Politie: 'Hümeyra kreeg niet de bescherming die ze nodig had'

De 16-jarige Hümeyra kreeg niet de bescherming die ze nodig had. Dat zegt politiechef Hans Vissers als reactie op het rapport van dat de Inspectie Justitie en Veiligheid woensdag naar buiten bracht.

De inspectie concludeert dat de politie, het OM en Veilig Thuis ernstig tekort zijn geschoten in de aanpak van de stalking van de scholiere. Op 18 december vorig jaar werd Hümeyra door haar ex-vriend  en stalker doodgeschoten in de fietsenstalling van haar school.

"We zijn tekort geschoten in de aanpak van de stalking van Hümeyra en dat spijt ons zeer", reageert de politiechef. "Hümeyra vroeg veelvuldig om hulp en bescherming, omdat zij bang was dat haar ex-vriend haar iets zou aandoen. Wij hebben haar als politie die bescherming onvoldoende geboden. Haar overlijden heeft ook ons diep geraakt."

Vissers geeft toe dat veel mis is gegaan: "Een versnipperde aanpak, het ontbreken van casusregie en een beperkte informatie-uitwisseling tussen de betrokken organisaties zorgden ervoor dat haar ex-vriend Bekir E. haar stelselmatig kon blijven lastigvallen". 


 

Risico-inschatting

Bij de politie is de risico-inschatting en de verdere opvolging van de stalking niet goed verlopen. Volgens Vissers komt dat doordat het screeningsinstrument SASH op het moment van stalking nog niet goed geïmplementeerd was in Rotterdam. Met SASH wordt het risico van de ernst van stalking ingeschat. "Doordat het SASH-instrument nog niet werd gebruikt, kwam de ernst van Hümeyra's situatie onvoldoende naar boven."

Volgens Vissers heeft de politie het afgelopen jaar veel geïnvesteerd in het invoeren van SASH en is dat proces zo goed als afgerond. "Alles moet in het werk gesteld worden om de veiligheid van het slachtoffer zoveel mogelijk te garanderen. Het is verschrikkelijk dat we daar bij Hümeyra niet in geslaagd zijn."
 

Meer over dit onderwerp:
Nieuws
Deel dit artikel: