MOORD

Nadat haar dochter wordt vermoord, staat het leven van Liesbeth volledig in het teken van haar kleindochter

De in 1991 vermoorde Patricia van Blarcum  en haar dochtertje van anderhalf
De in 1991 vermoorde Patricia van Blarcum en haar dochtertje van anderhalf © Privéfoto
“Ik wil z’n kop zien. Patricia heeft ‘m gezien, ik moet hem ook zien.” Moeder Liesbeth Couvreur (74) zegt het resoluut. Ze wil weten hoe de man eruitziet die haar dochter en diens toenmalige vriend ruim 30 jaar geleden vermoordde, en daarna gruwelijk verminkte. De Rotterdamse politie vertelde Couvreur twee weken geleden wie de dader is van de dubbele moord, en tegelijkertijd dat deze Arthur A. eind vorig jaar overleden is.
“Het allerbelangrijkste vind ik dat nu voor iedereen duidelijk is dat Patricia onschuldig is, dat ze geen crimineel is. Ze was op het verkeerde moment op de verkeerde plaats”, vervolgt Couvreur.
De lichamen van de 23-jarige Patricia en 40-jarige drugsdealer Bertus Broek werden in maart 1991 gevonden in de flatwoning van Broek in Rotterdam Ommoord. Beiden zijn doodgeschoten, hun lichamen zijn daarna met een mes zwaar verminkt. Patricia kende Broek nog maar kort; de fatale dag was op hun derde afspraakje.
Ruim dertig jaar leek het erop alsof de dubbele moord nooit opgelost zou worden. In 2018 werd 30 duizend euro uitgeloofd voor de gouden tip, maar die kwam niet. Nu, 30 jaar later, is er eindelijk duidelijkheid. De dader, Arthur A., had ruzie met Bertus Broek over een lening die Arthur niet kon terugbetalen. Die ruzie liep zo uit de hand dat Bertus werd doodgeschoten. Patricia, die toevallig bij hem op bezoek was, ook.
Patricia is moeder van een dochtertje van anderhalf. Voor oma Couvreur verandert haar wereld ‘van de een de op andere seconde’. Haar leven staat na de dood van haar dochter volledig in het teken van het opvoeden haar kleindochter. Een onverwachte taak, die ze samen met haar eigen moeder op zich neemt.
Ze is op dat moment zelfstandig ondernemer; ze maakt zijden bloemen, planten en kunstbomen. “Ik moest mijn onderneming op een lager pitje zetten, en dat kon gelukkig dankzij begripvolle, lieve klanten. Ik heb vaak klantafspraken meerdere keren moeten afzeggen of uitstellen.”

Geloofsfanatici

Het noodlot slaat een half jaar na de dood van Patricia opnieuw toe. De vader van Couvreur, de opa van Patricia, overlijdt onverwacht. Couvreur denkt dat haar vader van verdriet is gestorven, alhoewel hij nooit heeft gehuild om de dood van zijn kleindochter. “Hij was altijd bezorgd om Patricia. Hij wilde niet dat ze met het openbaar vervoer ging; hij bracht haar overal met de auto naartoe.”
Stuitend waren de vaak handgeschreven brieven die ze Liesbeth Couvreur kreeg. Van geloofsfanatici die schreven dat ‘Patricia nu in het paradijs, bij God is’, tot van mensen die meenden dat Patricia vanwege de omgang met drugscrimineel Broek en haar gewelddadige dood zelf ook wel crimineel móest zijn.
Liesbeth Couvreur heeft daarom – zeker in de eerste jaren – nooit willen meewerken aan televisie-uitzendingen die aandacht wilden besteden aan de brute moord. Ook misdaadverslaggever Peter R. de Vries wimpelde ze af. Van al die aandacht kon de kleindochter alleen maar last krijgen. De kans was groot dat het meisje erop aangesproken zou worden. En al die media-aandacht zou Patricia toch niet terugbrengen.

Geldzorgen

De zorg voor haar kleindochter dwingt Couvreur de eerste jaren in te teren op haar spaargeld. Ze verdient weinig met haar onderneming. Op het dieptepunt heeft ze een paar honderd gulden op de rekening en een auto die kapot is en vervangen moet worden. “Dankzij een begripvolle bankdirecteur kon ik zonder problemen geld lenen voor een nieuwe.”
Ze krabbelt langzaam overeind en vindt de weg omhoog, met hulp van haar vrienden en haar moeder. Het gaat gelukkig goed met haar kleindochter, waardoor ze meer tijd en energie kan steken in haar onderneming. Het werk geeft een prettige uitdaging, en bijkomend voordeel: de geldzorgen nemen af.
“Ik heb in al die jaren regelmatig gedacht: ‘Als ik met mijn vingers knip, dan is het nooit gebeurd. Het is niet waar.’ Maar ik heb ook gedacht: ‘Deze zaak wordt ooit opgelost.’”

'Het is klaar'

Later deze maand heeft Couvreur opnieuw een afspraak met de Rotterdamse politie. Het coldcaseteam dat deze zaak na tientallen jaren alsnog heeft opgelost, kan hopelijk nog wat vragen beantwoorden. En misschien kunnen ze de spullen van Patricia overhandigen die destijds in de flatwoning in beslag zijn genomen.
De dochter van Patricia is nu begin dertig. Ze werkt en heeft twee kinderen. De oudste weet zo ongeveer wat er met haar oma is gebeurd. “Ik ben blij dat de zaak is opgelost. Het is klaar. Het verdriet blijft in je zitten. Maar het belangrijkste is: mijn dochter is onschuldig.”