Wie zijn de twee dodelijke slachtoffers van SS'ers tijdens het bevrijdingsfeest in Kralingen?

Wie zijn de twee meisjes die op 4 mei 1945 in Rotterdam-Kralingen werden doodgeschoten door SS'ers? Het zijn twee van de ruim 220 dodelijke slachtoffers die in de dagen rond de bevrijding in Nederland vielen.

Marjolein Bax deed vier jaar onderzoek naar de doden die vielen in de chaotische dagen na de Duitse capitulatie. Ze schreef er het boek 'Een wrang feest, hoe velen de bevrijding niet overleefden' over. 

Van alle Nederlandse slachtoffers vond Bax de namen. Behalve van de twee meisjes uit Kralingen. Ze werden gedood op de avond van 4 mei 1945 nadat de mensen de straat op waren gegaan omdat ze van de Duitse capitulatie hadden gehoord. 

"Daar is een auto met SS'ers op de feestende massa ingereden en rond gaan schieten", vertelt Bax. "Ik las dat daar twee meisjes bij zijn omgekomen." Maar veel meer dan dat is er niet over bekend: "Ik heb contact gehad met verschillende onderzoekers over de wie die twee meisjes waren, wat waren hun namen en waar kwamen ze vandaan? Maar ik kan helemaal niks vinden."

Geen nummers

Het blijft Marjolein Bax bezig houden: "De namen van de slachtoffers moeten worden genoemd, ze moeten geen nummers blijven, het moeten mensen worden. Dus ik zou heel graag weten wie het waren." Mensen zijn die meer weten over deze gebeurtenis op 4 mei 1945 in Kralingen, kunnen zich bij Rijnmond melden via nieuws@rijnmond.nl 

De dodelijke schietpartij in Kralingen stond niet op zichzelf. Op veel plaatsen in het net bevrijdde westen van Nederland ontstond een chaotische situatie. De Duitse capitulatie was getekend op de avond van 4 mei. De bevolking hoorde via de radio over de aanstaande bevrijding. De wapenstilstand zou op 5 mei om 08.00 uur ingaan.

Marjolein Bax: "Wat ze niet altijd hoorden is dat er werd gezegd 'blijf nog binnen, wees voorzichtig, de spertijd geldt nog'. Dus mensen gingen de straat op om het nieuws te delen en iedereen was blij."

Machtsvacuüm

Er waren nog 120.000 Duitse soldaten in West-Nederland die niet van het één op het andere moment vertrokken waren. Daarnaast hadden de Binnenlandse Strijdkrachten (BS) wapens en ook zij gingen de straat op. De geallieerden arriveerden pas op 7 en 8 mei in veel steden en dorpen. 

"Er was eigenlijk een machtsvacuüm, het was niet duidelijk wie de baas was en wat er wel en niet mocht", vertelt Bax. "Daardoor ging het op een aantal plaatsen goed mis."

Deel dit artikel: