ARCHIEF RIJNMOND 23 feb 2020 - Icoon

Afgelopen week heb ik het met allerlei mensen over Jules Deelder gehad, en over hoe je een icoon wordt. Jules overleed ruim twee maanden geleden, daarvoor was hij al tientallen jaren zo’n beetje een levende legende, en je mag verwachten dat ie nog wel even een legendarische figuur blijft.

Zo iemand van wie het imago zich heeft losgezongen van de persoon, en op wie iedereen van alles kan projecteren. Iedereen zijn eigen Deelder, zoals zijn weduwe Annemarie al aangaf bij het afscheid.

Al vanaf het overlijden van Jules heb ik geprobeerd om in gesprekken met mensen voor mezelf duidelijk te krijgen hoe hij zo’n grootheid heeft kunnen worden.

Wat zijn de factoren die iemand tot een icoon maken?

Ik heb het er laatst over gehad met dichter en schrijver Rien Vroegindeweij, een generatie- en vakgenoot van Jules, en ook uit Rotterdam. Ik heb mijn vrouw ernaar gevraagd. Mijn vrouw, die de dingen nog weleens scherper ziet dan ik zelf.
En van de week aan tafel bij bevriende muzikanten die Deelder van nabij hebben gekend, ging het er wéér over.

Hoe word je een icoon?

Om te beginnen moet je iets in je mars hebben, je moet iets te bieden hebben, je moet ergens in uitblinken.

Maar dat is niet voldoende.

Jules heeft geweldige gedichten en verhalen geschreven en prachtige aforismen, maar Rien Vroegindeweij net zo.
Toch weet  Rien dat híj in tegenstelling tot Jules nooit een icoon zal worden.

Wat zeker meespeelt is hoe je je manifesteert in de openbare ruimte. Treed je op de voorgrond of niet? En hoe ga je om met een groeiende bekendheid? Je maakt denk ik de meeste kans om uit te groeien tot icoon wanneer je je bekendheid als iets vanzelfsprekends met je mee draagt.
Een beetje zoals Johan Cruijff dat deed

Hoe je eruit ziet lijkt me ook van belang. Dat Deelder altijd in scherpe pakken gekleed ging en er gesoigneerd bij liep, heeft vast bijgedragen aan zijn imago en zijn uiteindelijke status. Deelder viel op. Waar anderen nog weleens moeite doen om zich sociaal aan te passen, gaf hij niet alleen zijn werk maar ook zichzelf vorm.
Net als Pim Fortuyn, om maar iemand te noemen.

Rien Vroegindeweij daarentegen valt niet op in zijn verschijning. Hij kleedt zich ‘gewoon’. Zo zal ikzelf ook alleen al door mijn wat zakkerige uitdossing nooit in aanmerking komen voor het predicaat ‘icoon’. Niet dat dat me wat interesseert, maar toch.

Helpt het verder om nogal op jezelf gericht te zijn?
Ja, dat denk ik wel. De muzikanten met wie ik sprak noemden voorbeelden van Grote Namen met wie ze hebben gewerkt die wel heel erg het middelpunt van hun eigen heelal zijn. Op het onaangename en narcistische af. Ik noem geen namen.

Deelder was dan weer geen narcist. Maar mijn inschatting is dat ie aardig scoorde op de schaal van het Syndroom van Asperger, een cluster van eigenschappen in het autistische spectrum.
In zekere zin was de ander voor hem ‘publiek’.

En misschien wel het belangrijkste van alles, zo waren we het eens aan de muzikantentafel, is een grote innerlijke overtuiging. Om een icoon te worden is het nodig dat je een grote innerlijke overtuiging hebt wat betreft de dingen die je doet. Dat je diep vanbinnen voelt dat dít is wat jíj moet doen. En dat je je daar door niemand vanaf laat brengen. Dat een beetje tegenslag je niet tegenhoudt. Dat je beschikt over een flinke dosis onverstoorbaarheid.

Mijn vrouw wees mij in dit licht op een sleutelscène. Een scène die u misschien ook wel heeft gezien.
Jules Deelder die in 1979 strak in het zwarte pak, zijn haar plat op het hoofd gekamd, voordraagt uit eigen werk in het Rotterdamse punkhol Kaasee, en daar door het aanwezige publiek wordt bekogeld met bier en echt wordt ónder gefluimd. Je ziet steeds meer wittige rochels van zijn haar en pak druipen in het licht van de toneelspot.

Uiteindelijk geeft Deelder het op, maar hij is dan al veel langer doorgegaan dan een ‘normaal mens’ zou hebben gedaan, zo merkte mijn vrouw op. Je ziet daar dat zijn innerlijke overtuiging tegen aanzienlijk meer fluimen bestand is dan de overtuiging van gewone stervelingen.

Dus wat konden weleens de ingrediënten zijn om een icoon te worden?

Talent, presentatie en een zelfzuchtige volharding.
Bijeengehouden door klodders spuug.


SPEELLIJST

DE TUNE
1. Ik mis je – John Verkroost

2. De dood – Jules Deelder &
    It shouldn’t have happened – Ocobar

OCOBAR
Gesprek met de mannen van het Rotterdamse trio Ocobar – Bart Wijtman, Rob Wijtman en Cok van Vuuren – over hun programma Holland-Amerika Lijn, over het leven van de muziek en over Hästens bedden.
Omlijst door:
3. How do you do – Ocobar
4. The Hague - Mat Mathews
5. On the road again – Ocobar
6. Ocobar – Ocobar
7. Fête de la Belle – Ocobar
8. Holland Sport – Ocobar
9. De Beste Vrienden Quiz – Ocobar
10. Little man – Ocobar
11. Parlez-vous Français? – Ocobar
12. Muziek Idiots & Angels - Ocobar
                       
AANKONDIGINGEN
13. Americanas – Metropole Orchestra Big Band

14. Rotterdam Bijvoorbeeld – Noodweer
 

Meer over dit onderwerp:
archiefrijnmond
Deel dit artikel: