Vergeten Verhalen: tuinbouw in centrum Brielle

Tuinbouw is een belangrijke bedrijfstak geweest in de Brielse binnenstad. Het is nu nauwelijks meer voorstellen, maar sierplanten, groenten en fruitbomen zijn lange tijd beeldbepalend voor het gebied binnen de vesting. Brielle krijgt in 1910 zelfs een eigen veiling.

Bob Benschop van het Streekarchief Voorne-Putten: "De geschiedenis van de tuinbouw in Brielle begint als bewoners braakliggende terreinen gebruiken om groente en fruit voor eigen gebruik te telen."

Metamorfose

Dat braakliggende deel binnen de vesting ontstaat als Brielle rond het jaar 1700 een complete metamorfose ondergaat. De vestingwerken krijgen een rondere vorm om de stad beter te kunnen verdedigen. Een complete wijk met zo'n 200 huizen wordt afgebroken en van de stad afgesneden.

Aan de noordkant wordt juist een gebied binnen de nieuwe vesting ingesloten. Het gaat in die periode niet goed met Brielle. Door het verzanden van de haven is er weinig handel waardoor de mensen wegtrekken. Het nieuwe deel blijft eeuwenlang braakliggen.


Inwoners gaan het terrein gebruiken en leggen er tuintjes aan waar ze onder meer peen, bonen, sla en aardappelen telen. Het is voor eigen gebruik, maar de tuinders gaan er ook mee langs de deuren.

Professioneel

De Briellenaren pakken de tuinbouw professioneel aan. "Zeker als aan het eind van de 19e eeuw glas zijn intrede doet in de tuinbouw", weet Bob Benschop. In het begin zijn het simpele ramen die als bescherming dienen maar als snel plaatsen de tuinders de ramen op broeibakken. Deze vorm wordt bekend als 'platglas' en wordt gebruikt voor het kweken van aardbeien en bloemen.

Deze lage kassen maken later plaats voor 'warenhuizen'. Dat zijn langgerekte kassen waarin druiven, tomaten en komkommers gekweekt worden. Om het hele jaar door groente te kunnen kweken, bouwen de tuinders vervolgens ovens waarmee de kassen in de winter worden verwarmd. Benschop: "Op foto's van Brielle uit de jaren twintig en dertig is goed te zien hoe een deel van de binnenstad wordt gedomineerd door kassen."

Rotterdam

De professionele tuinders van Brielle zien de opbrengst van de tuinbouw groeien. Er ontstaat een steeds groter overschot dat niet meer aan de lokale bevolking verkocht kan worden. Rotterdam wordt het doel van de tuinders. 'Rotterdam met zijn haast onbegrensde consumptie', zeggen ze.

Daarom richt een groepje Briellenaren op 5 juni 1893 de Tuinbouwvereeniging Brielle op. De 32 leden betalen elk jaar een gulden. Kort na de oprichting gaat de eerste lading kruisbessen van verschillende kwekers naar de veiling in Rotterdam. De Briellenaren krijgen er een goede prijs voor. Het eerste jaar is de omzet van de vereniging een bescheiden 1400 gulden.

Café De Koophandel

Een jaar na de oprichting van de Tuinbouwvereeniging Brielle opent Jan Dedert langs de Turfkade zijn Café De Koophandel. De tuinbouwvereniging organiseert hier regelmatig veilingen. Dat is succesvol: kooplieden weten Brielle te vinden en het aanbod aan soorten fruit en groente groeit jaarlijks.

De ambities reiken steeds verder. De tuinbouwvereniging wil een echte veiling laten bouwen. In 1903 bespreekt de gemeente het plan. "De gemeente ziet hierin geen taak voor zichzelf en laa het aan de markt over", aldus Benschop. "Maar de vereniging is te klein om die kosten te kunnen dekken."

Vier Briellenaren komen in 1908 met het plan om - onder enkele voorwaarden - een pand te laten bouwen. Aan het Slagveld wordt op 21 januari 1910 de eerste steen gelegd. De feestelijke opening van de Coöp Brielse Groenten- en Fruitveiling is al op 22 april van dat jaar.

Succesvol

De jaarlijkse omzet van de nieuwe Brielse veiling laat zien dat het een succes is: van 43.711 gulden in 1909 naar 63.000 gulden in 1910. In 1911 verdubbelt de omzet: 112.000 gulde. De teller in 1915 staat op 159.000 gulden.

De Eerste Wereldoorlog zorgt voor een dip, maar ook voor nieuwe ontwikkelingen, Zo wordt er in 1918 een eigen schip gekocht. Vanaf 1919 wordt er gebruik gemaakt van een standaard veilingkist, waarmee er een einde komt aan de wildgroei van verschillende verpakkingen.

Ook de jaren daarna gaat het goed met de veiling. De omzet stijgt verder van 198.000 gulden in 1920 tot 455.000 gulden in 1929. De sector groeit uit tot een miljoenenbedrijf en zorgt voor veel werkgelegenheid.

Crisis jaren 30

De crisis van de jaren dertig heeft grote gevolgen voor de tuinbouwindustrie in Brielle en de omliggende gemeenten Oostvoorne, Vierpolders en Rockanje. "Aanvankelijk dachten ze dat het wel mee zou vallen", vertelt Bob Benschop, "ze investeren nog. Zo wordt de veiling 1929 uitgebereid en wordt in 1930 de Land- en Tuinbouwschool opgericht. De verwachting was dat de tuinbouw van deze investeringen zou profiteren zodra de crisis was bedwongen."
Maar de jaren dertig zijn zwaar en verschillende tuinders gaan tijdens de crisis failliet.

Kort na de Tweede Wereldoorlog gaan er stemmen op om de veilingen van Brielle en Oostvoorne te laten fuseren. Het duurt nog bijna tien jaar voordat die veiling van start gaat want er wordt meteen een nieuw pand gebouwd. Het nieuwe complex direct langs de Groene Kruisweg opent in november 1955.

Het pand van de oude Brielse veiling binnen de vesting staat er nog altijd. Het gebouw aan het Slagveld is eerst verkocht aan de land- en tuinbouwvereniging die het als opslag gebruikt. Begin jaren 90 wordt het ingrijpend verbouwd omdat Albert Heijn erin trekt. Nadat die supermarkt naar een locatie buiten de wallen gaat, vestigt discounter Action zich in december 2016 in het pand.

Afbeeldingen: Streekarchief Voorne-Putten

Meer over dit onderwerp:
madm vergetenverhalen Brielle
Deel dit artikel: