DRUGSPROBLEMATIEK

Heeft Rotterdam dan niets geleerd van de drugsproblemen in de jaren 90?

Protest in Rotterdam tegen drugsoverlast.
Protest in Rotterdam tegen drugsoverlast. © Rijnmond
Rotterdam werd in de jaren 90 geteisterd door ernstige overlast van drugsverslaafden. Berucht waren Perron Nul bij het centraal station en de tippelzones op de G.J. de Jonghweg, later de Keileweg. Zó erg is het nog niet, maar een deel van de oude problemen lijkt terug. Er zijn weer meer verslaafden en daklozen op straat, mét de bijbehorende overlast. Drie sleutelfiguren die nauw betrokken waren bij de aanpak twintig jaar geleden, geven hún visie op de situatie nu en beantwoorden de vraag: heeft Rotterdam niets geleerd van de drugsproblemen in de jaren 90?
Marianne van den Anker werd in 2004 wethouder veiligheid en maakte onder meer een einde aan de tippelzone aan de Keileweg en aan een groot deel van de overlast. Volgens haar werd het succes bepaald door de intensieve, gezamenlijke aanpak van de zorg en van het straat halen van verslaafden én tegelijkertijd de veiligheid in de wijken. “Enerzijds de bescherming van mensen, welzijn, een dak boven je hoofd en fatsoenlijke verzorging. En aan de andere kant het oplossen van de overlast, want het was natuurlijk niet te doen als je in Delfshaven woonde.”
Marianne van den Anker in haar tijd als wethouder.
Marianne van den Anker in haar tijd als wethouder. © Rijnmond
In totaal werden zo'n 4000 mensen van straat gehaald en was de aanpak een succes. “Alleen hebben we daar niks van geleerd. Het is nu nog niet zo erg als in de jaren 90, maar daar stevenen we wel op af," meent Van den Anker. Ze noemt als oorzaak de toegenomen regelgeving en zogenaamde ‘verkokering’, waarin ambtenaren en overheidsdiensten alleen verantwoordelijkheid nemen voor hun eigen ‘eilandje’. Ondertussen werden veel zorginstellingen geprivatiseerd.
Daardoor is het sociale vangnet volgens haar dunner geworden. “Daar komt bovenop dat iemand met meervoudige problemen, juist moeilijker geholpen kan worden in ons huidige systeem. ‘Je komt niet in aanmerking voor...’, krijgen ze dan te horen.”
Een belangrijk criterium of mensen wél of geen recht hebben op opvang en zorg is 'zelfredzaamheid', oftewel: kan iemand voor zichzelf zorgen, of op zijn omgeving leunen. “Dat begrip wordt veel te veel opgerekt. Maar een systeem gedwongen door schaarste: geen geld, geen plek, geen woning en wachtlijsten, zegt over een belangrijke groep mensen – waarvan ik vind dat we ze wél moeten beschermen, dat ze het zelf moeten oplossen."

Zombiedrug

Los van de morele verantwoordelijkheid van een overheid is dat wat haar betreft ook een financiële afweging. “Als mensen door hun hoeven zakken, zakken ze tegenwoordig zo ver weg dat je maar moet zien hoe je ze er weer bovenop kunt krijgen. Dat kost kapitalen.” Een van de redenen dat mensen hard achteruitgaan is de opkomst van nieuwe, heftige drugs. “Het zou me niet verbazen als ook de nieuwe ‘zombiedrug’ binnenkort zijn intrede doet in de grote steden.”
Perron Nul waar verslaafden volop drugs gebruikten.
Perron Nul waar verslaafden volop drugs gebruikten. © Rijnmond
Verder zorgen woningschaarste en de inflatie ervoor dat het snel misgaat. “Dat geldt niet alleen voor mensen uit de psychiatrie en/of met een verslaving, maar ook voor die mensen die niks mankeren en wel een dak boven hun hoofd hebben. Die hadden met een beetje begeleiding gewoon mee kunnen blijven draaien in de maatschappij.” Een ander belangrijk verschil tussen nu en de jaren 90, noemt ze dat er destijds nog nauwelijks arbeidsmigratie was. “En het gaat om veel meer mensen: het aantal daklozen is echt veel groter.”

Gezamenlijke aanpak

Ze is het ook eens met de uitspraak van de dominee van de Pauluskerk dat mensen die op straat terecht komen, vanzelf verslaafd worden. “Dat is logisch, want je komt met verslaafde mensen in aanraking en je bent echt toe aan verdoving. Het is koud, nat en ellendig buiten.”
Onderdeel van de oplossing is volgens haar dat bedrijven hun verantwoordelijkheid nemen als ze arbeidsmigranten hier naartoe halen. "De echte oplossing is dat vanuit alle hoeken en gaten iedereen bij elkaar komt, van psychiaters, welzijnswerkers, werkgevers, veilig thuis, gemeente, ombudsman, opvang, Pauluskerk, straatadvocaten- en artsen.” Wij moeten samen een offensief afspreken. En natuurlijk kunnen we niet alles in één keer oplossen, maar het begint echt met een gezamenlijke aanpak.”

Zakken vullen

Ook Sjef Czyzewski, rond de eeuwwisseling als directeur van GGZ-instelling Bouman (nu Antes) verantwoordelijk voor de verslavingszorg, benoemt de misvatting van zelfredzaamheid. “Wij vanuit de GGZ en verslavingszorg zeiden destijds tegen de rest: dit zijn geen zelfredzame mensen, maar mensen die wat mankeren. Het grootste deel van verslaafden heeft een gigantische overlap met de psychiatrie. In eerste instantie kreeg ik bijna pek en veren over me heen, want waarom waren het allemaal patiënten? Alsof ik mijn zakken wilde vullen door iedereen op te laten nemen.”
Dat beeld kantelde door verzamelde data over de ernstige psychische en fysieke problemen die mensen hadden. “Het delen van die inzichten was de eerste basisvoorwaarde. De tweede was, en ik hoor het burgemeester Opstelten nog zeggen: ‘Maar wat moeten we dan doen?’”
Prostitutie op de Keileweg.
Prostitutie op de Keileweg. © Rijnmond
Hij onderschrijft net als Van Den Anker hoe uniek de samenwerking was. “Politie, justitie, gemeente en hulpverleners hadden een gezamenlijk handelingsperspectief: we hadden hetzelfde doel voor ogen. Veel samenwerkingen zijn niets meer dan een strik om partijen heen, terwijl we destijds ervoor zorgden dat we hetzelfde doel voor ogen hadden. Dus het was niet zo dat iemand zijn bijdrage leverde en dan zei: ‘Aju’. Alles hing met elkaar samen en niemands taak stopte bij de grenzen van zijn organisatie of loket.”
Met het succes van de aanpak veranderde het straatbeeld van Rotterdam. “Je zag de gezondheid van deze mensen verbeteren. Maar op het moment dat de problemen uit beeld verdwenen, verdween ook de aandacht van politici. We hebben menigmaal gezegd dat je dit systeem moet onderhouden, want dit soort kwetsbare mensen moet je blijven helpen.” Een deel lukt het wél om op eigen benen te staan, maar een groot deel blijft volgens Czyzewski afhankelijk. “En er is altijd nieuwe instroom. Als je het uit je klauwen laat flikkeren krijg je een herhaling van zetten. En dat zie je nu."

Tussen wal en schip

Zonder zo'n verregaande samenwerking kun je volgens hem de problemen anno nu niet oplossen. “Een van de problemen is dat de AWBZ is afgeschaft, waar juist alle zorg die tussen wal en schip viel qua verzekering, uit betaald werd. Dus wij konden een onverzekerde verslaafde of dakloze met één telefoontje laten verzekeren. Dat proces is nu veel bureaucratischer geworden, er is niet meer één loket.” De zorg voor kwetsbare burgers zou juist een basistaak van de overheid moeten zijn, vindt Czyzewski. “Dat was destijds ook echt het uitgangspunt: de mens stond centraal.”
Om mensen écht te kunnen helpen is volgens hem de eerste stap het verminderen van stress. “Dat ze zich weer een beetje mens voelen. Met hygiëne, voeding en slaap. Daar kan een opname in de GGZ ontzettend aan bijdragen. Maar nu moet elke opname een ‘geneeskundig behandeldoel’ hebben."

Ook veel buitenlanders

Ook is het tegenwoordig nauwelijks mogelijk is om zorg te regelen voor Oost-Europese arbeidsmigranten. “Destijds hadden we óók veel buitenlanders op straat. Maar wij deden met de GGD een heel intensief repatriëringsprogramma, waarbij we mensen terugstuurden naar het land van herkomst.”
Een paar jaar geleden heeft Czyzewski op uitnodiging van burgemeester Aboutaleb een ronde langs Rotterdamse GGZ- en opvanginstellingen gemaakt, om de daklozenproblematiek in kaart te brengen. “De aanleiding was een appje dat ik stuurde over boetes voor daklozen, waar hij vanaf wilde. Ik vroeg: hoe is het mogelijk dat waar wij zoveel jaren geleden de problemen onder controle hebben gebracht, het nu weer zo opspeelt?” Tijdens een grote bijeenkomst met alle betrokkenen deelde hij zijn bevindingen. “Wat mij was opgevallen was dat de instellingen wel wilden, maar dat er een echt integraal gezamenlijk programma of kader ontbrak. Daar heb ik me echt voor hard gemaakt.” Omdat (destijds) wethouder Sven de Langen al een programma had lopen, werden zijn aanbevelingen niet overgenomen.

Ranzige werkelijkheid

“We hebben destijds die massieve inspanning met elkaar kunnen opbrengen, omdat de ranzige werkelijkheid op tafel kwam. Alle sociale, psychische en fysieke ellende van de mensen op straat. Dat krijg je niet onder controle met nachtopvang, een tijdje in de kliniek of in de bajes. Je zult ze echt op alle fronten moeten helpen.”
Een verslaafde vrouw tippelt op straat. | Foto:
Een verslaafde vrouw tippelt op straat.
Twintig jaar geleden was Erik Sterk directeur Wonen bij het Centrum Dienstverlening. Voor de aanpak zoals toen moet het eerst nóg slechter worden, denkt hij. Toch ziet hij als directeur van de Voedseltuin, nabij de Vierhavenstraat, duidelijk dat het aantal daklozen toeneemt. “Letterlijk in onze tuin. Soms zie je de afdruk van een lichaam in de sneeuw. Anderen slapen in een kunstwerk van Joep van Lieshout. Daar hebben we altijd melding van gemaakt, want niemand moet buiten slapen. Maar dan komen er mensen langs en blijkt dat ze geen toegang hebben tot opvang. Dat is een politieke keuze.” Hij spreekt ook regelmatig met daklozen. “Daar zitten mensen tussen die zeggen dat ze het beter hebben als ze hier op straat slapen dan als ze teruggaan naar Polen. En sommigen hebben zelfs werk, maar geen plek om te slapen.

Schrijnend

Ook hij heeft zijn signalen via-via doorgegeven aan een overleg waar, die ook bij wethouder de Langen terecht kwamen. “Daarop kwam terug dat het een Rijkskwestie was en dat pas als zij betaalden, Rotterdam iets zou gaan doen.”
Als je er dagelijks mee wordt geconfronteerd ga je er toch anders naar kijken, denkt hij. “Twintig jaar geleden dachten ze op de Coolsingel: wat is er hier aan de hand? Er lopen er zoveel buiten. Die kant is het nu weer aan het opgaan zie ik. Het is zo zichtbaar in de openbare ruimte dat er wel actie zal komen. Maar ik vind het schrijnend dat het weer zo ver heeft moeten komen.”

💬 WhatsApp ons!
Heb jij een tip voor de redactie? Stuur ons een bericht, foto of filmpje via WhatsApp ons of Mail: nieuws@rijnmond.nl