaring gegeven voor zijn gedrag. Hij zou opdracht hebben gekregen van hogerhand om een test met zijn auto te doen.
De man vertelde dat woensdag tijdens een zogeheten pro-forma zitting op de Dordtse rechtbank. Dat is een rechtszaak waarin onder meer afspraken worden gemaakt over hoe het proces verder gaat.

De advocaat van de man vroeg de rechter om de 44-jarige Dordtenaar vrij te laten tot de zaak inhoudelijk wordt behandeld. De rechtbank vindt dat te gevaarlijk omdat de man mogelijk nieuwe opdrachten van hogere machten krijgt.

Psychisch onderzoek
De Dordtenaar wordt psychisch onderzocht. Advocaat Martin Iwema vindt dat dat al lang had moeten gebeuren. Ook vind hij dat zijn cliënt niet in de gevangenis hoort. Volgens hem was sprake van een gecontroleerde autorit en geen dollemansrit.

Poging doodslag
Getuigen verklaarden dat de man reed met gierende motor en piepende banden. Twee mensen dachten dat hij hen wilde doodrijden. De officier van justitie heeft de verdachte ook poging tot doodslag ten laste gelegd.

'Mijn cliënt zegt dat hij de hele rit in de eerste versnelling reed. Door het hoge toerental en het ontwijken van objecten klonk het voor betrokkenen wellicht angstaanjagend, maar met de snelheid viel het wel mee", zegt Iwema.

Ravage
De verdachte eindigde zijn rit in Laura's Keuken, nadat hij de gevel van het restaurant had geramd. Gelukkig raakte er niemand gewond, want daar was die woensdagmiddag niemand aanwezig. Het restaurant was door de aangerichte ravage twee maanden gesloten.

De man stapte na de botsing naar de naastgelegen snackcorner Fons. Daar vernielde hij spullen en raakte in gevecht met de eigenaar en een klant. Ondanks de aanklacht met daarop vijf vergrijpen vindt de man zelf ook dat hij vrij moet worden gelaten.

Man eist vrijlating
"Het is essentieel dat u mij vrijlaat. Er zijn grote politieke ontwikkelingen en ik moet daarvoor naar het buitenland", zei hij tegen de rechters. De officier van justitie verzette zich daar tegen. "Straks krijgt hij weer een opdracht van hogere machten. Wat gaat hij dan doen?"

De rechtbank besliste dat de verdachte tot de inhoudelijke behandeling van zijn rechtszaak in de gevangenis moet blijven. De zaak dient waarschijnlijk over drie maanden.
Meer over dit onderwerp:
Nieuws
Deel dit artikel: