NS geeft overlevenden concentratiekampen 15 duizend euro

De Nederlandse Spoorwegen komen, bijna 75 jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog, overlevenden van concentratiekampen en directe nabestaanden van Holocaustslachtoffers financieel tegemoet. President-directeur Roger van Boxtel maakte dat besluit woensdag bekend tijdens een bijeenkomst in het Spoormuseum in Utrecht.

De NS betaalt ongeveer vijfhonderd overlevenden 15 duizend euro. Nabestaanden en weduwen krijgen 7500 of 5 duizend euro.

Een onafhankelijke commissie onder leiding van Job Cohen heeft advies aan de NS uitgebracht over een financiële tegemoetkoming. Het spoorbedrijf neemt dit advies in zijn geheel over.

De tegemoetkomingen zijn de uitkomst van een drie jaar durende strijd van Salo Muller, die zijn ouders verloor tijdens de Tweede Wereldoorlog. In 1941 werden zijn vader en moeder gearresteerd en per trein naar Westerbork gebracht. "Ze hebben daar precies negen weken gezeten. Toen zijn ze vervoerd naar Auschwitz en daar vergast."

Muller, oud-fysiotherapeut van Ajax, verwijt de NS dat ze miljoenen heeft verdiend aan het vervoer van Joden tijdens de Tweede Wereldoorlog en wilde een compensatie voor alle overlevenden en nabestaanden van de concentratiekampen.

Tijdens de oorlog hebben de Nederlandse Spoorwegen
zich niet verzet tegen de deportatie van Joden naar kamp Westerbork. Er werden zo'n honderdduizend Joden naar het doorgangskamp in Drenthe vervoerd, ook vanuit Rotterdam. Aan de transporten heeft het bedrijf omgerekend ongeveer 2,5 miljoen euro verdiend.

In 2005 bood de NS openlijk excuses aan voor haar rol in de oorlog. Om de slachtoffers te herdenken steunt het bedrijf allerlei collectieve projecten. De NS weigerde tot nu toe om aan individuele slachtoffers geld te geven.

Meer over dit onderwerp:
Nieuws
Deel dit artikel: