Dordtenaren leveren handtekeningen in tégen de komst van beeld Willem van Oranje

Tegenstanders van het plaatsen van een beeld van Willem van Oranje in Dordrecht hebben honderden handtekeningen aangeboden aan burgemeester Kolff van Dordrecht. Het zijn er ruim genoeg om het op de agenda van de Dordtse gemeenteraad te krijgen.

“Onze poging om het onderwerp behandeld te krijgen is eigenlijk met vlag en wimpel geslaagd”, zegt Wouter van der Spoel, een van de initiatiefnemers. “Binnen 48 uur hadden we de benodigde driehonderd handtekeningen binnen.”

Burgemeester Kolff nam de handtekeningen sportief aan, zegt Van der Spoel. “Hij gaf heel formeel aan dat het goed is dat burgers het initiatief nemen”, vertelt de Dordtse ondernemer. “Hij was niet chagrijnig. En als het goed is staat een burgemeester daar ook boven.”

Hoe zat het ook alweer?

De gemeente Dordrecht schreef eerder een wedstrijd uit voor het maken van een beeld van de Vader des Vaderlands. “Maar in Dordrecht hebben we de Gebroeders de Witt”, legt Van der Spoel uit. “Daar hebben we een prachtig standbeeld van dat er nu al 100 jaar staat. We zijn er best trots op wat die twee hebben bereikt voor ons land.”

Dat de familie De Witt geen fan was van de Stadhouders van Oranje, was wel duidelijk. Johan de Witt, als raadspensionaris de machtigste politicus van het land, had eerder geprobeerd om de piepjonge Stadhouder Willem III (achterkleinkind van Willem van Oranje) politiek buitenspel te zetten door met Engeland af te spreken dat er nooit meer een Oranje als Stadhouder het voor het zeggen zou hebben (het Eeuwig edict). 

“Dat met die Stadhouders zagen ze gewoon niet zitten”, gaat Van der Spoel verder. “Zij vonden gewoon dat de Nederlandse staat anders ingericht moest worden.”

Maar de wraak van Willem III was zoet en vooral bloederig. In 1672, dat nog altijd het rampjaar wordt genoemd, werd Nederland door vier landen binnengevallen. En terwijl de Fransen bijna in Holland waren aangekomen, brak in de steden de paniek uit. Het volk was redeloos, het land reddeloos en de regering radeloos, is het spreekwoord dat verwijst op de situatie in 1672.

De gebroeders De Witt waren de zondebok. En dat werd aangewakkerd door een zorgvuldig opgezette haatcampagne met tal van pamfletten. Een barbier (kapper) uit Piershil beweerde zelfs dat Cornelis de Witt hem had benaderd om Willem III te vermoorden. Het zorgde voor de rechtszaak van de eeuw. 

Omdat er geen bekentenis kwam (ook niet na een marteling) kon Cornelis niet veroordeeld worden. Hij werd wel verbannen door de rechter uit de Nederlanden.

Maar Cornelis werd opgewacht door Oranje-aanhangers. En toen de bewakers van de Haagse gevangenis weggelokt waren, bestormde de meute de gevangenis. Johan, die op bezoek was bij zijn broer, en Cornelis werden naar buiten gesleept, gedood en zwaar verminkt. 

Dat Willem III persoonlijk betrokken was bij de haatcampagne of de bestorming is nooit aangetoond. Maar wel is zeker dat hij van een deel van de plannen op de hoogte was. Veel van de mensen die betrokken waren bij de lynchpartijen kregen promotie en niemand werd vervolgd.

En dus geen beeld

“Dat Willem van Oranje een eeuw eerder werd aangewezen om ons land van de Spanjaarden te bevrijden is belangrijk”, gaat Van der Spoel verder. “En dat moet ook herdacht worden. Maar als je ziet wat de broers De Witt is aangedaan door de Oranje-aanhangers, moet dat niet in onze stad gebeuren.”

Een deel van de gemeenteraad van Dordrecht is het met Van der Spoel eens. “En sommigen hebben het dan ook al ondertekend”, zegt de initiatiefnemer lachend. “Het kan nog spannend worden.”

Het voorstel om géén beeld te plaatsen wordt binnen twee weken besproken in een adviescommissie. Daar mogen de initiatiefnemers de petitie toelichten en kunnen raadsleden vragen stellen. Een maand later hakt de gemeenteraad de knoop door. 

Meer over dit onderwerp:
Nieuws Dordrecht Willem van Oranje
Deel dit artikel: