Advocaat: Publicatie foto’s van overtreders in het OV is niet in overeenstemming met de AVG

Buitengewone opsporingsambtenaren (boa’s) maken het openbaar vervoer veiliger, blijkt uit cijfers van de vervoersbedrijven. Steeds vaker maken zij tijdens hun werk ook foto’s van hun activiteiten. Geregeld worden daar ook mensen die overtredingen maken op de plaat gezet. Kan dat, vroeg RTV Rijnmond aan de Rotterdamse advocaat Frank van Ardenne. Hierbij zijn uitleg.

Bij overtredingen in het Openbaar Vervoer (RET) is het de laatste tijd het geval dat foto’s van de overtreder online (op sociale media) worden gepubliceerd. Hierbij wordt het gezicht van de persoon in kwestie gecensureerd. Andere kenmerken van het lijf worden evenwel getoond. De vraag is of de publicatie van deze foto’s in overeenstemming is met de Algemene verordening persoonsgegevens (AVG). Deze bespreking ziet specifiek ook toe op de in de bijlage opgenomen foto.

Wettelijk kader AVG 

De AVG is van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens. Op grond van art. 5 lid 1 onder b AVG geldt als uitgangspunt dat persoonsgegevens slechts worden verwerkt voor welbepaalde, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigde doelen. 

Voorts moeten persoonsgegevens op grond van art. 5 lid 1 sub a AVG worden verwerkt op een wijze die ten aanzien van de betrokkene rechtmatig, behoorlijk en transparant is. Naast het doel van de verwerking moet de verwerking zelf dus ook rechtmatig zijn. Aan de eis van rechtmatigheid is slechts voldaan indien er wordt voldaan aan een van de zes voorwaarden gesteld in art. 6 lid 1 AVG: 

1. de betrokkene heeft toestemming gegeven voor de verwerking van zijn persoonsgegevens voor een of meer specifieke doeleinden;
2. de verwerking is noodzakelijk voor de uitvoering van een overeenkomst waarbij de betrokkene partij is, of om op verzoek van de betrokkene vóór de sluiting van een overeenkomst maatregelen te nemen;
3. de verwerking is noodzakelijk om te voldoen aan een wettelijke verplichting die op de verwerkingsverantwoordelijke rust;
4. de verwerking is noodzakelijk om de vitale belangen van de betrokkene of van een andere natuurlijke persoon te beschermen;
5. de verwerking is noodzakelijk voor de vervulling van een taak van algemeen belang of van een taak in het kader van de uitoefening van het openbaar gezag dat aan de verwerkingsverantwoordelijke is opgedragen;
6. de verwerking is noodzakelijk voor de behartiging van de gerechtvaardigde belangen van de verwerkingsverantwoordelijke of van een derde, behalve wanneer de belangen of de grondrechten en de fundamentele vrijheden van de betrokkene die tot bescherming van persoonsgegevens nopen, zwaarder wegen dan die belangen, met name wanneer de betrokkene een kind is.

Binnen dit kader is het derhalve ten eerste de vraag of er in casu sprake is van verwerking van persoonsgegevens. Zo ja, dan is de tweede vraag of er een welbepaald, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigd doel wordt gediend met de verwerking van die persoonsgegevens. Ten slotte moet die verwerking ook rechtmatig zijn.

Publicatie foto’s 

Persoonsgegevens betreffen alle informatie over een identificeerbare natuurlijke persoon. Hieronder vallen onder andere een of meer elementen die kenmerkend zijn voor de fysieke, fysiologische, genetische, psychische, economische, culturele of sociale identiteit van die natuurlijke persoon. De verwerking daarvan houdt onder andere in het verstrekken door middel van doorzending, verspreiden of op andere wijze ter beschikking stellen.

Volgens de Handleiding Algemene verordening gegevensbescherming is een persoon identificeerbaar indien zijn identiteit nog niet is vastgesteld, maar dit redelijkerwijs, zonder onevenredige inspanning, wel kan gebeuren. Dit kan op de volgende wijze plaatsvinden: 1) gegevens worden gekoppeld aan direct identificerende gegevens; of 2) gegevens zijn door hun onderlinge combinatie dusdanig uniek dat ze maar op één persoon betrekking kunnen hebben. 

Wat dus vaststaat is dat de publicatie van deze foto’s in het kader van de AVG de verwerking van persoonsgegevens betreft op het moment dat bepaalde kenmerkende elementen van de overtreder in beeld worden gebracht en verspreid worden op het internet. Dit is een ruim criterium. Als je het alleen al hebt over de fysieke kenmerkende elementen van een persoon spreken we over bijvoorbeeld de lengte van de ledematen, omvang van de romp, huidskleur, etc.  

In het kader van de publicatie van een foto waarop een tattoo van de overtreder in beeld wordt gebracht is er derhalve klaarblijkelijk sprake van een kenmerkend fysiek element van de persoon in kwestie. Dit nog afgezien van het feit dat er op basis van de gecensureerde foto in kwestie tevens de huidskleur, haarkleur, kledij en lengte kan worden bepaald. Door hun onderlinge samenhang dan wel door koppeling aan andere gegevens zou de foto in kwestie kunnen leiden tot identificatie.

Voor de verwerking van deze persoonsgegevens moet er zoals gezegd een welbepaald, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigd doel worden gediend. In het kader van de publicatie van foto’s van overtreders is dit niet het geval. Het is evenwel interessant om ervan uit te gaan dat dit wel het geval is. Zoals gezegd moet er dan namelijk tevens sprake zijn van rechtmatigheid bij de verwerking van de persoonsgegevens.

Punt 5 van de onder art. 6 lid 1 AVG opgesomde grondslagen voor de rechtmatigheid is de enige grondslag die zich enigszins leent voor de onderhavige situatie. Er kan echter moeilijk worden gesteld dat de verwerking noodzakelijk is voor de vervulling van een taak van algemeen belang of van een taak in het kader van de uitoefening van het openbaar gezag dat aan de verwerkingsverantwoordelijke is opgedragen. Aan de eis van rechtmatigheid is derhalve niet voldaan.
De publicatie van de foto’s (en specifiek de foto in kwestie) is in de huidige vorm derhalve niet in overeenstemming met de AVG. 

Conclusie

Het begrip persoonsgegevens heeft betrekking op kenmerkende elementen van een identificeerbare natuurlijke persoon. Dit is een ruim criterium. Ten aanzien van de publicatie van foto’s van overtreders staat vast dat er ondanks het censureren van het gezicht van de overtreder klaarblijkelijk kenmerkende fysieke elementen worden verstrekt.

Bij de foto in kwestie kan in ieder geval de huidskleur, haarkleur, kledij en lengte van de persoon worden bepaald. Bovendien wordt een gedeelte van een tatoeage getoond. Voor de verwerking van deze persoonsgegevens is er een welbepaald, uitdrukkelijk omschreven en gerechtvaardigd doel vereist. Dat is in casu niet het geval. Indien men ervan uitgaat dat dit wél het geval is wordt er vervolgens niet voldaan aan de eis van rechtmatigheid op basis van art. 6 lid 1 AVG. Als zodanig is de publicatie van de foto’s (en specifiek de foto in kwestie) in ieder geval in de huidige vorm niet in overeenstemming met de AVG.

Meer over dit onderwerp:
Nieuws justitie Politie
Deel dit artikel: