nieuws

Jack Prins over zijn ervaringen als onderduiker tijdens WOII

Een voormalige Joodse onderduiker heeft een boek geschreven over hoe hij als kind de bezetting heeft overleefd door steeds maar weer te vluchten. De schrijver is de 84-jarige Jack Prins. Hij leefde tijdens de oorlog vanaf zijn 6e jaar gescheiden van zijn ouders en broertje om niet ontdekt te worden door de Duitsers.
Jack Prins woonde sinds september 1939 bij vrienden van zijn ouders op Katendrecht. Zijn ouders kwamen pas in mei 1940 naar de stad. Zijn vader kreeg toen een baan als trompettist in Pschorr Rotterdam.
Jack en zijn ouders blijven apart wonen, zodat hij niet gelijk van school moet veranderen. Het appartement van zijn ouders wordt bij het bombardement op de stad volledig verwoest. Zijn ouders en jongere broertje overleven de aanval.
Samen met Jack gaan ze naar familie in Den Haag, maar als de jodenvervolging begint, moeten de kinderen apart onderduiken. Het jongere broertje van Jack gaat naar Hellendoorn en blijft daar tot na de oorlog. Jack zal in totaal 16 onderduikadressen krijgen. Steeds als het te gevaarlijk wordt, brengt het verzet hem ergens anders heen.
In de lente van 1944 komt Jack Prins terug naar Rotterdam-Delfshaven. Hij gaat inwonen in een kindertehuis in de Hooidrift. Jack omschrijft dat als de vervelendste periode uit zijn leven: "Ik vond het verschrikkelijk vervelend. De leiding was erg streng en had geen begrip voor kinderen. Er waren grote spanningen, want er was niet genoeg te eten en er waren te weinig dekens om warm te blijven.
Jack vlucht in januari 1945 naar Groningen en blijft daar tot het eind van de oorlog. Zijn vader en broertje hebben de oorlog overleefd, zijn moeder is in een concentratiekamp overleden.
Om te laten zien hoe kinderen het vele vluchten en onderduiken hebben beleefd, heeft Jack het boek geschreven. Het boek verschijnt volgende week woensdag.

💬 WhatsApp ons!
Heb jij een tip voor de redactie? Stuur ons een bericht, foto of filmpje via WhatsApp ons of Mail: nieuws@rijnmond.nl