Heenvliet heeft 550 jaar stederecht

Is Heenvliet een dorp of een stad? Als je met die vraag naar het plaatsje op Voorne-Putten gaat, krijg je verschillende antwoorden. “Een dorp”, antwoorden sommigen stellig. Anderen weten zeker dat Heenvliet stadsrechten heeft.

Voor het juiste antwoord moeten we naar het Streekarchief Voorne-Putten. Daar laat Bob Benschop een akte zien van 20 maart 1469. Het is de akte waarmee Adriaan van Cruyningen, Heer van Heenvliet, het plaatsje Heenvliet stederecht geeft.

Het is deze week dus 550 jaar geleden dat Heenvliet stederecht heeft gekregen. In de akte verleent Adriaan van Cruyningen ‘aan mynen ondersaten van heenvliet, mit desen mynen brieve stederecht en sulke rechten en vryheden als hiernae bescreven staan’.

Net niet

Bob Benschop van het Streekarchief Voorne-Putten: “Op 20 maart 1469 gaf Adriaan van Cruyningen stederecht met het recht voor een jaarmarkt en een weekmarkt, maar geen recht op verdediging of eigen rechtspraak. Dus het een beetje recht, maar niet genoeg om een echte stad ervan te maken.”

In de akte worden de marktrechten uitgebreid beschreven. Elke zaterdag mag er een weekmarkt gehouden worden in Heenvliet. De jaarmarkt moet op 8 mei beginnen en acht dagen duren. Nadat de Heer van Heenvliet Adriaan van Cruyningen het stederecht heeft verleend, moet het nog bekrachtigd worden door zijn meerdere. Dat is de hertog van Bourgondië, Karel de Stoute. De akte waarin de hertog het stederecht voor Heenvliet bevestigd, is van 19 mei 1469. Ook deze akte is te vinden bij het Streekarchief Voorne-Putten.  

Vijf historische weetjes over Heenvliet

Heenvliet is natuurlijk bekend van de paardenmarkt en de ruïne Ravesteijn. Maar wat te denken van de markt die omgeven is met rijksmonumenten. Aan de markt is ook het oude tolhuis met tolpoort te vinden, net als een waterpomp uit 1755. De inmiddels verwoeste molen van Heenvliet kent ook een lange geschiedenis.

Paardenmarkt

Onderdeel van de jaarmarkt die vanaf 1469 gehouden mag worden, is de paardenmarkt. Ruim twee eeuwen later krijgt de paardenmarkt een zelfstandige status. De Staten van Holland geven de Heer van Heenvliet op 22 februari 1687 toestemming om een jaarlijkse paardenmarkt te houden. Vanaf dat moment vindt de paardenmarkt plaats op de derde zaterdag in mei.

Eeuwenlang trekt de markt duizenden bezoekers. Halverwege de twintigste eeuw neemt de belangstelling af. In mei 1966 worden er nog maar tien paarden op de markt gebracht en de traditionele kermis heeft vijf attracties.

Een groep inwoners van Heenvliet richt op 15 september 1966 de ‘Vereniging tot instandhouding van de Paardenmarkt Heenvliet’ op. De paardenmarkt wordt voortaan op Tweede Pinksterdag gehouden en het weekend ervoor worden allerlei nieuwe evenementen georganiseerd. De eeuwenoude traditie van Heenvliet wordt zo door vrijwilligers nieuw leven ingeblazen. De paardenmarkt van Heenvliet is inmiddels weer een trekpleister.

Zwolse Pomp

Op de markt in Heenvliet staat een stenen pomp die daar al eeuwen lijkt de staan. “Maar dat klopt helemaal niet’’, weet de uit Heenvliet afkomstige historicus Nick Werring. ”Oudere inwoners herinneren zich nog dat er een andere pomp stond. Deze stenen pomp is pas na de oorlog geplaatst.”

De Heenvlieters zijn voor drinkwater eeuwenlang aangewezen op regentonnen en de pomp op markt. De oudste vermelding is de archieven is van 1595. In dat jaar krijgt de Rotterdamse ‘lootgieter en ende pompmaecker’ Gerrit Hendrix een bedrag van 108 gulden voor ‘het leveren ende maecken vande looden pompe mitte cooperen snuijte staende opt mercktvelt van Heenvliet’.

Deze pomp en zijn opvolgers raken versleten door intensief gebruik en worden steeds vervangen. In 1948 is weer een nieuwe pomp nodig. De gemeente wil dan ook de Markt opknappen en in oude luister herstellen. Ze willen daarom een pomp die past op deze historische plek.

Het Rijksbureau voor Monumentenzorg wijst Heenvliet op een pomp die sinds 1920 in een opslagplaats in Zwolle staat. Het is een hardstenen pomp uit 1755 met twee zwengels en twee koperen watermonden.

De gemeente Zwolle schenkt de pomp aan Heenvliet, dat alleen voor het transport en de restauratie moet betalen. In juli 1949 komt de pomp naar Heenvliet. De restauratie kost de gemeente uiteindelijk ruim duizend gulden.

Tolhek

Heenvliet heft eeuwenlang tol voor mensen die de Bernisse willen passeren. In eerste instantie steken ze via een veer het riviertje over, later over een ophaalbrug. Bob Benschop: “Toen eenmaal de auto geïntroduceerd werd en later ook de wegenbelasting, raakte tol uit de tijd.”

Alle rijkswegen in Nederland zijn sinds 1899 tolvrij. Wegenbelasting wordt in 1926 ingevoerd en in 1928 stelt de overheid een Tollencommissie in. “De Tollencommissie ging in overleg met de Ambachtsheer van Heenvliet die de tol beheerde en op 1 april 1931 werd de tol in Heenvliet opgeheven”, weet Benschop.

In de jaren dertig is ook de Groene Kruisweg aangelegd, een paar honderd meter verderop. De tolweg door Heenvliet zou daardoor z’n functie als doorgaande route verliezen.

Ruïne Ravesteijn

In de dertiende eeuw is door de eerste Heer van Heenvliet een stenen kasteel gebouwd. Het Slot Heenvliet is in de jaren erna uitgebreid. Inmiddels kennen we het kasteel als ruïne.  Volgens Bob Benschop is het niet helemaal duidelijk door wie het kasteel is verwoest.

Wel weten we dat het in het jaar 1572 is gebeurd. Op 5 april van dat jaar steken Spaanse troepen vanuit Vlaardingen over naar de Bernisse. Daar laten ze schepen achter en lopen naar Brielle om die stad weer in te nemen. Dat mislukt en de Spanjaarden trekken zich terug in Zwartewaal.

Ondertussen zijn de Watergeuzen erachter gekomen dat de schepen van de Spanjaarden in de Bernisse liggen. De geuzen varen er naartoe en vernietigen de Spaanse vloot. De troepen zelf worden met rust gelaten. De Spanjaarden moeten nu te voet terug via Hekelingen, De Hoeksche Waard, Dordrecht en Rotterdam.

“Op welk moment Ravesteijn tot Ruïne is vervallen blijft de vraag”, aldus Benschop. “Wilden de watergeuzen voorkomen dat de Spanjaarden zich er zouden verschansen? Of verwoestten de Spanjaarden het uit wraak?”

Molen

In het Streekarchief Voorne-Putten is een akte vinden uit 1469 waarin de molen van Heenvliet al wordt genoemd. In 1743 wordt een nieuwe molen gebouwd. Die komt in 1956 stil te staan omdat er niet genoeg te malen valt. Er wordt geen onderhoud meer gedaan en de molen raakt vervallen.

Op 8 september 1970 krijgt de inmiddels in desolate staat verkerende molen de genadeklap. De molen brandt volledig uit en wordt snel daarna gesloopt.

Heenvliet- Bernisse – Nissewaard

Tot 1980 is Heenvliet een zelfstandige gemeente. Daarna gaat het samen met een aantal omliggende dorpen op in de gemeente Bernisse. Bernisse wordt in 2015 samengevoegd met Spijkenisse tot de gemeente Nissewaard.

Meer over dit onderwerp:
Nieuws vergetenverhalen
Deel dit artikel: