Kinderombudsman: 'Vrijwillige jeugdhulp in Rotterdam moet beter'

De vrijwillige jeugdhulp van jeugdzorg Rotterdam moet beter. Dat zegt de Rotterdamse Kinderombudsman Anne Mieke Zwaneveld na onderzoek naar de jeugdbescherming in Rotterdam. De kritiek gaat vooral over het zogenoemde drangtraject.

Drang is een nieuwe vorm van vrijwillige hulp aan ouders als er grote problemen zijn met het kind. Het kan dan gaan over ernstige verwaarlozing of andere vormen van kindermishandeling. Het drangtraject valt tussen de twee oorspronkelijke manieren van hulpverlening: vrijwillig en gedwongen.

In die laatste vorm legt de rechter je maatregelen op. Sinds 2016 is er nu een tussenvorm bijgekomen, dat is drang. Die hulp is wel vrijwillig, maar niet vrijblijvend.

Het onderzoek naar de jeugdzorg werd gedaan na klachten van de ouders en kinderen zelf. De grootste kritiek was dat ze van de hulpverleners te weinig informatie krijgen en zich gedwongen voelen om mee te werken.

'Pakken ze mijn kind af?'


Volgens de Rotterdamse ombudsman is bij de ouders en kinderen niet altijd duidelijk wat de gevolgen kunnen zijn van het traject en of zij verplicht mee moeten werken. “'Moet ik doen wat ze zeggen, pakken ze dan mijn kind af?', zijn veelgehoorde vragen."
 
Ouders hebben het gevoel dat ze niet zelf hun zegje kunnen doen en weten niet goed wat hun rechten zijn. Ze voelen zich geïntimideerd om mee te werken. Ook hadden ouders geklaagd dat er te zware maatregelen werden opgelegd.

Verbeteringen


De gemeente Rotterdam zegt met verbeteringen te komen: in april start een pilot, waarbij de ouders en kinderen meer inspraak krijgen. Ouders en kinderen vanaf 16 jaar zullen aanwezig kunnen zijn bij een overleg over te nemen maatregelen.
 
Of er te zware maatregelen zijn genomen, weet de gemeente niet. Bij het onderzoek van de Kinderombudsman zou geen wederhoor zijn gevraagd aan de hulpverleners.

 
 

Meer over dit onderwerp:
Nieuws
Deel dit artikel: