Deze ex-gebruiker strijdt tegen de hardnekkige drugscultuur op Flakkee: 'Het wordt hier met de paplepel ingegoten'

Het Witte Eiland. Die bijnaam voor Goeree-Overflakkee kreeg vorige week een nieuwe bevestiging. Rioolwateronderzoek toonde aan dat op het eiland - in verhouding naar het aantal inwoners - vier keer meer speed wordt gesnoven dan in Amsterdam. Eilandbewoner Ronald de Bonte weet als geen ander hoe dat komt. Hij gebruikte vanaf zijn dertiende. Nu is hij clean en wil hij anderen helpen. "Ik heb zoveel genomen in mijn leven. Nu probeer ik dat terug te geven."

Goeree-Overflakkee op een druilerige zomerdag. In de buurt van de haven van Stellendam loopt Ronald de Bonte (46) uit Nieuwe-Tonge. Dit is een plek waar hij vroeger vaak naartoe ging om te gebruiken. Een Volkswagen Golf met daarin een groepje jongens komt aanrijden. Als ze de camera zien, rijden ze snel weg. "Dat zegt mij genoeg", lacht Ronald.

Verhaal gaat verder onder de video

Drugsgebruik kent voor hem weinig geheimen. Hij gebruikte vanaf zijn dertiende. Drie, vier keer per week ging hij op de fiets vanuit Middelharnis over de dam naar Stellendam om uiteindelijk in Hellevoetsluis drugs te halen. Slapeloze nachten en een ritme waarin coke, speed en wiet elkaar afwisselden, hadden eigenlijk maar één doel: "alles dempen, en dan vooral dat gevoel dat het leven kut was."

Een kind als omslag

Vijf jaar geleden was hij er klaar mee. Hij kreeg een kind. "Ik wilde een betere vader zijn dan mijn vader voor mij was. Ik besefte dat ik niet zo’n goed voorbeeld was. Dat was voor mij de ommekeer. Ik had veertig jaar gefeestbeest en alles gedaan wat ik zelf belangrijk vond. Maar nu draaide het niet meer alleen om mij."

Verhaal gaat verder onder de foto

Afbeelding


Ronald is lang niet de enige op het eiland die worstelt met drugsgebruik. De cijfers liegen niet. En de redenen zijn ook al generaties lang hetzelfde. "Verveling, weinig te doen, weinig alternatieven", somt Ronald op. "Het is een cultuur, een gewoonte geworden. Het wordt met de paplepel ingegoten."

Hoe letterlijk dat soms is, heeft Ronald zelf gezien: "Ik ken ouders die liever hun eigen kind drugs geven, zodat ze weten wat ze krijgen. Om op die manier de situatie te controleren die eigenlijk niet te controleren valt."

Speed op tafel, kinderen in de hoek

Deze drugscultuur zit volgens Ronald diepgeworteld. Het zijn echt niet alleen jongeren in Golfjes die op afgelegen plekken gebruiken. Het gebeurt ook in huiskamers, met kinderen.

"Bijvoorbeeld op een verjaardag, dat ouders naast alcohol ook de drugs tevoorschijn halen. Dat kinderen in een hoekje van de kamer hun dingetje doen. Maar mijn ervaring is dat kinderen echt niet zo dom zijn en echt wel heel snel doorhebben dat iets niet in de haak is. Of onbewust iets meekrijgen", zegt Ronald. "Kun je dat veranderen? Dat weet ik niet. Maar het is niet oké, dat weet ik wel."

Naast de verveling speelt volgens Ronald ook een ander hardnekkig probleem drugsgebruik in de hand: de gesloten cultuur van een eiland waarin problemen niet worden besproken. "Er niet over praten, er niks aan doen. Zo wordt het probleem in stand gehouden." Zelf was hij ook lang een typisch product van deze cultuur. "Ik heb niet meegekregen om over emoties te praten. Het was altijd: slikken en doorgaan. Het valt wel mee. Stel je niet aan. Doorgaan. Dus ging ik door. Maar uiteindelijk kreeg ik van dat wegkijken wel de rekening."

In de afkickkliniek die hij bezocht, leerde hij wel zijn emoties te uiten. "Ik leerde daar voor het eerst echt te huilen.”

Na de afkickkliniek wist hij dat hij het nodige had goed te maken. "Ik had aardig wat glazen ingegooid. Ik dacht altijd dat ik best een sociaal ventje was, maar ik was best een asociaal ventje. Het goedmaken met de mensen die ik schade had aangedaan, was lastig. Met de een kon het goed worden gemaakt, met de ander niet. Maar daarna kwam het moment dat ik wat wilde teruggeven. Ik heb zoveel genomen, dat ik nu probeer wat terug te geven. Ik hoef nu niet meer alles te dempen, en dat maakt het leven mooier. Ik leef nu voor vandaag. Morgen is morgen, gisteren is geweest. Het klinkt cliché, maar het werkt wel”, lacht Ronald.

Verhaal gaat verder onder de video

Van verslaafden, voor verslaafden

Na terugkomst uit de kliniek merkte Ronald dat het lastig was zijn nieuwe leven op te pakken. “Er was hier niks, ik viel in een zwart gat. Als ex-verslaafde is het ontzettend belangrijk om een netwerk op te bouwen van mensen die ook verslaafd zijn geweest, die weten hoe het is om clean te zijn en waar je op kunt terugvallen. Maar die mensen waren hier niet. Ik ben daarom anderhalf jaar naar Rotterdam en Den Haag gegaan. Voorheen ging ik daarnaartoe om drugs te halen, nu om clean te blijven.”

“Toen zei iemand eens: waarom begin je niet zelf een hulpgroep?” En zo kon Ronald eindelijk teruggeven. Elke week komt zijn groep samen in het JAC, het jongerencentrum van Middelharnis, met zijn zelfhulpgroep ‘van verslaafden, voor verslaafden.’ “Je ziet mensen hier groeien. Als ze binnenkomen, lijkt het misschien een rare groep met allemaal mafkezen, maar na verloop van tijd is het gewoon oké.”

De zelfhulpgroep ‘van verslaafden, voor verslaafden’ doorbreekt de hardnekkige zwijgcultuur die zo typerend is voor Goeree-Overflakkee.

Verhaal gaat verder onder de foto

Afbeelding

Gesprekken op leven en dood

Het is moeilijk om over kwetsbaarheden te praten, maar het is van levensbelang dat wel te doen. “De bijeenkomsten zijn geen theekransjes. “We hebben het niet over koetjes en kalfjes. Het klinkt zwaar, maar het gaat over leven en dood. Verslaving is een progressieve ziekte. Het wordt, als je niet ingrijpt, alleen maar erger.” Daarom is het essentieel dat de groep veilig is, en dat alles gezegd kan worden. Juist omdat dat de belangrijkste stap is naar verbetering. “Het is onze bedoeling dat het normaal is om over verslaving te praten. Het is oké dat je partner het heeft, dat je kind het heeft, of je vader, of je moeder."

Het delen van ervaringen blijkt te werken. Voor Ronald zelfs beter dan bij een instelling. “Anderen die mij vertellen wat ik moet doen, dat werkt niet voor mij. Het enige wat ik in onze zelfhulpgroep doe, is ervaringen delen. Wat de verslaving met mij deed. Wat mijn dieptepunt was. Hoe het nu is. Daarmee hoop ik bewustwording te creëren, een zaadje te planten. Meer kan ik ook niet doen.”

Naast het delen van ervaringen is het vieren van mijlpalen een ander belangrijk middel om mensen te helpen.

“We geven muntjes uit voor een periode dat iemand clean is. Dat was voor mij in het begin echt belangrijk. Vier dagen nuchter blijven lukte mij niet. Maar met de mensen in de groep ging het makkelijker. Ik kon mensen bellen als het slecht ging. Ik kwam hier wekelijks naartoe. En die muntjes voor een week of een maand zijn toch mijlpalen. Veel nieuwe mensen die een muntje halen, worden daar helemaal enthousiast van. Je ziet mensen groeien, van de goot naar een stabiel leven. Als ik daar een steentje aan kan bijdragen, helpt mij dat ook. Daar groei ik van, daardoor focus ik minder op mezelf.”

Verhaal gaat verder onder de video

Verslaving loert op een kans 

Verslaving is een ziekte. Hardnekkig, terugval hoort erbij. “Dat is het leven, het is niet allemaal rozengeur en maneschijn”, vertelt Ronald. “Maar het erkennen dat je het niet kon volhouden, is al een grote stap die hoort bij het proces. Dat delen met mensen die dat ook kennen, die weten hoe dat voelt, is belangrijk. Onze zelfhulpgroep is een soort zandbak: hier mag je oefenen.”

Aan de muur hangen portretten van muzikanten. Ronald ziet ze als inspiratie. Muzikanten moeten ook oefenen om goed te blijven. “Ik moet ook blijven trainen om de boodschap die ik heb door te geven. Om spiritueel te zijn, en sociaal fit. Verslaving is een altijd aanwezige ziekte. Hij zit altijd in een hoekje te wachten op een kans. Als ik niet oplet, kom ik bij het moment dat ik denk: ach het is al zo lang geleden dat ik gebruikte, ik heb al zoveel geleerd. En dan treedt het domino-effect in en voor ik het weet zit ik weer op het oude niveau.”

De training die het vergt om die verslaving tegen te gaan, kost energie. Maar Ronald kan en wil niet anders. “Soms is het saai, maar ik wil niet meer terug naar vroeger. Ik ben blij met hoe mijn leven nu is. Mijn zelfbeeld is nu anders. Ik ben niet mijn verslaving. Als ik nu in de spiegel kijk, kan ik glimlachen. Ik hoef me niet te schamen. En dat gun ik een ander ook. Het is te doen."

Bekijk hier onze hele reportage over Ronald de Bonte


Wil jij je verhaal delen over drugsgebruik op Goeree-Overflakkee? Mail dan naar sanne.waldekker@rijnmond.nl

Meer over dit onderwerp:
Nieuws
Deel dit artikel: