nieuws

‘Er is maar één auto in Nieuwe-Tonge aangekomen, de rest is van de dijk gespoeld’

Het huis van de familie Luchtenburg was het hoogst gelegen in Battenoord op Goeree-Overflakkee. Zo kwam het dat er tijdens de watersnoodramp in 1953 op een gegeven moment wel zeventig mensen daar hun toevlucht zochten voor het hoge water. Lia Bruggeman-Luchtenburg (85) weet het nog goed.
Ze was nog net geen achttien jaar toen haar vader aangaf dat het fout ging met de weersomstandigheden en het hoge water. Hij was dijkopzichter en had er dus oog op.
De burgemeester riep mensen uit Nieuwe-Tonge op om mensen uit Battenoord op te komen halen. Maar de evacuatie mislukte. “We hebben de mensen de auto’s in geholpen”, vertelt Lia. “En later hoorde we dat er maar één auto het dorp gehaald had. De rest van de wagens is, toen de dijk doorbrak, weggespoeld.”
Het geluid toen de dijk brak, klonk voor Lia alsof er een bom ontplofte. Haar man Andries verloor hierbij zijn ouders en drie broers, die in een auto zaten. “Hij kwam terug bij het huis en zei: 'we hebben niks meer'. Toen ik de ochtend erop naar buiten mocht, zag ik een meisje drijven. Datzelfde meisje had ik eerder bij haar moeder in de auto gezet.”
Zaterdag legt Lia tijdens de jaarlijkse herdenking van ‘de ramp’ bloemen bij de herdenking in Nieuwe-Tonge. Haar man leeft inmiddels niet meer. Hij heeft het er zijn hele leven moeilijk mee gehad. “Hij kon niet begrijpen waarom de auto was weggespoeld en hij niet, terwijl hij naast de auto stond.”
Er zijn op Goeree-Overflakkee herdenkingen in Oude-Tonge, Nieuwe-Tonge, Stellendam en Den Bommel. Ook in de Hoeksche Waard wordt er stilgestaan bij de Watersnoodramp. Op de eilanden kwamen in totaal meer dan zeshonderd mensen om het leven.