Rijnmond Staat Stil: een Rotterdamse familie in het Derde Rijk

Zo woon je in het paradijs, zo beland je in de hel. In een paar jaar tijd. Dit is het verhaal van Michiel Hoogendijk, stoffenhandelaar uit Rotterdam. Zijn vertrek naar Oost-Pruisen in de jaren twintig liep uit op een drama.

De familiegeschiedenis is opgetekend door de kleindochter van Michiel, Ingrid Hoogendijk(70). Ons gaat het in ieder geval nog goed.  Tien jaar geleden kwam zij in het bezit van brieven, die familieleden elkaar hadden gestuurd voor, tijdens en kort na de oorlog. "Ik wist van het bestaan van die brieven niet af, totdat mijn tweelingbroer erover vertelde." Het leverde een schat aan informatie op.

Michiel Hoogendijk was net als zijn vader stoffenhandelaar. Geboren in Capelle aan den IJssel verhuisde hij naar Rotterdam en werd een succesvol zakenman. Zeker toen hij textiel ging verkopen aan Duitsland.

Ingrid Hoogendijk: "Het was kort na de Eerste Wereldoorlog en geld was in Duitsland niets waard. Michiel verkocht de textiel daarom voor onroerend goed. En zo kwam hij in het bezit van een landgoed." Na nog wat transacties werd Schakenhof in Oost-Pruisen gekocht. Het was het begin van een paradijselijk bestaan, met vrouw en zeven kinderen.

Afbeelding

Het herenhuis van landgoed Schakenhof

Zomeridyllen

Uit de brieven: "Op de grasvelden speelden zich heerlijke zomeridyllen af. Hier ravotten en stoeiden wij en met het heldere water uit de bron vonden geweldige watergevechten plaats. Verrukkelijk was het, als de bessen rijp waren en je daarvan zoveel mocht eten als je maar kon."

Maar in deze oase van geluk drong het langzaam door, dat het in de rest van Duitsland minder florissant was. Het nazisme was in opmars, de oorlog brak uit. "Mijn grootvader moest niets van de nazi's weten, maar zijn dochters kregen relaties met Duitsers, die carrière maakten binnen de SS."

De scheuring binnen de familie werd nog groter toen de oudste zoon, Pieter, als enige terugging naar Nederland om rechten te studeren. Het zijn de brieven aan Pieter die de basis zijn geweest van het boek. Pieter Hoogendijk was de vader van Ingrid.

Toen Hitler-Duitsland aan de winnende hand was, klonk dat door in de jubelende epistels van de zussen van Pieter, die zich steeds meer Duitser gingen voelen. Aan het eind van de oorlog moesten juist zij zich verdedigen tegenover Pieter, die niet naliet triomfantelijk te melden dat de weg van de nazi's een heilloze was.

Afbeelding

Pieter Hoogendijk na de bevrijding, Coolsingel Rotterdam

Russen

Ingrid Hoogendijk: "Michiel wilde eigenlijk terug naar Nederland, maar dat lukte niet. De karren stonden al klaar. Toen de Russen kwamen, hebben ze hem meegenomen." Hoogendijk verbleef in een Russisch kamp en stierf in november 1946.

De opmars van de Russen levert de meest dramatische passages op in de brieven. Dochter Truus was gehuwd met Heinrich en die wilde de komst van de Russen niet afwachten. "Het was Heinrich niet gelukt om op tijd Rastenburg te ontvluchten. Hij kon zijn vrouw Truus en zijn vijf kinderen echter niet overleveren aan de Russen en daarom zijn zij allen uit het leven gestapt."

Ingrid Hoogendijk: "Als je bedenkt dat het jongste kind twee maanden oud was en Heinrich kinderarts was... Dat je dan je hele gezin een spuitje geeft, dat is zeer dramatisch."

Ver weg was de idylle van Schakenhof. Heel ver weg. Ingrid Hoogendijk: "Bezit is maar betrekkelijk, vrede is veel belangrijker. In vrijheid kunnen leven, het belang daarvan leer je door de brieven te lezen."

Het interview met Ingrid Hoogendijk is beluisteren door bovenaan op de blauwe tegel te klikken.

Meer over dit onderwerp:
rijnmondstaatstil
Deel dit artikel: