Rotterdam zag afhaken provincie bij Warmtebedrijf niet aankomen

Bij het stadsbestuur van Rotterdam was grote verbazing dat de provincie Zuid-Holland uiteindelijk niet met geld over de brug kwam toen het Warmtebedrijf een leiding voor restwarmte naar Leiden wilde aanleggen. Dat zei oud-wethouder Adriaan Visser vrijdag.

Hij werd gehoord door een enquêtecommissie die onderzoek doet naar de gang van zaken rondom het Warmtebedrijf Rotterdam. Volgens Visser had de provincie zich wel gebonden aan het project en leek het erop dat het geld er zou komen. 

Hoe zat het ook alweer?

Vanaf de oprichting van het Warmtebedrijf in 2006 zijn er direct problemen. Ondanks de vele miljoenen die erin zijn gepompt, lukt het nog altijd niet om restwarmte uit de Rotterdamse haven te gebruiken om huizen en bedrijven in de omgeving te verwarmen. 

De eerste afspraken met Shell over het leveren van restwarmte bleken niet voldoende hard. Het wordt voor het Warmtebedrijf allemaal veel duurder om een installatie te bouwen die de restwarmte kan afvangen. 

Nadat de samenwerking met Shell stopt, worden afspraken gemaakt met de AVR, maar ook daarna wordt het bedrijf niet winstgevend. Er wordt teveel warmte te duur ingekocht en  er zijn te weinig aansluitingen.

In een ultieme poging om het bedrijf toch succesvol te maken, wordt met de provincie Zuid-Holland het plan gesmeed om restwarmte niet in Rotterdam te houden, maar naar Leiden te brengen. 

Er worden intentie-afspraken gemaakt, er wordt een bedrijf opgericht en een contract met Nuon voor warmtelevering gesloten. Kat in 't bakkie, zou je zeggen, maar de leiding komt er maar niet. Eén van de redenen is dat de provincie niet meebetaalt.

Tekst gaat door onder de video

Adriaan Visser vrijdag: "Wij gingen er echt van uit dat de provincie zou financieren. De provincie was vanaf de start leidend. Ze voerden gesprekken met tuinders, omliggende gemeenten en bierbrouwer Heineken. Ook werd het bedrag tijdens de gesprekken opgehoogd van zestig naar negentig miljoen euro."

De commissie vroeg Visser meerdere keren of de raad wel volledig en goed was geïnformeerd. Visser zei dat gezien de omstandigheden de informatie voldoende was. Over sommige zaken moest nog verder onderhandeld worden en een paar zaken mocht vanwege geheimhouding niet gedeeld worden. 

Arjan van Gils volgde Visser in maart 2019 op als wethouder van Financiën. Van Gils vertelde vrijdag dat hij vind dat er veel naar de financiële kant van de zaak was gekeken, maar niet voldoende werd nagedacht over de uitvoering. Het was bijvoorbeeld niet duidelijk wie er voor de vergunningen in de verschillende gemeenten moest zorgen.

"Nu is dat geregeld. Vooraf moet al duidelijk zijn wie welke taken doet, net als de mogelijke risico's en moeten ook de afspraken nog beter zijn beklonken", zegt Van Gils. "Er zijn meer mensen beschikbaar voor de onderhandelingen. Het Warmtebedrijf is een te klein bedrijf en ook vanuit de gemeente was de ondersteuning soms te minimaal."

Tekst gaat door onder de video

Opvallend

Alle verhoren zijn nu afgerond.  Opvallend is dat wel met (oud-)wethouders, ambtenaren van de gemeente, directeuren van het Warmtebedrijf en de voorzitter van de Raad van Commissarissen is gesproken, maar dat er geen verhoren zijn geweest van gedeputeerden en ambtenaren van de provincie Zuid-Holland. Ook is er niemand van Shell, AVR en Eon verhoord.

Volgens Jan-Willem Verheij, voorzitter van de enquêtecommissie, is dat wel gevraagd, maar wilde niemand daaraan meewerken. Waarom, wordt niet verteld.     . 

Meer over dit onderwerp:
Nieuws Rotterdam Warmtebedrijf Politiek010
Deel dit artikel: