De bezoeken van walvis Jonas aan Rotterdam

Walvis Jonas heeft verschillende keren Rotterdam aangedaan. Om tentoongesteld te worden, maar ook om opnieuw geprepareerd te worden. De opgezette walvis is in 1952, 1955, 1964 en 1975 in Rotterdam geweest.

Een Deense historicus Tore Teglbjaerg heeft de wandelgangen van Jonas onderzocht. Hij heeft bij het Stadsarchief Rotterdam informatie opgevraagd. Corrine Boeijinga-Hubers van het archief: “We hebben in onze collectie enkele affiches en foto’s van de bezoeken van Jonas aan Rotterdam.”

Gevangen

Teglbjaerg heeft de resultaten van zijn onderzoek opgestuurd en zo is het verhaal van walvis Jonas in Rotterdam compleet. Jonas is gevangen op 11 september 1952 in de Noordelijkse IJszee. De Noorse Tentoonstellingsmaatschappij Hvalhal laat de gewone vinwalvis prepareren door de ingewanden en de organen te verwijderen.

De huid, het vlees en het walvisspek blijven zitten en de aderen worden ingespoten met duizenden liters formaline. Vervolgens is het hele dier weer dichtgenaaid. Dit alles heeft twee tot drie dagen in beslag genomen.

Hijskraan

Per stoomschip wordt het karkas naar Rotterdam vervoerd. Hij komt op 28 september 1952 aan in de Eerste Katendrechtse haven. Daar takelen ze Jonas met een hijskraan naar tentoonstellingsschip Viking. De Viking komt in de Coolhaven te liggen en daar komen in twee weken tijd zo’n 35.000 mensen naar hem kijken. Volwassenen betalen daarvoor 50 cent en kinderen 25 cent.

Na Rotterdam gaat Jonas op tournee langs verschillende plaatsen in Nederland en België. Na zes maanden stinkt het kadaver zo, dat het opgeknapt moet worden. Daarvoor de komt de walvis weer naar Rotterdam.

Koelkast

Hij wordt van binnen gestript en er komt een metalen constructie in Jonas. Verder plaatsen ze een koelkast in zijn buik om verder bederf te voorkomen. Daarnaast wordt er een speciale caravan gemaakt waarmee hij door het land gaat reizen. Jonas heeft dan een vaste groep van negen mensen om zich heen.

Die groep bestaat uit een dagelijkse manager, een mecanicien, een boekhouder, een conservator, een kassier en vier tentenbouwers. Uiteindelijk toert Jonas niet alleen door Europa, maar de walvis doet ook Japan, Egypte en Rhodesië aan. In 1955, 1964 en 1975 is Jonas weer in Rotterdam te zien.

Corinne Boeijinga-Hubers: “Door de reizende tentoonstellingen is de publieke opinie over de walvis gewijzigd. Het publiek kreeg steeds meer sympathie voor de walvis en wilde niet dat het dier zou uitsterven door de jacht. In de beginjaren 70 heeft het Wereldnatuurfonds de reizende tentoonstellingen ondersteund in het kader van de Red de Walvis campagne en kwam het accent te liggen op de bedreiging van de soort.”

Rond 1980 is de Jonas in een opslagruimte in Veghel geplaatst, waar hij tot 2006 is gebleven. Inmiddels is het dier zo massief als een rots geworden. In 2010 is Jonas nog op E-bay voor 40.000 pond aangeboden. Daarna is er geen spoor meer van hem aangetroffen.

Meer over dit onderwerp:
madm vergetenverhalen
Deel dit artikel: