WONEN

Zelfs 'topscorer' Rotterdam heeft te weinig betaalbare woningen

Een meerderheid van de gemeenten in de regio Rijnmond heeft minder dan 30 procent sociale huurwoningen.
Een meerderheid van de gemeenten in de regio Rijnmond heeft minder dan 30 procent sociale huurwoningen. © Pexels/Pixabay
Liefst 54,7 procent van de Rotterdamse woningvoorraad bestaat uit sociale huurwoningen, ruim boven het door minister De Jonge verlangde percentage van 30. Of dat cijfer klopt wordt door de gemeentelijke Rekenkamer betwijfelt, maar met ook nog 7 procent sociale koopwoningen (waarde tot 210 mille) zou je denken dat juist hier voldoende goedkope woningen beschikbaar zijn. Helaas is dat niet het geval.
De stad telt dik 82.000 woningzoekenden en ondanks het tekort, dat in vrijwel elke gemeente in ons land en zeker in onze regio aan de orde is, slaagt Rotterdam er naar eigen zeggen in om mensen binnen 21 maanden aan een sociaal huurhuis te helpen. De allerlaagste inkomens zelfs in 17 maanden tijd. Daarmee troeft Rotterdam de andere 24 gemeenten in onze regio af. Maar als 'urgent woningzoekenden' uit de berekening gehaald worden rolt er volgens Maaskoepel een gemiddelde inschrijfduur voor woningzoekenden uit van 50 maanden.
Begin september kwam de Rotterdamse Rekenkamer met een rapport, waarin de aannames van de gemeente, die de basis vormden voor het huidige woonbeleid, werden bestempeld als "onvoldoende feitelijk onderbouwd". De gemeente becijferde in 2016 dat 32 procent van de bevolking een laag inkomen heeft en dat met 56 procent sociale woningen het goedkope aanbod veel te hoog was.
Niet alleen werd besloten méér te bouwen voor hogere inkomens, er werd zelfs besloten goedkope huizen, zoals in de Tweebosbuurt, te slopen. De Rekenkamer zegt dat het moeilijk is om in ons land aan de juiste harde cijfers van vraag en aanbod op de woningmarkt te komen. Een fenomeen waar ook Rijnmond bij deze enquête tegenaan liep.
De Rekenkamer acht het aannemelijk dat al in 2016 de vraag naar goedkope woningen groter was dan het aanbod. In 2018 besloot Rotterdam om iets minder te slopen en inmiddels werkt de gemeente, met dertien andere gemeenten in de regio, aan een nieuwe woonvisie, gebaseerd op de nieuwste behoefteramingen van onderzoeksbureau ABF.

Toekomstplannen

Gevraagd naar de plannen antwoordt de gemeente: "De grootste opgave betreft het midden- en hogere segment en in mindere mate in het sociale segment. In het coalitieakkoord is de bouw van 20 procent in deze collegeperiode vastgelegd (en 35 procent middensegment), toewerkend naar 25 procent sociaal en 40 procent middensegment in de volgende collegeperiode."
Rotterdam bouwt de sociale woningen enerzijds ter compensatie van wat verdwenen is en anderzijds om specifiek studenten, starters en senioren te helpen. Voor starters is er ook in deze gemeente de starterslening, bedoeld om het gat te dichten tussen de koopprijs van een woning en het hypotheekbedrag dat een starter maximaal kan lenen.
Er zal veel gebouwd gaan worden in nieuwe gebieden “zoals de Rijnhaven en Merwe4Haven. Ook worden sociale woningen gebouwd in bestaande woonwijken, waaronder wijken met op dit moment weinig sociale voorraad, zoals de binnenstad en Nesselande. Zo is er verspreid over de stad keuze aan woningen in diverse prijsklassen."

Problemen

Zoals alle gemeenten meldt ook Rotterdam bij nieuwe bouwplannen tegen problemen aan te lopen: "In z’n algemeenheid ondervinden gemeenten en ontwikkelende en bouwende partijen problemen door oplopende kosten. Dit is met name lastig voor projecten met weinig financiële marges, zoals bij sociale woningen. Financiële bijdragen van de rijksoverheid, bijvoorbeeld in de vorm van woningbouwimpuls, kunnen dit probleem enigszins verzachten en zodoende de bouw vlottrekken."
Ook zijn er personeelstekorten bij aannemers, ontwikkelaars en overheid, wordt bij binnenstedelijke ontwikkelingen vaker bezwaar aangetekend tegen bouwplannen, is de milieuregelgeving zeer ingewikkeld en kost bijsturen op woningbouwontwikkelingen tijd. Ondanks deze problemen verwacht Rotterdam de eigen doelstellingen te kunnen waarmaken.