nieuws

Logeerzorg geeft mantelzorgers adempauze: 'Het houdt me op de been'

De Hoeksche Waard is één van de gemeenten in Nederland waar gekeken wordt of mantelzorgers ontlast kunnen worden. Hulpbehoevenden slapen één of meerdere nachtjes bij zorginstelling Alerimus in Oud-Beijerland.
De proef met 'logeerzorg' loopt zo goed dat het logeerbed bijna altijd bezet is. De proefperiode is zelfs al verlengd en er wordt gekeken hoe het ook in andere gemeente kan worden aangeboden.
Zorgen voor een partner, familielid of naaste is mooi, maar ook intensief en zwaar, weet ook mevrouw Snijder uit Oud-Beijerland. Ze zorgt voor haar man Günter, die de ziekte van Parkinson heeft en daardoor in een rolstoel zit en steeds vaker dingen vergeet. "Het wordt steeds erger, dus de zorg wordt ook steeds zwaarder én ik word zelf natuurlijk ook ouder", vertelt de 71-jarige Slava Snijder.
Logeerzorg is bedacht om te voorkomen dat mantelzorgers wegvallen door overbelasting. "Voor de mantelzorgers is het heel belangrijk om even op adem te kunnen komen", zegt Trix van Os, bestuurder bij Alerimus. "Er wordt van mensen verwacht dat ze steeds langer thuis wonen, dus dat brengt ook weer nieuwe problemen met zich mee."
Meestal kloppen de mantelzorgers zelf aan voor hulp. Soms zijn het ook familieleden die zien dat bijvoorbeeld hun moeder tegen een burn-out aan zit door de zorg voor hun vader. "En één van de eerste logés die we hadden wilde zelf graag komen. Hij gunde zijn vrouw die rust."

Wijkpension

Bij logeerzorg wordt de zorg van de mantelzorger tijdelijk helemaal overgenomen. In de pilot wordt er gelogeerd in een appartement in het Wijkpension van Zoomwijck in Oud-Beijerland. Maar als het zo goed blijft gaan wil de gemeente kijken of het zinvol is om ook op andere plekken in de Hoeksche Waard ligplaatsen beschikbaar te stellen.
Mevrouw Snijder wil graag dat het zover komt. "Want er zitten zoveel mensen in hetzelfde schuitje als ik. Als mijn man gaat logeren, dan ga ik bijvoorbeeld naar de kinderen en kleinkinderen. Het houdt me op de been."
Duidelijk is nu al dat de behoefte aan deze vorm van zorg groot is. Vraag is nog wel hoe het gefinancierd moet worden als straks de subsidie die hoort bij de pilot volgend jaar wegvalt.