Razzia Rotterdam: 'Niet meegaan was geen optie'

"Ouders staan te huilen, kinderen lopen verdwaasd rond en de mannen wisten zich geen raad, die stonden maar", George Snelleman (93) herinnert zich de razzia van 10 november 1944 nog goed. "Tot het commando 'aufgehen, schnell, schnell' kwam. Er klonken ook schoten. De Duitsers schoten in de lucht. Het was chaos, een grote puinhoop."

Snelleman was destijds 19 jaar oud en woonde in de Heulstraat in Rotterdam-Noord. Jaap Folst was 17 op die 10e november en woonde op de Beijerlandselaan op Zuid. "Niet meegaan was geen optie. Dan kon je de kogel verwachten."

De nu 91-jarige Folst is met zijn vrouw naar Rotterdam gekomen voor de jaarlijkse herdenking van de razzia. Hij woont in oosten van het land, maar zo lang hij kan, wil hij erbij zijn. De razzia op Zuid was veel stiller dan die in het noorden van de stad. "Alleen de mensen die op transport gingen waren buiten. Verder was er niemand."

Angst

Bang was Folt niet tijdens de razzia. "Angst heb ik later wel gekend. Ik ben overgebracht naar Essen en dat is door de geallieerden enorm gebombardeerd." Zo snel hij kon, ging Folt terug naar Nederland. Zijn verloofde was overgebracht naar Friesland en samen gingen ze terug naar Rotterdam.

Snelleman wachtte het einde van de oorlog niet af. Hij vluchtte tijdens het transport. "Bij een boer in Oost-Nederland heb ik maanden ondergedoken gezeten. We hebben nog jarenlang goed contact gehad. Voor zijn familie ben ik opa George." Na een half jaar vond Snelleman een fiets. Die heeft hij later gebruikt om terug naar Rotterdam te fietsen.

 

Meer over dit onderwerp:
Nieuws
Deel dit artikel: