De teen van Geels houdt Feyenoord in Europa Cup

Een halve eeuw geleden leidden negen wedstrijden Feyenoord naar de historische winst in de Europa Cup voor landskampioenen, een volksfeest en eeuwige roem. Rijnmond gaat dit seizoen terug in de tijd en brengt alle wedstrijden van toen 50 jaar later tot leven. Vandaag: Feyenoord - Vorwärts (2-0) op 18 maart 1970.

In een sfeer van crisis leefde Feyenoord in maart 1970 toe naar de return tegen het stugge Vorwärts Berlin. Zo euforisch als de stemming was na de onttakeling van Milan, zo bedrukt was de sfeer een kleine vier maanden later. En met reden, want Ernst Happel zag zich opnieuw voor een paar aanzienlijke problemen geplaatst.

Legioen

Het grootste vormden de prestaties van de laatste weken en het gebrek aan scorend vermogen. Feyenoord had tegen Vorwärts (0-1), weer GVAV (0-1 voor de beker) en ADO (0-0) het net niet meer gevonden. . “Doelpuntenmachine defect”, oordeelde een krant. En dat gegeven ondermijnde het zelfvertrouwen van de ploeg. Temeer ook, omdat bij de laatste twee thuiswedstrijden het verwende Legioen diverse keren “Feyenoord, hahaha” had gezongen.

In het trainingskamp te Zeist nam Happel drie spelers met het grootste vormverlies apart: Wery, Van Duivenbode en Kindvall. Vooral de Zweedse topschutter Kindvall was een zorgenkind. Vroeg in het seizoen vaak scorend, inmiddels behoorlijk onzeker, waardoor hij zich tegen Happels zin in het veld te vaak terug liet zakken en de spitspositie onbemand liet.

Muzikanten

Ook de achterhoede kostte Happel hoofdbrekens. Door zijn domme optreden in Berlijn was Piet Romeijn drie duels geschorst. De trainer overwoog eerst een van de oude rotten Haak of Veldhoen in te zetten, maar verraste door spits Ruud Geels in het B-team een snelcursus rechtsachter te laten volgen. Happel had een aanvallende verdediger nodig om de in Oost-Berlijn opgelopen achterstand goed te maken.

En zo verscheen Geels op 18 maart om vijf voor half negen met zijn ploeggenoten op het gras van de Kuip, waar je de spanning kon opsnuiven. Was er in Oost-Berlijn nog een Europees voetbal onwaardig decor, in Rotterdam hadden de muzikanten van de korpsen Ahoy, Euroband en Jubal de stemming erin gebracht met klassiekers als Hand in Hand en When the Saints. Vuurpijlen vlogen over het stadion.

Zulkowski

Even leek Vorwärts in regen en hagel geïntimideerd door het gebrul van 67.000 vijandige supporters. Maar de kampioen van de DDR bleek taai. Dezelfde kracht en inzet als twee weken eerder brachten de Oostduitse legerofficieren in stelling op het spekgladde veld. De gestaalde kaders verdedigden compact, hanteerden vaak succesvol de buitenspelval, loerden op een counter en hadden in doelman Zulkowski hun veruit beste man.

Feyenoord trachtte vanuit een gesloten defensie de druk vanaf minuut één geleidelijk op te voeren. Maar hoewel Laseroms voor gevaar zorgde en Kindvall kansen had, ontbrak ondanks een overwicht toch de overtuiging. Inzet was er genoeg, maar vertrouwen… Niet onlogisch, vond Moulijn later. “Er lag angst over het elftal. Dat gebrek aan doelpunten bleef knagen.”

Na ruim een half uur begon het veeleisende publiek zich weer te roeren. Met hoge ballen probeerde de thuisploeg de eigen fans het zwijgen op te leggen, maar ook dat werkte niet. Toen Kindvall in de slotfase van het eerste deel ook nog twee kansen verprutste, zakte de stemming verder. Terug in de kleedkamer geloofden vooral de jonge spelers steeds minder in een succesvolle afloop. Happel drukte het team op het hart aan de eigen speelwijze vast te houden, zoals altijd overtuigd als hij was dat de opponent eens zou buigen.

Wanhoop

Toen wanhoop op de tribunes de overhand dreigde te krijgen, nam publiekslieveling Moulijn de ploeg bij de hand. Hij begon zijn bewaker Frässdorf (“Je denkt dat je Moulijn hebt en dan gaat hij er toch vandoor”) langzaam dol te draaien. Twee minuten na rust gaf de uitblinker de tobbende Kindvall een niet te missen kans. Dat doelpunt werkte bevrijdend. Toen Wery met een magnifieke kogel (“ogen dicht en de zegen mee”) de stand op 2-0 had gebracht, was de Kuip in jubelstemming.

Die vreugde nam toe, toen de ontketende Moulijn werd gevloerd en Kindvall vanaf elf meter mocht aanleggen. Na een paar gemiste kansen was het de uitgelezen mogelijkheid om aan al zijn twijfel een einde te maken. Maar de Zweed miste en daarmee verzuimde hij om Vorwärts definitief k.o. te slaan voorbij. Het was een misser met bijna fatale gevolgen, want de angst keerde terug en de Oostduitsers brachten Feyenoord een paar centimeter van uitschakeling. En juist op dat moment bewees Geels, stiknerveus begonnen maar met hulp van Jansen in de wedstrijd gegroeid, zijn waarde. Op de doellijn maakte hij met zijn teen een inzet van Begerad via de paal onschadelijk. Anders was het over en uit geweest. Tegen zijn gewoonte in stond Happel in die laatste minuten te gillen langs de zijlijn.

Kindvall

Kindvall realiseerde zich na de taaie tweestrijd als geen ander dat hij medeverantwoordelijk was voor de angstige ogenblikken. Opgekropte angst en zenuwen waren hem fataal geworden. Zelfs zijn doelpunt gaf hem geen voldoening. “Toen Begerad die kans kreeg, bedacht ik me “Ove, het is afgelopen met je”. Mijn missers zijn Feyenoord bijna fataal geworden. Ik heb dagen nodig om dat te verwerken. Dat we het toch redden, daarvoor bedank ik de anderen.”

Die namen op hun beurt de Zweedse topscorer in bescherming. “We vangen alles voor elkaar op, nu hebben we dat voor Ove gedaan”, zo gaf Geels blijk van de juiste teamspirit. Happel, dolblij met de getoonde inzet, keek wel wat zorgelijk naar de toekomst. “Sommige spelers waren zo stiknerveus dat ze hun opdrachten niet altijd uitvoerden. Ze waren niet zichzelf. We speelden ongeorganiseerd en gehaast. Het is een psychologische kwestie. Dat baart me zorgen voor de halve finales.”

Maar uiteindelijk was die plaats bij de laatste vier toch maar bereikt. Voor de tweede keer in de historie van Feyenoord. “Verdorie”, schreef uitblinker Moulijn in zijn column. “We mogen best positief zijn, Onze inzet was geweldig goed. En het is een prestatie dat we vanavond toch ons angstcomplex hebben overwonnen.”

Dit artikel is een samenvatting van verhalen uit het in mei te verschijnen boek 'Voor Altijd De Eerste' van de Rotterdamse journalisten Ellen Mannens en Robert van Brandwijk. Zij reconstrueren daarin het historische Europa Cup-seizoen van Feyenoord.

Meer over dit onderwerp:
Sport Feyenoord Sport
Deel dit artikel:

Reageren