Kledingexpert: Rotterdam moet inzetten op chemische recycling van polyester

Oud textiel inzamelen gaat al heel goed in Rotterdam. Toch kan nog lang niet alles dat wordt ingezameld worden hergebruikt. Rijnmond-kledingexpert Hilde van Duijn ziet daarom graag dat er in Rotterdam als eerste stad de mogelijkheid komt om polyester chemisch te recyclen.

De helft van de kleding die we in kledingcontainers stoppen, blijft over, legt Van Duijn uit. Dat kan niet meer worden gedragen omdat het vies, kapot of niet meer in de mode is. Een klein deel kan worden gerecycled met bestaande technologie. Kleding van bijvoorbeeld katoen wordt in hele kleine stukjes gehakt en van de vezels kan weer nieuwe kleding worden gemaakt.

Dat werkt anders bij synthetisch materiaal, terwijl zestig procent van de wereldwijde vezelproductie polyester is. Op zich niet erg, zegt Van Duijn, want polyester is veel robuuster dan katoen. Maar het recyclen daarvan staat nog maar in de kinderschoenen. Veel oud polyester wordt nu via de Rotterdamse haven naar het buitenland verscheept. "Met synthetisch materiaal kunnen we op dit moment niet zo heel veel. Dat wordt alsnog verbrand."

Rotterdam als voorloper

Daarom wil Van Duijn, die twee jaar geleden de sociale onderneming EigenDraads startte, dat er meer wordt ingezet op chemische recycling, liefst in Rotterdam. Daarbij wordt polyester opgelost, zodat je de grondstof weer hebt. Met subsidie van de gemeente Rotterdam zijn achtergebleven shirts van de marathon van vorig jaar chemisch gerecycled. De eerste pilot ter wereld is in Rotterdam, zegt Van Duijn trots.

Ook al wordt lang niet alle kleding uit de kledingbakken weer gedragen of gerecycled, het blijft zinvol om oude kleding daarin te stoppen als doorverkopen niet lukt. De beste oplossing tegen de ophopende berg oud textiel blijft hetzelfde: kleding langer dragen, er voorzichtiger mee omgaan, minder vaak wassen en minder nieuwe kleding kopen.

Meer over dit onderwerp:
Nieuws Rotterdam duurzaamheid Kledingbank
Deel dit artikel: