Column: Rotterdam is versplinterd, nu eerst steengrillen

De kiezer heeft gesproken: Rotterdam is versplinterd, versnipperd. Maar liefst dertien partijen gaan de nieuwe gemeenteraad in. Dertien bekvechtende fracties. Kunnen die straks door één deur?

In het drukbezochte stadhuis van Rotterdam ga ik tijdens de verkiezingsavond op zoek naar lichtpuntjes, naar positieve geluiden. Dat mag ook wel: de afgelopen campagne leverde de nodige schuttingtaal op. Van Goebbels tot kinderverkrachters. Partijen benadrukten de verschillen, niet de overeenkomsten.

In de burgerzaal van het stadhuis wordt gejuicht (Leefbaar Rotterdam), gehuild (SP) en gejoeld (50PLUS; allemaal dragen ze een pruikje, daarmee het haar van de nummer 1 Ellen Verkoelen nabootsend). Maar laat ik de lijsttrekkers maar even negeren.

Rolmodel


Daar is Sander de Kramer, de Ratelband van Rotterdam. Altijd in voor een peptalk. "Politici zijn een rolmodel, nou dat waren ze in deze campagne niet. Ze moeten nu eerst gaan steengrillen met elkaar, alles eruit gooien en dan pas een coalitie vormen."

Een man met een brede grijns komt de trap op: Ronald Sörensen. Zijn Leefbaar Rotterdam heeft het weer knap gedaan. "En links heeft het niet gered", zegt hij olijk. Maar hij heeft ook een constructief idee.

"Ik ben historicus. Voor 1974 had je het systeem van afspiegelen. Dan kreeg je als partij wethouders, naar mate je zetels had. Die wethouders gingen met elkaar de stad besturen." Een oplossing, dwars door 'links en rechts' heen dus.

Positief


Journalist Francisco van Jole doet een duit in het zakje. Dit keer geen cynische boodschap. "De winnende partijen, VVD en GroenLinks, hadden een positieve campagne. Ik denk dat Leefbaar Rotterdam meer zetels had kunnen halen, als ze niet zo'n negatieve boodschap hadden gehad. Dat is het lichtpuntje van deze verkiezingen: dat de Rotterdammer positiever is, dan de meeste politici."

Verderop verlaat een man met gebogen gestalte het stadhuis: Manuel Kneepkens. Toen van de Stadspartij, nu lijstduwer van Stadsinitiatief Rotterdam (nul zetels). "De stad is versplinterd, ook etnisch. Dat is verschrikkelijk. Je zult als politici afstand moeten bewaren: laat de burgers met plannen komen en de politici zijn er om te bemoedigen en coachen."

Een pragmatische koers dus, weg van de ideologische strijd in Den Haag. Laat Rotterdam gewoon Rotterdam blijven. Het Eureka-moment komt als ik twee vrouwen aan tafel zie zitten, tijdens de verkiezingsuitzending van RTV Rijnmond: Marianne van den Anker (ex-wethouder Leefbaar Rotterdam) en Carrie Jansen.

Columnist


Beiden zijn columnist bij het AD. Maar daar houdt de vergelijking op. Rechts versus links. Politiek mijlenver uit elkaar. "Ik haatte Leefbaar en omgekeerd", zegt Carrie. Maar dan komt het.

Carrie: "Ik heb in de praktijk uitstekend met Marianne kunnen werken. Wij hebben samen indertijd de problemen van de Keileweg aangepakt." Marianne vult aan: "Ja Carrie had wel een hele goeie inbreng. Gewoon praktisch, gewoon doen."

Als twee dames, die het kijven niet schuwen, het eens kunnen worden, dan is Rotterdam nog te redden. Handen uit de mouwen, geen woorden maar daden en andere clichés. Misschien moet Rotterdam geen wethouder van de-islamisering krijgen, maar van de-politisering.

Ruim na middernacht wordt het donker in het stadhuis van Rotterdam. Maar er brandt stiekem toch een lichtje, van hoop.

Meer over dit onderwerp:
Nieuws
Deel dit artikel: