Opkomst en ondergang van het Kanaal door Voorne

Het Kanaal door Voorne was ooit een levensader voor Rotterdam. Op 8 november 1830 werd het kanaal in gebruik genomen. Ruim veertig jaar later verloor het die functie. De Nieuwe Waterweg werd dé toegang tot Rotterdam en de havens voor schepen.

De verzanding van de Maas zorgde ervoor dat Rotterdam slecht bereikbaar was vanaf zee. Bob Benschop van het Streekarchief Voorne-Putten: "In de loop van de tijd ontstond zelfs het eiland Rozenburg als zandplaat."

Omweg

Rond het begin van de negentiende eeuw was de Maasmond zo ondiep geworden dat schepen met veel diepgang niet meer via deze route naar Rotterdam konden. Ze moesten een omweg maken door het Haringvliet, het Hollands Diep, de Dordsche Kil, de Oude Maas en tenslotte de Nieuwe Maas.

Die route kostte de zeilschepen dagen. "Ze moesten steeds wachten op de juiste stroming en windrichting", weet Benschop. Scheepsladingen moesten soms worden overgezet op kleinere schepen, en ook dat kostte tijd en geld.


De directeur van de Marinewerf in Rotterdam bedacht in 1822 het plan voor de aanleg van het tien kilometer lange kanaal dwars over het eiland Voorne. Hiermee zou de afstand tot een derde worden verkort en de vaartijd tot een halve dag beperkt.

Ook zouden schepen minder afhankelijk zijn van wind en getijdewisseling. Omdat het kanaal de welvaart bevorderde, was koning Willem I erg geïnteresseerd in de plannen. Toch duurde het nog jaren voordat er een besluit over genomen werd.

Discussie

Er volgde een jarenlange discussie over de grootte, breedte en diepte van het kanaal. Benschop: "In die tijd kwamen ook stoomschepen op en die hadden weer andere eisen. Vroege stoomschepen hadden schoepraderen aan de zijkant dus daarvoor moest het kanaal weer breder zijn."

Na vijf jaar discussiëren nam koning Willem I een besluit: het werd een kanaal met een sluiswijdte van tien meter en een diepte van 5,5 meter. De grootste linieschepen konden er dan niet door, het kanaal was groot genoeg voor de meeste oorlogsfregatten en de zwaarbeladen koopvaardijschepen die vanuit Oost-Indië kwamen.

Ingrijpend

De aanleg van het tien kilometer lange kanaal was ingrijpend voor het eiland Voorne-Putten. De polder Nieuwenhoorn werd door het kanaal dwars doormidden gesneden en de waterhuishouding moest volledig worden herzien.

Voor het aanleggen werd het project opgedeeld in percelen van honderd meter. Op 6 april 1827 vond de eerste aanbesteding plaats. "Aannemers gingen vervolgens met een groep arbeiders met schop en kruiwagen aan de slag om een stuk uit te graven", weet Bob Benschop.

Sobere ingebruikname

In drie jaar tijd werd het kanaal gegraven en de sluizencomplexen bij Hellevoetsluis en Nieuwesluis aangelegd. In de zomer van 1830 was het Kanaal door Voorne klaar. Op 8 november 1830 was de officiële opening. Dat was tijdens de Belgische opstand, waardoor de autoriteiten een feestelijke opening ongepast vonden. De ingebruikname van het kanaal vond in alle eenvoud plaats.

Het Kanaal door Voorne was direct een succes: in november 1830 passeerden 126 schepen de sluizen, dat zijn er zo'n vier per dag. De doorvaart nam gemiddeld zo’n twee uur in beslag.
In de jaren erna werden het er steeds meer. Benschop: "In 1850 waren het zo'n acht schepen per dag, in 1865 zo'n twintig per dag en 1872 was het hoogtepunt. In dat jaar gingen er 10.000 schepen door heen, per dag zijn dat ongeveer 25 per dag."

Nadelen

Het Kanaal door Voorne had ook nadelen. De twee sluizen zorgden vaak voor lange wachttijden. "Soms lagen tientallen schepen in het Haringvliet te wachten", vertelt Benschop. "Die moesten dan dagen wachten voordat ze er doorheen konden".

In de jaren zestig van de negentiende eeuw werd onderzoek gedaan naar de scheepvaartroute van en naar Rotterdam. Pieter Caland kwam met het plan om 'de Hoek van Holland' door te graven, zodat het Scheur ten noorden van Rozenburg als nieuwe vaarroute zou gaan dienen. De route naar Rotterdam werd zo verkort tot dertig kilometer en er was geen oponthoud door sluizen meer.

Nieuwe Waterweg

Het voorstel van Caland leidde op 24 januari 1863 tot het aannemen van de ‘Wet op de verbetering van de Nieuwe waterweg naar zee’. In 1866 werd begonnen met het werk en in 1872 voer het eerste schip door de Nieuwe Waterweg.

Benschop: "In Brielle, waar Caland een paar jaar gewoond had, werd hij uitgemaakt voor moordenaar." Dit onder meer door het vertrek van het loodswezen. In Hellevoetsluis was de uitspraak: 'Bij elke schop die voor de Nieuwe Waterweg in de grond gaat, wordt bij een Hellevoeter een stuk brood uit de mond gestoten’.

Veel scheepvaart koos inderdaad een andere route, maar het Kanaal behield wel een deel van zijn functie. Ten eerste voor de waterhuishouding van de polders. "En ook de afvoer van allerhande landbouwproducten: jaarlijks had je de bulkgoederen als aardappelen en de bietencampagne. Dat kon per schip worden afgevoerd", aldus Benschop. "Dus helemaal nutteloos was het Kanaal niet."

Inmiddels ligt het er verlaten bij en is het niet meer voor grote schepen toegankelijk. Het is afgedamd en door bruggen overspannen. In Hellevoetsluis is winkelcentrum Struytse Hoek eroverheen.

Meer over dit onderwerp:
madm vergetenverhalen
Deel dit artikel: