ARCHIEF RIJNMOND 28 juni 2020 – Toneelstuk

Afgelopen week heb ik in een toneelstuk gespeeld. Een toneelstuk getiteld: In het ziekenhuis.

Al meer dan een maand had ik vrij opdringerige hartkloppingen, gepaard gaand met duizeligheid. De cardioloog die ik bezocht wilde me meteen houden. Ik heb zes dagen in het ziekenhuis gelegen.

De uitzending van vorige week was noodgedwongen een herhaling.

Allerlei onderzoeken later ben ik met medicijnen naar huis gegaan. Of die afdoende zijn, moet nog blijken.

Maar ik ben in elk geval weer even uit het toneelstuk geschreven.

Want zo heb ik het ervaren, dat ziekenhuisverblijf.
Als een soort toneelstuk. Als een onwezenlijk toneelstuk.
Ik ben natuurlijk dankbaar voor de gezondheidszorg in Nederland, maar ik kon maar moeilijk loskomen van het gevoel dat ik door een misverstand in dat ziekenhuis was verzeild geraakt.

Van het spreekuur van de cardioloog was ik zo per rolstoel een andere wereld in gereden. Zo naar de achtste verdieping, naar een kamer voor vier waarin alleen het bed tegenover mij er bewoond uitzag.

Na een tijdje meldde zich voor dat bed een man die zich voorstelde als Prins Bernhard. Toen hij ging liggen zag ik dat zijn benen nogal gebutst waren en zijn voeten zo rood dat het leek of ie bezig was om van onderaf te veranderen in een Indiaan.

Nadat me duidelijk was geworden dat ie wel van een grapje hield zei ik glimlachend dat ie bij een schoonheidswedstrijd niet ver zou komen.

Prins Bernhard vertrok, en op zijn plek kwam een jongen met Mediterrane trekken. Nadat we een tijdje hadden liggen keuvelen vroeg ik zijn naam. ‘Mohammed,’ zei hij. ‘Zeg maar: Mo.’
‘Ik heet Roland,’ kaatste ik terug. ‘Zeg maar Ro.’

We bleken het enorm goed met elkaar te kunnen vinden.

Daarna kwam Wim ons gezelschap houden. Een wat oudere man die wachtte op een openhart-operatie elders in het land. Het laatste bed werd bezet door een wat jongere Surinaamse vrouw die graag op zichzelf leek te zijn. En vandaar zag ik de carrousel in de loop van de dagen verder draaien, tot Piet tegenover me lag, een oud-marinier van 145 kilo.
Allemaal mensen die, net als ik, iets aan hun hart hadden.

Of zij zich makkelijk schikten in hun rol van patiënt weet ik niet zo goed. De recidivisten vermoedelijk wel. Zelf werd ik dagen lang bezocht door een gevoel van ‘wat doe ik hier?’.

Ik mankeerde wel wat, maar ik wou helemaal geen ‘patiënt’ zijn. Houd op.
Iets in mij vond het allemaal overdreven.
Een tikkie grotesk, potsierlijk.

Maar ja, dat verzet zinloos was snapte ik ook wel.
Dit was geen situatie om eigenwijs in te gaan doen.
Er zat niks anders op dan me neer te leggen bij de rolverdeling.

Braaf noemde ik tientallen keren desgevraagd mijn naam en geboortedatum, ik liet me prikken tot ik een vergiet was, en als ik iemand zag binnenkomen met een bloeddrukmeter ging ik er netjes voor recht liggen.

Het was een oefening in lijdzaamheid.
Een oefening die ik nog een beetje reliëf gaf door boekies te lezen en cd’tjes te luisteren.

Pas bij een fietstest kon ik weer proeven aan een wezenlijk andere rol. Ik ben niet bijster competitief ingesteld, maar ik had heel erg zin om me op de hometrainer van de hartbewaking drie slagen in de rondte te trappen en zo te bewijzen dat ik tot meer in staat ben dan duf in bed liggen.

Vermoedelijk mede dankzij de beta-blokkers die ik toen al had gekregen viel ik ook bij de hoogste snelheid niet met toestel en al om.

Bij het uitfietsen, uithijgen en uitzweten voelde ik een vrij grote tevredenheid over me komen. Ik voelde me even geen ‘patiënt’ meer. En ik dacht: ‘De kunst van ouder worden, is dat je altijd meer blijft dan de som van je kwalen.’

Een gedachte voor op een tegeltje.
‘De kunst van ouder worden, is dat je altijd meer blijft dan de som van je kwalen.’

Pas als dat niet meer lukt, heb je echt een probleem.
Dan kon je weleens bezig zijn aan de laatste acte van het toneelstuk.


SPEELLIJST

DE TUNE
1. Ik mis je – John Verkroost

HART & MOTOR
2. Wat is dat nou ... monteur – Cocktail Trio           
3. Mijn hart blijft dromen – Marijke Hofland          
4. Ons hart wijst ons elke keer de weg – Mike Boddé

KRALINGEN1970
5. Ik was op Kralingen - Wim Kerkhof over Kralingen
6. The Festival (was on) - Robert-Jan Stips
7. Popfestival – Dorus          

ROTTERDAM POP
8. I can’t let Maggie go – The Starliners
9. Down down – The Groovy Gents
10. Wicked world – Laura Jansen
11. Love, space & time – Certain Animals
 

Meer over dit onderwerp:
archiefrijnmond
Deel dit artikel: