WONEN

Krimpen aan den IJssel voorziet weinig verandering in bouwplannen

Een meerderheid van de gemeenten in de regio Rijnmond heeft minder dan 30 procent sociale huurwoningen.
Een meerderheid van de gemeenten in de regio Rijnmond heeft minder dan 30 procent sociale huurwoningen. © Pexels/Pixabay
"De sociale voorraad in de gemeente Krimpen aan den IJssel bedraagt al meerdere jaren 39 procent. Naar verwachting zal dit percentage in de komende jaren niet veel wijzigen". Met deze zin vat de gemeente in onze enquête zelf prima de huidige en toekomstige situatie op de lokale woningmarkt samen. De gemeente voldoet ruim aan de norm van 30 procent sociale huur, die minister De Jonge verlangt.
De 39 procent die de gemeente meldt bestaat grotendeels uit sociale huurwoningen (36,5%) en daarmee scoort Krimpen aan den IJssel vrijwel hetzelfde als buurgemeente Capelle aan den IJssel (36,6%). Alleen qua sociale koop (woningen met een waarde tot 210 mille) scoort Krimpen met 3,2% lager dan de 6,4% aan de overkant van de rivier.
Ondanks dat het aanbod van sociale huurwoningen in Krimpen redelijk groot is, bedraagt de gemiddelde inschrijftijd ervoor toch dik vijf jaar. Dat is aanzienlijk langer dan in Capelle (2,2 jaar).

Afspraken

Met Rotterdam, Capelle en elf andere gemeenten werkt Krimpen aan nieuwe woningmarktafspraken, gebaseerd op behoefteramingen die uitwijzen dat er (ook) in onze regio veel meer vraag naar goedkope woningen is dan enkele jaren geleden werd aangenomen. Regionaal zal dat zeker leiden tot verandering in bouwplannen, maar Krimpen voorziet dat lokaal dus niet.
Krimpen aan den IJssel begon als één van de eerste gemeenten al in 2015 met de zogeheten starterslening. Daarbij dicht de gemeente met een lening het gat tussen de koopprijs van een woning en de maximale hypotheek die een starter op de woningmarkt kan krijgen. Op die manier worden jaarlijks zo’n tien huishoudens geholpen.

Nieuwbouw

Op de vraag in de enquête of Krimpen problemen ervaart bij nieuwbouwplannen komt hetzelfde antwoord als bij vrijwel alle andere gemeenten: "Oplopende bouwkosten, tekort aan bouwvakkers en overheidspersoneel, bezwaren van omwonenden, milieuproblematiek en het feit dat bijsturen op woningbouwontwikkelingen tijd kost." Het eind van de woningnood is niet in zicht: "het is niet over een jaar of drie al opgelost."